OV-stapper Texel: dag 2

Bertusnol en het verloren labcache-punt

Na een dag fietsen was het weer tijd voor een dag wandelen, etappe 2 van de OV-stapper of ook wel etappe 2 van het streekpad Waddenwandelen. Mijn moeder en ik lieten ons door taxi mijn vader droppen in De Koog, hemelsbreed was dit nog geen 3 kilometer van het vakantiehuisje af, maar vanwege de wegwerkzaamheden aan de weg waar ons huisje was, moesten we omrijden. Ook per fiets hadden we niet dwars door de weilanden gekund, trouwens. We gingen direct via een fietspad het bos in en al snel ging het bos over in de duinen.

We kwamen langs het uitkijkpunt op de Bertusnol en natuurlijk moest ik dat beklimmen. Mijn moeder ging zelfs mee, ondanks haar hoogtevrees. Het was een beetje mistig en bewolkt weer, wat het landschap een mysterieus tintje gaf. Later kwam ik erachter dat het punt van de TV-TAS labcache (op elk waddeneiland een punt) op de Bertusnol lag. Ik had de Slufter in mijn hoofd. Stom natuurlijk, want je moet op dat punt staan om de vraag te kunnen beantwoorden. En de rest van de week is het er niet van gekomen om nog een keer naar de Bertusnol te gaan, dus daarmee ging dit punt verloren.

Galloways in de Muy

De duinen gingen over in het natuurgebied De Muy. De route van deze dag kwam ons meer bekend voor dan die van de eerste etappe. We hebben vroeger (toen kwamen we bijna elk jaar op Texel, omdat familie er een caravan had. Die is allang verkocht en ik was dan ook 7,5 jaar niet op het eiland geweest) ook wel in De Muy en de Slufter gewandeld, terwijl we minder in de Geul kwamen. De Muy was wel veranderd: er liep nu een breed wandelpad, er was meer water en er waren lage bruggen over de waterpartijen. En er waren Galloway-koeien. Persoonlijk ben ik meer van de koeien dan van de schapen, dus de Galloways moesten op de foto: #maartjeskoeienfotos. Bij het infobord van de Muy hielden wij behulpzaam het hekje open voor fietsers en vonden we het antwoord voor het punt van de labcache Mooi Texel. Fietsers moesten hier dus het gebied uit, wandelaars konden verder lopen naar de Slufter.

Regen in de Slufter en de ruigpootbuizerd (wie kent hem niet?)

Helaas kregen we toen een regenbui over ons hoofd heen en was de Slufter niet op z’n mooist. Ook stond er erg veel water op de wandelpaden, omdat er vorige week hoog water was geweest tot ver in het gebied. We hielden droge voeten, maar de regen stopte pas toen we de Slufter alweer bijna uit waren. Het labcachepunt van de Slufter leverde veel problemen op, omdat het infobord was weggehaald. Op deze zelfde plek ontbrak het bankje dat ik nodig had om een punt van de Mythe van Texel (multicache met punten over het hele eiland) te kunnen beantwoorden. We wisten wel dat het antwoord op de vraag een vogel moest zijn, dus begonnen wij allerlei vogels in te typen. Niets was goed. Vogels op Texel gegoogled. Van alles geprobeerd, zonder resultaat. Uiteindelijk ben ik gaan zoeken naar een foto van het infobord. Die vond ik wel, maar de tekst was amper te lezen. Mijn moeder zoemde heel erg in en het moest toch echt een buizerd zijn. Dus ik weer googlen op soorten buizerds. Het was de ruigpootbuizerd. Deze vogelsoort gaan we nooit meer vergeten en de rest van de week was ruigpootbuizerd ons stopwoord. We hebben daar bijna een half uur gestaan denk ik.

De dubbele vuurtoren

Je mag dan niet meer verder wandelen door de Slufter, het grootste gedeelte is ontoegankelijk broedgebied voor vogels. Dus moesten we verder aan de andere kant van de duinovergang. Over het fietspad. Kilometers lang over het slingerende fietspad door de duinen tot aan het Landalpark. We begonnen nu aan de tocht naar de vuurtoren. We gingen een stukje door de duinen en daarna een stuk over het strand, dat was weer een lekker stuk, ook al waaide het nu een stuk harder dan tijdens etappe 1. We hadden de vuurtoren al de hele dag in de verte zien staan en nu kwamen we steeds dichterbij. Ik hoopte dat ik nog op tijd zou zijn om de vuurtoren te kunnen beklimmen, want dat stond op mijn Texel Bucket List. Voor mijn moeder was dit het eindpunt en die hoopte op een lekker hapje in het restaurant bij de vuurtoren. Helaas bleken alle restaurants in die omgeving gesloten te zijn, omdat het maandag was. Dus moesten we het doen met de chocolade uit onze rugzak.

Mijn moeder was klaar met de wandeling en belde mijn vader voor een lift. Ik wilde nog heel graag de knalrode vuurtoren op en reserveerde via internet op mijn telefoon een tijdslot. Dat ging twee minuten later al in, dus liep ik meteen naar de ingang van de vuurtoren. Ik ben in het verleden dus best wel vaak op Texel geweest, maar heb nooit eerder de vuurtoren beklommen. Terwijl ik toch al jarenlang dol ben op allerlei soorten uitkijktorens. De vuurtoren telt verschillende verdiepingen en is meteen ingericht als een museum over de geschiedenis van vuurtorens en deze in het bijzonder. Zo wist ik niet dat de nieuwe, rode vuurtoren om de oude vuurtoren is heen gebouwd. Die liep bomschade op in de tweede wereldoorlog en dus besloot men om een nieuw toren eromheen te bouwen. Op een verdieping kun je tussen de twee vuurtorens heenlopen en de kogelgaten zien zitten.

Ook ging het over de lampen en hingen er overal foto’s van de vuurtoren in alle weersomstandigheden en hoe hij er vroeger en nu uitzag. Ik vond het wel interessant. Op de top was de meldkamer nog precies zo ingericht als in 1989, toen de vuurtoren voor het laatst bemand werd. Compleet met stokoude computers en theepot. Tegenwoordig wordt hij op afstand bediend. Wel zitten er twee reservelampen in die aangaan zodra de hoofdlamp kapot gaat. Want de vuurtoren is nog wel in functie en laat dan ook elke nacht zijn licht over de zeeën schijnen, want de Noordzee en de Waddenzee komen samen zo rond de vuurtoren. Op de top van de vuurtoren waaide het extreem hard, maar ik had wel een superuitzicht. Je kunt as far as your eyes can see over de zee uitkijken. Natuurlijk kon je Vlieland zien liggen, dat is hemelsbreed maar 2,5 kilometer van Texel af. Iemand anders die op de toren stond grapte dat ze best een brug konden slaan tussen Texel en Vlieland. Ik zwaaide ook nog naar mijn moeder, die beneden op mijn vader stond te wachten. Als je onderaan de vuurtoren stond en omhoog keek langs de toren, leek het net of hij bewoog, maar dat kwam vooral door de bewegende wolken. Gezichtsbedrog dus. In de toren zat een winkeltje met allemaal vuurtorenspullen, maar ik heb niets gekocht.

Virtuele picknick zonder eten

De toren werd trouwens druk bezocht, er waren overal mensen. Nou was het natuurlijk wel herfstvakantie en midden op de dag. Na een paar rondjes over de toren ging ik weer naar beneden. De ouders waren ondertussen al doorgereden naar De Cocksdorp, ik ging die drie kilometer nog wandelen, zodat ik de hele wandeling gedaan had. Het eerste stukje ging door een klein duin- en struingebiedje. Daarna moest ik een heel stuk over een verharde dijk tot aan De Cocksdorp lopen. Aan de zeezijde had ik nog wel uitzicht op een vogelgebied en daar kon ik nog de virtuele cache doen. Eigenlijk moest je daarvoor een picknick houden aan een betonnen picknicktafeltje, maar ik had geen eten meer bij (wel honger ondertussen) en het waaide daar best hard, dus alleen maar een foto van mij met het tafeltje gemaakt en de vraag beantwoord. Je kon meteen een mailtje sturen naar zo’n automatisch adres en mijn antwoord werd goedgekeurd. Wel een idyllisch plekje voor vogelaars, er gingen er nog een paar het wad op met gigantische verrekijkers.

Omdat er vrijwel niets open was in De Cocksdorp, verveelden mijn ouders zich, dus op een bepaald moment belde mijn moeder op dat ze mij op kwamen halen, waar ik ook was. Nou was ik toevallig precies op het eindpunt van de etappe, bij het sluisje aan het einde van de hoofdstraat van De Cocksdorp. Dus hoefden ze maar een heel klein stukje te rijden.

Conclusie

Deze etappe is wat minder dan de eerste etappe. Het eerste stuk is wel mooi, langs de Bertusnol, door de Muy en De Slufter. Daarna volgt er echter een vrij saai, verhard stuk. Stukje strand rond de vuurtoren is nog wel leuk (en de beklimming van de vuurtoren is een aanrader), maar daarna is het ook weer veel verharding tot aan het eindpunt in De Cocksdorp. Ook is er nauwelijks horeca onderweg, zeker op maandag is dus alles gesloten.

Wel heb ik tijdens deze dag twee punten van mijn Day Zero Project 2.0. vervuld: een wandeling van de Wandel Bucket List (doel 39) en het beklimmen van een voor mij nieuwe uitkijktoren, de vuurtoren (doel 100).

OV-stapper Texel: dag 1

Texels imaginaire spoorlijn

In oktober verbleef ik met familie een week op Texel en het lopen van de tweedaagse OV-stapper op het eiland stond hoog op mijn Texel Bucket List. Volgens de weersvoorspelling zou het prachtig wandelweer worden op onze eerste volle dag op het eiland, dus mijn moeder en ik besloten ervoor te gaan. Mijn vader is niet zo van het wandelen, dus die kon mooi voor taxi spelen. Want tja, deze OV-stapper begint en eindigt natuurlijk niet op een station, zoals bij normale OV-stappers/NS-wandelingen (OV-stappers zijn de oude NS-wandelingen). Jah, ik vind het dus vrij hilarisch dat Texel een tweedaagse NS-wandeling heeft, want er is geen spoorrails en daaruit volgend ook geen treinstation of trein. Er zijn wel bushaltes, maar er rijden geen grote bussen zoals bij ons in Brabant, meer een soort van taxibusjes.

Prachtige wandeling

Een prachtige wandeling, vooral ook omdat hij vrijwel helemaal onverhard is. Je steekt een paar keer een verharde weg of fietspad over en moet soms een klein stukje daaroverheen, maar het zijn hoofdzakelijk paadjes door natuurgebieden. Je gaat van duinen, naar het strand en door de bossen en dan weer door de duinen. Onderweg kom je dus genoeg horeca tegen en je eindigt natuurlijk in De Koog, het meest bruisende dorpje van Texel met veel terrassen en souvenirwinkeltjes. Deze wandeling is absoluut een aanrader, met onderweg de meest prachtige uitzichten. Onderweg zie je met een beetje geluk een heleboel vogels, koeien en schapen. De wandeling is trouwens ook terug te vinden als de eerste Texel-etappe van het streekpad Waddenwandelen (dat loopt over zes waddeneilanden, de vijf Nederlandse en het Duitse Borkum). Ik had daar een boekje van geleend bij de bibliotheek, maar alleen gebruikt voor de info. De bordjes van Waddenwandelen vind je wel overal op de route als wegwijzers. Ik gebruikte echter een gpx-track die ik in mijn gps had geladen, want ik ben nou eenmaal een ontzettende gps-addict. Die gps-track downloadde ik op Wandelnet (je betaald ongeveer 15 euro per jaar en kan dan onbeperkt gps-tracks downloaden).

Mistige Mokweg, Munzee, geocaching en Adventure labcache

Officieel start de wandeling bij de haven van de veerboot; ’t Horntje. Maar dan moet je eerst een stuk over een asfaltweg lopen om bij de ingang van natuurgebied de Geul te komen, dus ik besloot dat we dan net zo goed konden starten bij die ingang. Dus navigeerde ik mijn vader daarheen (hij heeft echter niet zoveel vertrouwen in mijn gps, misschien omdat ik die Smaug heb genoemd, naar de draak uit The Hobbit). Als ik ergens goed in ben is het echter wel navigeren, dus natuurlijk reden we gewoon goed. Het was nog amper 10 uur toen mijn moeder en ik uit de auto stapten. De waas van de zonsopkomst hing nog boven de inham aan de zeekant, maar de veerboot was al enkele uren aan het varen. De hele wandeling konden we de veerboot nog zien varen, eerst van dichtbij, later steeds meer in de verte.

Nadat mijn vader vertrokken was, moesten wij eerst op zoek naar het infobord van De Geul. Op Texel ligt namelijk een Adventure labcache met punten verspreid over vijf natuurgebieden aan de westzijde van het eiland: De Geul, de Bollekamer, de Dennen, de Muy en de Slufter. Dat bord bleek nog een parkeerinhammetje verderop te staan, dus we moesten alsnog een stukje over de asfaltweg. En we konden het antwoord op de vraag niet vinden op dit bord. Wel bleek er een Munzee-sticker op het bord te zitten die al vijf jaar niet meer gescand was, maar die het nog prima deed. Als de sticker nu maar van de schok is bekomen om 2x binnen een minuut gescand te worden, haha. Wij googleden het antwoord op de vraag en liepen naar het uitkijkpunt een paar meter verderop. En daar stond dus nog een bord en daar stond het antwoord op de vraag groot op. Altijd verder kijken dan je neus lang is…

Gebrek aan vogelaarskills

We begonnen nu echt aan de wandeling en gingen al snel de Geul in, tussen de Horsmeertjes door. We liepen al snel een paadje in dat naar een uitkijkpunt over de Horsmeertjes ging, want hier was een cache te vinden met de welluidende naam Link 3. Wij zochten veel te moeilijk; ik hing al op mijn kop onder het infobord te gluren, toen de cache gewoon achter het muurtje van houten paaltjes bleek te staan. Was nog best een grote bak ook. Helaas zaten ook hier geen trackables in (uiteindelijk geen enkele trackable gevonden gedurende de hele week). We keken nog even naar de vogels verderop op het meertje, maar bij gebrek aan verrekijker en echte vogelaarskills, besloten we toch maar verder te lopen. Het pad werd steeds smaller en liep van de Geul de duinen in. Hier was het wel even door het zand ploeteren. Andere mensen kwamen ons met een knalrood hoofd tegemoet, maar zo moe waren wij nog niet, zo vlak na de start. Ik krijg op de waddeneilanden altijd een sterk Lord of the Rings-gevoel, alsof ik Aragorn ben die daar met de Fellowship of the Ring door het land trekt.

Het eindeloze strand en belachelijk dure consumpties

Na de ploetertocht door de duinen bereikten we het strand. De eerste blik op de zee voelde erg goed. Gisteren hadden we de zee natuurlijk al gezien, toen we overgingen met de veerboot en vanmorgen ook al bij de start van de wandeling, maar nu we echt op het strand aan kwamen, voelde het pas echt. We mochten een paar kilometer over het strand wandelen en dat was heerlijk. Het was niet te warm, niet te koud, er stond geen harde wind, het was gewoon echt fijn strandwandelweer. De zee was zich terug aan het trekken, dus het natte zand liep lekker door. Er hing ook een prachtige wolkenlucht boven de zee, dus er werden veel foto’s gemaakt. Ook waren we op zoek naar mooie stenen om mee te nemen. En er waren schelpen en kwallen (ik vind dat zulke vieze beesten).

Bij Paal 9 gingen we de duinovergang over en lieten we ons verleiden om koffie/thee met appeltaart te eten. Waar we een absurd hoog bedrag voor af mochten rekenen, maar ja ze kunnen hier op Texel vragen wat ze willen, de mensen kopen toch wel.

De Dennen, Ecomare en Munzees vangen is heel gevaarlijk

Wij weken een stukje van de route af om een punt van de labcache Mooi Texel te kunnen loggen bij het bord van de Bollekamer. Deze vraag was wel goed te beantwoorden en hier gingen we meteen het natuurgebied weer in. Eerst door de duinen, later liepen we het grootste bos van Texel binnen: De Dennen. Hoewel ik duinen en strand ook mooi vind, ben ik toch vooral een bos en heidemeisje. Het bos was nog mooi in herfsttooi, dus heerlijk wandelen. We kwamen langs het Bospaviljoen en mijn moeder streek vast neer op het terras terwijl ik nog naar het uitzichtpunt liep. Dat was verder lopen dan ik dacht, maar het uitzicht was wel de moeite waard.

De lunch was lekker en na het vangen van de Munzees rondom het Bospaviljoen ging de wandeling verder. De paden werden nu wat breder en het gebied weer meer duinachtig. We liepen in de richting van Ecomare en mijn moeder begon er genoeg van te krijgen. Daarom sloegen we het labcache-punt in de Dennen ook over: dat lag te ver uit de richting. Mijn moeder wilde stoppen bij Ecomare, ik wilde nog doorlopen tot aan het eindpunt in De Koog. Ik liep mee naar Ecomare om de Munzees daar te vangen en nog een cache te loggen. Bij een Munzee bleef mijn enkel hangen achter een ijzerdraadje dat vlak boven de grond was gespannen in hoog gras, waardoor ik het niet gezien had. Ging ik lekker op mijn neus en had ik de rest van de week een reusachtige blauwe plek op mijn been. Gelukkig kon ik nog wel lopen. Mijn ouders gingen per auto richting De Koog, ik ging de laatste drie kilometer nog wandelen.

Het laastste stuk van de wandeling liep weer door duingebied en er zat nog wat hoogteverschil in. Aan de ene kant een camping die nu bijna verlaten was, aan de andere kant stukken bos. Binnen het uur kwam ik aan in het centrum van De Koog, waar ik mijn ouders aantrof op een terras.

En achter mij vaarde nog steeds de veerboot heen en weer in de verte.

Day Zero Project 2.0.: doel 38

Deze wandeling stond ook op mijn Wandel Bucket lijst en daarmee heb ik een doel van mijn Day Zero Project 2.0. vervuld.