Geocachingverhalen uit het verleden: geiten en een giraf op Texel?

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 14 juli 2009:

Stephanie, Anke en ik kampeerden een week op Texel en natuurlijk moest het hele eiland leeg gezocht worden. Vandaag gingen we op zoek naar geiten tussen de schapen en ontmoette ik een giraf op Texel.

Het verhaal:

Deze dag was het weer mooi weer en we zijn de hele dag op cache-jacht geweest. Hierbij hebben we bijna het hele eiland rondgefietst, langs heel veel caches voor Stephanie (die wij al hadden gedaan bij een eerder bezoek aan Texel) en ook nog een paar voor ons. Zoals A & N’s Special. Geen idee wie A & N zijn, maar de cache zat leuk verstopt, in een soort van nep-dennenappel.

Bij de uitkijktoren op de Fonteinsnol waren Anke en ik al eerder geweest, dit was namelijk de plek waar drie fietspaddestoelen vlakbij elkaar stonden voor waymarking. We waren toen niet in de uitkijktoren geklommen, maar nu moest dat wel, voor de cache. Die zat heel grappig aan de buitenkant van de trap verstopt. Hij werd weer door Stephanie gevonden. Die heeft deze week de vind-de-cache-als-eerste-competitie ruimschoots gewonnen.

Het was tijd voor mijn twee mysterie-caches. Van beiden was ik er niet van overtuigd dat we ze zouden gaan vinden, omdat van allebei het eindcoördinaat niet zeker was. Anke en Stephanie hadden volgens mij zoiets van: laat Maartje maar doen, wij fietsen wel mee en kijken wel of het wat is.

Voor de ene cache (die ik pas per toeval had ontdekt, 3 dagen voor we vertrokken) moest je een locatie opzoeken op Google Earth. Dat had ik al eerder gedaan en omdat ik wist dat het zoekgebied beperkt was tot een bepaalde hoek van Texel, had ik het nu heel snel gevonden. Het was alleen niet duidelijk waar nou precies die cache moest liggen. Dus ik was bang dat we op de locatie het hele bos uit moesten kammen. Dat bleek mee te vallen. We fietsten het doodlopende pad tussen een weiland en een bos in en op het eindpunt stond een hek en daar lag de cache al bij. Ik was opgelucht dat we deze zo snel gevonden hadden. Nu moest zijn broertje er nog aan geloven.

Voor die cache moest je vijf gefotografeerde locaties op Texel vinden en dan een soort van projectie maken. Een paar foto-locaties herkende ik wel, maar ik begreep niet hoe je die projectie moest maken. Als een ware cache-jager had ik wel alle logjes doorgelezen op zoek naar hints. Ook Anke had dat gedaan. Zo waren we er achter gekomen dat de cache bij een geitenfarm moest liggen. Want op heel veel foto’s stonden geiten. Nou is Texel meer een schapen-eiland en geiten komen niet zo veel voor. Dus had ik gezegd dat ze heel hard “geit” moest schreeuwen als ze er eentje zagen lopen. Ja, dat zorgt dus voor grappige momenten en er werden veel nep-geiten gezien. Uiteindelijk zagen we alledrie tegelijk de echte geiten en Anke en ik riepen om het hardst dat dat de geiten van de spoilerfoto’s waren. Dus wij sprongen van onze fietsen en vonden al snel de cache. Ha, ook deze kon mooi van de lijst.

Nu hoefden Anke en ik nog maar 1 cache en dat was de Havensluis. Deze lag bij een sluisje dat ik al kende van 1 van de foto’s van de Zuidwesthoek Texel. Volgens de meeste logjes was deze locatie moeilijk te vinden. Nou, mooi niet dus. Bij vrijwel elke foto lag een cache van de Caching Texel-serie. Wel een plekje waar je zonder het geocachen niet snel zou komen.

Hiermee waren de Heideroosjes voorlopig klaar met geocaching op het eiland, dus de rest van de dag gingen we langs caches die wij al hadden, maar Stephanie nog niet. We fietsten lekker over een fietspad langs de zee. We maakten een tussenstop in Oudeschild. Anke en Stephanie voor een ijsje, maar ik was geobsedeerd door de giraf… want jawel, zelfs op Texel hadden ze een giraf! Een levensgrote giraf van plastic, die daar stond als reclame voor een of andere tentoonstelling over de Ark van Noach. Hierna gingen we weer verder over het zee-fietspad naar de IJzeren Kaap, een oud vuurbaken. Daarna nog langs molen de Krassekeet en vervolgens terug naar de camping. Voor vandaag hadden we het wel gehad. Flink wat kilometers gefietst. Een hoop caches gevonden en ook nog een paar fietspaddestoelen gespot, die ik later kon claimen op waymarking.

Wat ik hier op 14 juli 2022 nog aan toe te voegen heb:

Texel is het waddeneiland waar ik het vaakste ben geweest. Gelukkig verschijnen er steeds weer nieuwe geocaches, zodat ik ook bij mijn laatste bezoek, in oktober 2021, weer vooruit kon.

Geocachingverhalen uit het verleden: Lingezegen

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 7 juli 2017

Na een gesprek voor een stageplek in de ochtend ging ik de rest van de dag per OV-fiets op pad om te geocachen om de datum te redden voor het Geocaching Datum Project.

Het verhaal:

Vandaag had ik een gesprek voor een mogelijke stage in Arnhem (ik heb daar uiteindelijk ook echt mijn stage gedaan). Maar het was ook een 3-cache-datum, de enige overgebleven datum van juli. Dus was mijn idee om daarna in die omgeving te gaan geocachen. Ik maakte me zorgen of ik wel genoeg caches zou kunnen vinden, want het idee was om er minstens 7 te vinden, zodat ik op 10 founds zat. Daar had ik me helemaal niet zo druk om hoeven te maken, want uiteindelijk vond ik 15 geocaches en dan ook nog eens vier verschillende types: virtual, earthcache, multi en traditionals.

Ik heb een zwak voor virtuele caches, omdat ze heel zeldzaam zijn (Aanvulling: er mochten een hele tijd geen nieuwe virtuele caches online komen, maar nu zijn ze soms weer toegestaan, daardoor zijn er nu een heleboel meer. In 2017 waren er nog maar een stuk of 35 in Nederland.) Al heel lang stond die van Arnhem op mijn verlanglijstje, maar met de Walk of Wisdom en de NS-wandelingen van de laatste tijd, kwam ik steeds niet in de buurt van deze brug; de John Frost-brug over de Rijn. Nu zocht ik eerst beneden tevergeefs naar een gedenkplaat, tot ik begreep dat ik op de brug moest zijn. Omdat ik toch over de brug moest fietsen, voor de rest van het programma, sleurde ik mijn OV-fiets de trap op. Het was een erg steile fietsgoot, dus het was een heftig opsleep-moment. Wel stond ik boven aan de trap meteen bij het monument. Er lagen zelfs nog bloemen bij, waarschijnlijk van de herdenking in mei. Ook begreep ik nu waarom hij Pegasus Bridge heet, er zitten allemaal tegels met een afbeelding van het mythische paard ingemetseld. Het is de bijnaam van de brug, vernoemd naar Operatie Pegasus; een militaire operatie in oktober en november 1944 met als doel geallieerde militairen na de Slag om Arnhem vanuit bezet gebied te evacueren over de Nederrijn naar geallieerd gebied, als onderdeel van Operatie Market Garden. John Frost was een luitenant-kolonel van het tweede bataljon van de Eerste Britse Luchtlandingsbrigade. Dit is ook de brug van de film A bridge too far, maar de brug zelf werd niet in de film gebruikt, er is gefilmd bij de Wilhelminabrug in Deventer. Ik beantwoordde de vraag en maakte nog wat foto’s als bewijs. Meestal stellen de vragen bij virtuele caches helemaal niets voor, het is vooral de zeldzaamheid en het oergevoel wat het hem doet bij virtuals.

Pegasus Bridge

Ik fietste door in de richting van Park Lingezegen, dat is een landschapspark wat nog in aanleg is. Onderweg kwam ik langs het gehucht Elden en hier zat een trad verstopt in het plaatsnaambord. Ik moest wel even mijn OV-fiets-van-de-dag als opstapje gebruiken om erbij te kunnen. Toch mooi een extra found.

In Park Lingezegen aangekomen, ging ik eerst voor de earthcache. Op het 0-punt trof ik echter geen informatiebord aan. Dus maar een foto van het water gemaakt. Je moest op de foto met een “verroest” bord met de naam Lingezegen erop en ik had gezien dat die eentje bij de ingang van het park stond. Later bleek zelfs dat ze bij alle toegangswegen stonden, dus bij de eerste die ik tegen kwam een foto gemaakt. De vraag bleek ook al in de tekst van de cachebeschrijving te staan, dus ook op die manier ingestuurd. Beetje apart zo, maar hey, het is een earthcache.

Een cache die Automatiek heet, klinkt in mijn ogen niet zo aantrekkelijk, maar het bleek een automatiek te zijn met allemaal boerenproducten uit de omgeving. De cache zat in een melkbus en ik had moeite om die open te krijgen, maar het lukte. Het was best wel warm deze dag en ik droeg veel te warme nette kleding vanwege dat gesprek. Ik had dorst en besloot om een fruitdrankje uit de automatiek te halen. Het zat alleen in een glazen fles, dus moest ik het meteen opdrinken, want glas is lastig te vervoeren per fiets als je geen fietstassen of zoiets hebt. Maar dan had ik toch even wat vocht op. Het flesje kon ik meteen weer inleveren daar.

Na mijn drankje fietste ik verder, ik deed twee caches bij “monumenten”. De een lag achter een elektriciteitskastje, de minst aantrekkelijke locatie van vandaag. Was ook nog lastig te vinden, want hij zat in de boom, in plaats van op de grond. Wel een schoner idee, omdat het daar vast ook als toilet werd gebruikt. De andere cache lag bij een vaag monumentje, maar ik weet eigenlijk niet meer waar het voor was. Iets met een dijkafsluiting, volgens mij. Cache lag een beetje oneerbiedig achter het monumentje.

Het Liberation Monument was opvallender, groot en op een mooiere, opvallende locatie. De cache lag hier ook een stukje van het monument af, zoals het in mijn ogen hoort. De caches met de naam Urnenmuur vond ik eerst niet zo aantrekkelijk klinken, dacht aan een kerkhof. Maar het bleek om een kunstproject te gaan, met een lange muur en heel veel planten. De caches, vooral die in de muur, zaten vrij sneaky verstopt, maar heb ze wel allebei gevonden. Er was een heel mooi, natuurlijk begroeid afdak, zoiets zou ik wel in mijn imaginaire droomtuin willen hebben. Ik vond het hele park eigenlijk wel inspirerend, ik houd wel van die combinatie tussen natuur en cultuur.

Natuurlijk werd ik spontaan verliefd op de Moeras Hoeders – ook een kunstproject – van grote vogelverschrikkerpoppen, die op Jack uit de Nightmare before Christmas leken. Ze hielden maar liefst drie caches in het vizier, eentje zelfs op de standaard van een Moeras Hoeder. Je moest naar de Hoeders toestruinen en daar houd ik wel van: traditionals die je niet zomaar kan loggen, maar waar je iets voor moet doen. Bij voorkeur te voet of per fiets.

Aan de overkant van het pad lag weer een ander “vakje” van het park en hier lag ook een drietal caches: de vogelpoorten en Huissen #1. Die laatste was een korte multi, maar de vraag ging ook over de vogelpoorten. Dus loste ik die vraag op, vond Vogelpoort #2 op mijn route en vervolgens de multi bij het vogelkijkscherm. Er was ook heel veel water in het park, met allemaal touwen om een bepaald soort waterplant te laten groeien. Zag er heel apart uit. Ik wandelde nog verder naar de tweede Vogelpoort en daarna terug naar mijn fiets. Het was nu tijd om naar het station te fietsen, onderweg bezocht ik nog een supermarkt om iets te drinken te kopen, want ik had vreselijke dorst en ik kon pas na 18.30 uur reizen vanwege de spits en mijn treinabonnement.

Wat ik hier op 7 juli 2022 nog aan toe te voegen heb:

Lingezegen vond ik een verrassend mooi park, ik ben er later nog eens doorheen gelopen (wel een ander stuk) tijdens een NS-wandeling. De Pegasus Bridge heb ik tijdens mijn stage elke keer gezien.

Vanaf deze week komen er data aan de beurt voor de geocachingverslagen uit het verleden die ik al eerder heb gehad. Het verhaal van 7 juli 2007 lees je hier.

MaandMoves: juni 2022

Net als vorig jaar ga ik proberen om elke maand op de laatste dag een soort van maandoverzicht te geven.

Juni

Qua weersomstandigheden ging het op en neer van kurkdroog naar zeiknat met flinke plensbuien. Het was verder geen heel bijzondere maand.

Wandelen, geocaching en Munzee

Er werden 88 geocaches gevonden deze maand. Eentje door Anke (wel op een datumdag) en de rest door mij. Er waren nog vier data voor het Geocaching Datum Project in juni en die zijn allemaal opgelost; de laatste pas vanmorgen in alle vroegte; ik had er speciaal een labcache in Oisterwijk voor bewaard en vanwege de weersvoorspelling (het ging ’s avonds keihard regenen) besloot ik al voor mijn werk te gaan. Dat pakte best wel goed uit eigenlijk; ik had een miracle morning bij de Oisterwijkse bossen en vennen. De data voor het GDP zitten nu onder de tien! Nog maar acht data te gaan; vijf komen er dit jaar nog voorbij en drie volgend jaar. Juni is daarmee de zesde maand die helemaal opgelost is na juli, augustus, oktober, januari en mei. Voorlopig dus even pauze van het GDP, want de volgende data zijn pas in september.

De wandelingen van deze maand waren bijna allemaal gerelateerd aan geocaching. Daarvoor wandelde ik over Landgoed de Velder bij Best en langs het enige Nederlandse stuwmeer de Cranenweyer bij Kerkrade. Verder weer veel gewandeld in de Oisterwijkse bossen en vennen en over de Kampina.

Verder ving ik ook een heleboel Munzees. Bij de Cranenweyer bleek een Munzee Garden te liggen; dat is een heel groot veld van virtuele Munzees die er op de kaart meestal uitzien als een mooi patroon. Ik ving de accu van mijn telefoon en mijn extra voeding leeg en toen moest ik ermee ophouden. Daarom heb ik nu een powerbank met veel meer mAh gekocht, want als ik de Munzee-app, de geocaching-app en de labcache adventure-app afwisselend draai, is mijn accu relatief snel leeg. Ook kreeg ik het advies om mij bij een zogenaamde Munzee Clan aan te sluiten. Dit is een groep van maximaal tien Munzeejagers die samen naar een bepaald doel toe werken. Als dat doel gehaald wordt krijg je bijvoorbeeld Munzees die je zelf kan plaatsen of punten om Munzees te kopen in de Munzeeshop. Na een tijdje zoeken kon ik mij aansluiten bij een internationale clan met mensen van over de hele wereld. Ik ben de enige Nederlander en volgens mij ook de enige vrouw, maar whatever, ik ga ze hoogstwaarschijnlijk toch nooit in levende lijve ontmoeten. In ieder geval is het doel van juni gehaald, dus nu kan ik weer wat eigen Munzees plaatsen.

Spelletjes

Juni was de beste spelletjesmaand van 2022 tot nu toe. Dankzij de vele regenbuien werden er zowel ’s avonds als soms ook ’s middags spellen gespeeld. Dus speelde ik maar liefst 89 potjes van 43 verschillende spellen. Het vaakst gespeelde spel is Elixer Mixer; een kaarspelletjes waarbij je verschillende toverdrankjes moet mengen. Het kost maar een paar euro en we hebben er al veel plezier van gehad.

Op dit moment zijn Maracaibo en Everdell mijn lievelingsspellen (maar dat kan morgen weer anders zijn). Die eerste is een tactisch piratenspel met heel veel opties (waarin verschillende speltechnieken worden gecombineerd) en duurt wel een paar uur, maar hebben we toch 2x gespeeld deze maand. Everdell is een spel met bosdieren (door mij nog steeds critters genoemd, omdat ik het eerst in het Engels heb gespeeld) en iets minder moeilijk dan Maracaibo, maar wel ook heel leuk en met veel mogelijkheden. We spelen meestal met de rivieruitbreiding Pearlbrook erbij.

Kijken

Whaha, veel tv gekeken heb ik niet deze maand. Wel 1x naar de bioscoop geweest, naar Lightyear. Prima film voor een keertje, maar was wel anders dan wat ik ervan had verwacht. Vond het niet echt een kinderfilm en ik miste het Toy Story sfeertje. Robotkat Sox is wel een leuk karakter. En helaas ook geen 3-Oog Aliens in deze film. Dat was al wel voorspeld (ze zijn merchandise van Pizza Planet en niet van Lightyear, maar toch jammer). En die sombere toekomstige wereld waarin alle planten vijanden zijn…hoeft zeker ook niet van mij.

Verder

Wil ik nog steeds dolgraag een andere woning – en moet ik hier ook weg omdat het over een kleine 1,5 jaar gesloopt gaat worden – maar de sociale huurwoningen zijn dun gezaaid in Oisterwijk (ik zou ook nog wel naar Berkel-Enschot willen verhuizen, maar daar hetzelfde verhaal). Veel woningen zijn alleen voor 55-plussers of vallen in de duurste categorie of zijn alleen voor gezinnen. Er was de afgelopen maand één woning die in aanmerking kwam – iets groter dan deze woning en mét een tuintje – en helaas eindigde ik als tweede en zei de eerste ja. Dus balen voor mij, want in gedachten had ik woning en tuin al zo’n beetje ingericht.

Ook wilde ik bij een schrijfgroepje via de bibliotheek om een stok achter de deur te hebben om eindelijk dat boek eens (af) te schrijven. Maar dat schrijfgroepje bleek nogal populair en zat dus al vol. Nu sta ik op de wachtlijst voor een groepje dat hopelijk later dit jaar van start gaat.

Bezocht ik eindelijk het Ouwehands Dierenpark. Daar wilde ik al heen sinds de reuzenpanda’s er zijn en al helemaal sinds de babypanda Fan Xing is geboren. Toen kwam corona en ondertussen is Fan Xing al twee jaar en gaat hij bijna naar China (de twee volwassen panda’s zijn in bruikleen en alle jongen vervallen weer aan China). Gelukkig was hij er nu nog wel en heb ik hem zelfs kunnen bewonderen toen hij buiten aan het spelen was. Dat was een actief moment, want panda’s zijn heel luie beesten. De vaderpanda is de hele dag (ik ben 3x gaan kijken) niet van zijn plek afgekomen en de moederpanda werd alleen actief toen ze bamboe kreeg.

Geocachingverhalen uit het verleden: de eerste en enige Oostenrijkse cache

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 30 juni 2013:

Hoe ik onze eerste en vooralsnog enige cache in Oostenrijk vond.

Het verhaal:

Samen met een heleboel andere leden van Kanovereniging Oisterwijk ging ik op kanovakantie in Slovenië. De geocaching-app bestond toen nog niet en ik had volgens mij ook nog geen internet op mijn telefoon. Dus had ik lukraak een paar caches langs de Oostenrijkse snelweg ingeladen. Ik zat in de auto met drie andere leden, die niet aan geocaching deden en ik wilde ook niet te obsessief overkomen. Dus ik had eigenlijk heel veel geluk dat we precies op deze pauzeplaats gingen stoppen om te tanken. Voor de cache moest je een klein stukje lopen en iedereen had wel zin om de benen te strekken na de urenlange autorit, dus zo vond ik onze enige en eerste Oostenrijkse cache in gezelschap van drie gastzoekers. Omdat ik (of Anke) na deze vakantie nooit meer in Oostenrijk zijn geweest is dit nog steeds onze enige found in dit land.

Wat ik hier op 30 juni 2022 nog aan toe te voegen heb:

Wat dat betreft gaat geocaching nu wel veel makkelijker. Er is internet op mijn telefoon. Er zijn diverse geocaching-apps. Als ik nu een lange autorit moet maken en we stoppen ergens bij een tankstation, dan kan ik meteen op de geocaching-app zien of daar een cache ligt. Zo had ik vorig jaar nog een onverwachte found langs de snelweg in Frankrijk, toen we naar huis reden vanaf Disneyland.

In 2013 laadde ik ook nog alle geocaches per stuk in. Voor een vakantie kon ik daar uren mee bezig zijn. Eerst de omgeving verkennen met de geocaching google maps, dan alles waarvan ik dacht dat we er langs zouden komen er één voor één in zetten… Tegenwoordig maak ik een query en kan ik honderden caches tegelijkertijd in mijn gps laden. Ik had toen al wel een gps met een kaart, dat vond ik al heel wat. Alleen was dat een kaart van West-Europa en daar viel Slovenië buiten, dus was het alleen een basiskaart. Het geocachen ging erg moeizaam (en de hoofdactiviteit van die week was natuurlijk kanoën), maar ik was toch heel trots op 7 caches waarmee ik drie nieuwe landen op de kaart zette binnen een paar dagen: Slovenië, Italië en Oostenrijk dus.

Geocachingverhalen uit het verleden: tijgermuggen en heiligen rondom Scherp-Zichem

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 23 juni 2008:

Anke en ik gingen weer eens op slagdag bij de zuiderburen.

Het verhaal:

Mijn droom is nog steeds om ooit als Nederlander Kilocacher (dus 1000 Belgische geocachingfounds) in België te worden. Daarom gingen Anke en ik weer een keer een dagje cachen over de grens.

Mijn keuze was gevallen op Rondje Scherp-Zichem, een relatief nieuwe serie in België die bestaat uit regulars en korte (off-set) multi’s. We hadden het complete Rondje S-Z bij, de serie Brabantia Flandrensis en nog wat oppikkers die daar ook lagen. Het doel was om de 800ste found te scoren die dag, maar eigenlijk hoopten we het rondje compleet af te kunnen ronden en dus heel veel geocaches te vinden. Het verliep allemaal een beetje anders. De caches bleken flinke afwijkingen te hebben. Maar wij hadden de spoilerfoto’s niet mee uitgeprint, die we toch echt nodig hadden (en toen hadden we nog geen telefoons met internet). Daarnaast was T.T. kapot, dus die kon ook al niet mee, we moesten dus op de kaart en de GPS rijden. Ook zonder T.T. stonden we binnen het uur in Zichem. Daar vonden we de eerste cache snel, maar die was al met een afwijking. We gingen verder met de eerste twee BF’s, die we ook relatief snel vonden, na stukjes wandelen.

Hierna ging het fout, er kwamen een hoop not-founds insluipen. Af en toe zagen we het niet meer zo zitten en het dagdoel werd steeds verder naar beneden geschroeft. Het dieptepunt van de dag was de Voortberg. Deze berg ligt zomaar ineens midden in het landschap en is begroeit met een bos. Wij kwamen natuurlijk van de verkeerde kant af en moesten helemaal om de berg heenlopen, voor we er op konden klimmen. Het was ondertussen behoorlijk warm geworden, dus wij zweetten ons te pletter en werden lek gestoken door de grote hoeveelheid muggen die de berg als thuisbasis hadden uitgekozen. Omdat de meeste muggen groot en gestreept waren, doopte ik ze om tot tijgermuggen. Nadat we 3x de berg op en neer waren geklommen, hadden we wel de Dwarf-Doc (van een serie rond de 7 Dwergen van Sneeuwwitje) en de BF-Voortberg gevonden, maar niet de Rondje S-Z Voortberg-cache. Die lag volgens onze berekening aan de andere kant van het spoor, maar daar konden we niet komen vanaf de berg.

Lichtjes gefrustreerd gingen we verder met andere caches. We vonden toch nog wel het een en ander, vooral veel bij kapelletjes, waar ze er in België heel veel van hebben.

Het volgende dieptepunt beleefden we op een andere berg, de Wijngaartberg. Nadat we eindelijk hadden gevonden hoe we over een volgens ons prive-terrein via een hekje op de berg konden komen, konden we de cache niet vinden. We weten nu alles over Leo Leander Bekaert (een staalfabrikant), maar waar die cache nu zat??? Echt geen idee. Voor deze frusti moeten we dus nog eens terug.

Tegen etenstijd kwamen we terecht in het bedevaart-oord Scherpenheuvel. Hier hadden wij even niet op gerekend. Bussen vol heilige oudere mensen werden afgeleverd bij de abdij van Scherpenheuvel. Op straat stonden kraampjes vol met heiligenbeelden.

Wij moesten voor 1 cache ook vragen beantwoorden bij de abdij. Zelfs voor de raampjes van het toiletgebouw stonden heiligenbeelden. Wie waren eigenlijk op zoek naar een frietkot, want we hadden honger. In Scherpenheuvel bleek geen friet te verkrijgen. Pas een paar caches later vonden wel wel een frietkot. Hier kregen we geen grote friet, maar een gigantische friet. Toen we die op hadden, vormde dat genoeg brandstof voor de rest van de caches.

We cachten door tot het bijna donker was, maar toen hadden we lang niet alle caches van het programma gevonden. Dat was een beetje jammer. Goed, ondanks dat deze dag niet helemaal naar wens verliep hadden we toch behoorlijk wat caches gevonden, namelijk 22.

Wij moeten dus nog een keertje terug om de series af te gaan maken. Dat zal waarschijnlijk pas volgend jaar worden.

Wat ik hier op 23 juni 2022 nog aan toe te voegen heb:

Tja, dit soort dagen zou ik nu niet meer doen. Zoveel met de auto rondrijden. Liever een lekkere wandeling met een paar geocaches. Die Voortberg kan ik mij nog goed herinneren en ook de tijgermuggen. En dat heilige Scherpenheuvel ook. Volgens mij zijn we idd nog een keer terug geweest, maar dat weet ik niet helemaal zeker.

Geocachingverhalen uit het verleden: Woudrichem en het raadsel van de hagabor

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 16 juni 2013:

Mijn moeder en ik gingen geocachen rondom het pittoreske plaatsje Woudrichem. Verder aten we hagabor, een geheimzinnig goedje dat uitsluitend in dit plaatsje verkrijgbaar is…

Het verhaal:

Er werd lekker lenteweer voorspeld (zo rond de 20 graden) en mijn moeder wilde ook wel weer eens op geocachingjacht. We gingen al voor de middag op pad om het rondje De Wijde Alm te lopen een natuurgebiedje vlakbij Woudrichem. Hemelsbreed is dit maar 25 kilometer van Oisterwijk af, maar vanwege water in de weg is het met de auto wat langer.

Goed, op het kleine parkeerplaatsje troffen we al een cachemobiel aan (te herkennen aan de travelbugsticker), maar we hebben de bijbehorende geocachers niet gezien. De Wijde Alm is een beek en er liep een fiets/wandelpad langs met 9 caches + een bonus. De caches waren allemaal schoon en droog en zaten grappig, maar niet te moeilijk verstopt. We wandelden op ons gemakje langs de caches en maakte nog een omweggetje naar de eerste cache van de dorpentocht Woudrichem.

Ook leuk op deze route waren de stoelen. Er was een hele grote stoel, die mij direct aan Lord of the Rings deed denken, het leek wel een soort troon voor Saruman, met een rugleuning van heksenbezems. Verder op de route stond nog een setje aparte stoelen, het waren ouderwetse stoelen, gegoten in ijzer. Hier mocht je ook opzitten, dus natuurlijk deed ik dat.

De bonus van De Wijde Alm bleek vlakbij de auto te liggen en werd bewaakt door een uil van hout.

Daarna gingen wij met de auto verder langs de caches van dorpentocht Woudrichem. Die waren allemaal niet zo moeilijk verstopt, dus we hadden de ene na de andere found. Bij de meest bleef ik in de auto zitten om het volgende waypoint in te voeren in de navigatie, terwijl mijn moeder ging loggen. We kwamen zo steeds dichterbij Woudrichem en ook steeds dichter bij de #4500ste cache van de Heideroosjes. Ik vond het kunstwerk van de aanlegsteiger op de dijk bij De Nol bijzonder. Omdat het tegelijkertijd kunstwerk, monument en picknick-locatie was. In de letterlijke en figuurlijke zin een aanlegsteiger dus.

Bij de holle Canadees (ik dacht eerst dat het om de kano ging, maar het was een boom) had ik dan onze #4500ste found. Halverwege een duizendtal, dus stiekem toch een bijzondere milestone.

In Woudrichem parkeerden we de auto op een gratis parkeerplaats op de vestingwal om de stadscache van Woudrichem te kunnen lopen. Op de wal zelf stonden kanonnen, dus ik kreeg meteen visioenen van een leger van auto’s onder aanvoering van Majoor Mazda die Woudrichem beschermden tegen ongewenste vrachtwagens. Ik heb iets te veel fantasie, ik weet het.

Woudrichem is een mooi en oud vestingstadje, ik ben er al wel eerder geweest, een keer met een schoolreisje en twee jaar geleden toen we de boot naar Slot Loevenstein hadden gemist

We hebben de multi op ons gemak gedaan en lekker genoten van alle oude gebouwen, bruggen, het water en de vele spreuken op de muren. En we hebben de cache natuurlijk wel gevonden.

Vlakbij de parkeerplaats was een leuk restaurant in een heel oud gebouw, waar we wat gedronken hebben en wat stokbroodjes hebben gegeten met hagabor. We hadden geen idee wat dat was. Het meisje van de bediening legde op een toon alsof we dat beslist hadden moeten weten uit dat het huisgemaakte kruidenboter was.

We zochten Majoor Mazda weer op voor de laatste dorpen-caches en reden ook nog over het hobbelige pad naar het Uitwijksche Veld.

Uiteindelijk hebben we 25 caches gevonden vandaag. Een mooi aantal, een gezellige dag, waarbij we een vakantiegevoel hadden, terwijl we allebei de dag erna weer moesten werken. Ook alles gevonden wat we hebben geprobeerd.

Wat ik hier op 16 juni 2022 nog aan toe te voegen heb:

Woudrichem ja, prima cachedag. Leuk plaatsje. Als mijn moeder en ik op een terras zitten en de menukaart bestuderen hebben we het nog wel eens over de hagabor en dan barstten we in lachen uit.

Geocachingverhalen uit het verleden: Kunst in Ommoord, monsterfile en petticoats

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 9 juni 2011

’s Avonds zouden Anke en ik naar een musical gaan in het Nieuwe Luxor Theater in Rotterdam, maar we besloten om daar al ’s morgens heen te rijden, zodat we nog konden geocachen.

Het verhaal:

Natuurlijk waren we van plan om de hele dag naar Rotterdam te gaan en dan eerst te gaan geocachen. Mijn oog viel op de serie Kunst in Ommoord. De banner daarvan had ik al bij diverse teams op hun profiel zien staan en ondanks dat het stadscaches waren, kreeg de serie veel goede kritieken. We hadden niet verwacht dat we de hele serie zouden kunnen vinden of doen, maar we hadden eigenlijk veel geluk.

We begonnen met de cache bij de olifanten en daarna parkeerden we mijn auto bij het kunstwerk Scheidende wegen en gingen vanaf daar te voet verder. De caches lagen dus allemaal bij of in de buurt van kunstwerken en de meeste waren erg ludiek verstopt. De allermooiste was die van Beestenboel. We stonden bij het hek van een school en hadden alle plastic doppen al van het hekwerk afgetrokken, maar geen cache te vinden. We wilden het al bijna opgeven, toen ik ineens zag dat er een raar woord op het bordje van het hekwerk stond, namelijk GEO. Bleek er te staan dat het een GEO-hekwerk was. En jawel hoor, de cache zat inderdaad verstopt in het bordje. Echt mooi gemaakt.

Verder zijn we ook nog een hele tijd bezig geweest met het openmaken van een erg vastzittende micro in een stoeptegel.

Halverwege het rondje werd ons doel om alle caches te vinden. Omdat sommige zo moeilijk verstopt zaten, hadden veel teams niet alles in 1x gevonden. Ons is dat wel gelukt. Een deel door goed te kijken, een deel door ervaring. Na bijna 3000 founds, hebben we al veel vreemde verstopmethodes voorbij zien komen en dat heeft ons vandaag een paar keer geholpen om sneaky verstopte caches toch te kunnen vinden.

Na de grote wandelronde verplaatsten we de auto naar de kleine wandelronde. Hiervan was de cache in het putje het meest origineel, we kunnen ons voorstellen dat mensen zich hier op deze grasheuvel de pleuris gaan staan zoeken, maar wij kenden deze methode van het MZLE-event en hadden hem vrij snel te pakken.

Voor ons doen hadden we de bonus-getallen goed genoteerd. Er was alleen nog lichte twijfel over een onduidelijk getal, dus hadden we twee mogelijke bonus-locaties berekend. Op de eerste was het al raak. We vonden een sleutel in een vogelhuisje en konden daarmee naar de bonus die in een gigantische nepboom zat verstopt. Dit was wel een staaltje van knutseltalent om u tegen te zeggen. Normaal zijn wij helemaal niet zo van de stadscaches, zeker niet in een grote stad als Rotterdam, maar deze serie bewijst dat het wel kan. Dus een favorite aan de hele serie uitgereikt. Het was nog vrij vroeg in de middag, dus besloten we om ook nog aan de serie Welcome in Rotterdam te beginnen. Dat waren er drie en dan zouden we daarna op zoek gaan de McDonald’s vlakbij het theater waar we eerder hadden gegeten bij een eerder bezoek aan een musical in Nieuwe Luxor. Het waren dan wel nano’s, maar na het voltooien van Kunst in Ommoord, dachten we dat wel aan te kunnen. We kwamen terecht op een vage vergunningshouderparkeerplaats, dus bleef ik in de auto zitten om snel weg te kunnen rijden als dat nodig zou zijn en moest Anke gaan zoeken bij een overvol terras in de buurt. Ze vond hem gelukkig wel.

En dat was meteen ook het einde van het leuke onderdeel van de dag. Al bij het wegrijden uit de straat waar Spido lag, kwamen we terecht in de file. En dat bleek een enorme monsterfile te zijn. Daar hebben we vervolgens 3 uur lang ingestaan, van half 17 tot half 20 en in die tijd hebben we ongeveer 10 kilometer afgelegd. We namen een paar keer de verkeerde afslag (het was echt superdruk, dus het lukte soms gewoon niet om op tijd van baan te verwisselen). Echt, 3 uur lang non-stop filerijden is verschrikkelijk, je krijgt last van je voet, dat wil je niet weten. Het was buiten best wel warm en ik heb geen airco in mijn oude auto. Normaal niet zo’n ramp, maar nu was het niet leuk. Daarnaast hadden we honger en bleek de McDonald’s in rook opgelost te zijn. Het ergste van allemaal was niet de warmte of de honger, maar dat we allebei echt ontzettend naar het toilet moesten.

Achteraf waren we al een keer langs het Luxor gereden en toen hadden we gewoon af moeten slaan, moeten parkeren en daar iets te eten moeten zoeken. Maar dat was achteraf.

Op een bepaald moment werd ik helemaal gek van alles bij elkaar, ben ik zomaar een zijstraat ingereden en daar geparkeerd. We zijn toen een willekeurig café binnen gelopen en al mijn schaamte overwinnend vroeg ik of we daar naar het toilet mochten, tegen betaling. Ik was op dat moment serieus bereid om er 10 euro voor neer te tellen, want ik heb nog nooit van mijn leven zo erg moeten plassen als toen. De meisjes van het café waren gelukkig erg aardig en we mochten gratis naar het ook nog eens mooi schone toilet. Pfft, wat waren wij opgelucht. Daarna via de binnenstraatjes naar het Luxor gereden waar we om tien voor acht ofzo aankwamen, de voorstelling begon om kwart over acht. Vlug omgekleed en nog vlug langs wat eettentjes gelopen, maar dat ging allemaal te lang duren. Dus maar het theater binnen gegaan in de hoop dat ze daar misschien een broodje hadden. Maar die hadden ze alleen in het restaurant en daar mocht je vanuit het theater weer niet in. Dus werd onze avondmaaltijd een achterlijk dure stroopwafel.

De musical Petticoat viel helaas een beetje tegen of misschien hadden we er meer van verwacht, dat kan ook.

Achteraf bleek dat de monsterfile een gevolg was van de openbaarvervoer-staking die dag. Niet alleen wij + vrijwel alle andere theaterbezoekers hadden daar in gestaan, maar ook de Petticoat-bus gevuld met castleden. Zij waren pas een uur voor aanvang in het theater en hadden ook geen avondeten gehad, omdat ze met spoed in hun kostuums moesten. Wat ik dan een fout van het theater vind, is dat ze de hele show niet een half uur later lieten beginnen. Dan had de cast nog iets kunnen eten en wij als bezoekers ook.

Ondanks dat die uren in de monsterfile tot de minste leuke van 2011 behoren, hadden we deze dag wel mooi 18 caches gevonden.

Petticoat, petticoat, in roze, lila, geel of rood

Petticoat, petticoat, dans je beide benen bloot

Wat ik hier op 9 juni 2022 nog aan toe te voegen heb:

Owh ja, die monsterfile! Iedere keer als ik in Rotterdam kom denk ik daar weer aan. Het was echt helemaal niet leuk. Het heeft ook de leukere geocachingherinneringen aan die dag verdrongen. Petticoat zag ik jaren later nog eens in het plaatselijke openluchttheater, uitgevoerd door de amateurvereniging en eigenlijk was dat veel beter en sfeervoller dan de originele uitvoering toen in Rotterdam…

Geocachingverhalen uit het verleden: De parels van Huis ter Heide

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 2 juni 2019

Op een bloedhete zondag loste ik eindelijk de datum 2 juni op voor mijn Geocaching Datum Project met een wandeling door natuurgebied Huis ter Heide bij De Moer.

Het verhaal:

2 juni was de enige overgebleven 3-cache-datum in de zomermaanden. Deze datum is al zeker drie jaar een doorn in mijn oog, maar werk en school belemmerden mij de afgelopen jaren om de datum te kunnen saven voor mijn Geocaching Datum Project. Dit jaar viel de datum dan eindelijk op een zondag en het werd ook nog eens prachtig weer. Met 32 graden zelfs een beetje te warm. Maar ik was ook uitgenodigd voor het feestje in de namiddag, dus ik moest al vroeg op pad. Op zich mocht ik de auto van mijn ouders lenen, maar omdat het zo’n mooi weer was, besloot ik om toch op de fiets te gaan. Ik zat al voor 9 uur op mijn fiets en toen was het al warm. Ik trapte hard door en een uur later stond ik in De Moer, aan de start van de wandeling de Parels in Huis ter Heide. Ik ben al veel vaker in dit – voor een groot deel aangelegd – natuurgebied geweest voor geocaching, maar deze trail was nieuw en ik had hem speciaal bewaard om een datum op te kunnen lossen.

Op dit vroege tijdstip hoopte ik ook dat er nog geen andere geocachers waren, maar er liep toch al een team voor mij. In het begin zag ik ze nog niet, maar ongeveer halverwege kwamen ze in mijn zicht en moest ik een paar keer wachten tot zij doorgelopen waren. Ze waren nogal traag, dus dat ergerde mij een beetje, omdat ik haast had. Maar ja, zij waren gewoon op hun manier aan het geocachen en wie ben ik dan om hun hobby te verpesten? Later, bij het online loggen, zag ik dat er ook nog een aantal teams na mij zijn gekomen, maar daar heb ik geen last van gehad. Er waren nog wel een heleboel gewone wandelaars, waarbij ik steeds observeerde of het mogelijk geocachers waren. Verder hoopte ik de haarbalkoeien (mijn benaming voor Schotse Hooglanders) te zien, ik vermoedde eigenlijk al dat ze bij het water zouden zijn en dat was ook zo. Bij Huis ter Heide zijn een aantal vennen aangelegd als natuurcompensatie. Door deze vennen ligt een loopbrug van houten planken, maar het water stond zo laag, dat die brug niet nodig was. Bij de cache tegenover de brug ontmoette ik een fotograaf die ook wel belangstelling had voor geocaching. Toch leuk als mensen er wel eens van gehoord hebben en er positief over zijn.

Vanaf de brug zag ik de eerste haarballen; ze waren aan het pootje baden. In en bij het volgende ven waren er nog veel meer, het leek wel een waar haarballenwalhalla of haarbaltopia. Er waren ook echt ontzettend veel haarbalkalfjes en er waren ook andere kleurtinten dan bruin, waaronder een bijna witte. Dus ik heb bijna kwijlend foto’s staan maken, ze waren – zoals gebruikelijk – ook helemaal niet bang.

Pootjebadende haarbalkoe

Iets verderop zag ik de kleine uitkijktoren, waar ik ook al een paar keer eerder ben geweest, dus ook nu weer even erin geweest. Dat was dus ongeveer halverwege en daarna volgde er een heel stuk over een breed, grasachtig pad in de felle zon. Ik kreeg spijt dat ik mijn pet niet meegenomen had, want het was echt heel erg heet en zonnig. Gelukkig had ik wel zonnebrand gesmeerd. Ik was eigenlijk blij toen de route weer het bos in ging en ik bescherming had van de bladeren. Alle caches waren trouwens goed te vinden, er stonden ook goede hints bij. In de bonuscache nog travelbugs geruild en wat goodies achtergelaten.

Terug bij mijn fiets wilde ik nog een paar traditionals doen rondom De Moer. Ik begon met Chan’s tradi, wat niet echt een bijzonder plekje was en daarna kwam Chan’s ruilkast, die was wel leuk, want dat was een minibibliotheek. De cache was er heel inventief in verwerkt, via een lade in het puntdak. Ik fietste door naar de Hartenboeren, dit was ook wel een mooi gemaakte cache, maar een beetje een aparte locatie. Ik had op alle deze wegen ook al ooit gefietst voor de 8 van Meelhopper; een fietsmulti. Eerder die week had ik ook nog een online schuifpuzzel opgelost van de kerk in De Moer om het coördinaat vrij te spelen. Ben ik toch nog wel even mee bezig geweest, want je kunt online niet echt puzzelstukjes naast je puzzel leggen, wat ik irritant vind werken. Daarom wilde ik deze mysterie bijzonder graag in het veld loggen. Dat lukte, vond de locatie niet echt heel tof, had een grote bak in of bij de kerk zelf toepasselijker gevonden, maar allez, ik heb fijn gepuzzeld en eindelijk weer eens zelf een mysterie opgelost. Dit was mijn 25ste cache voor vandaag en ik besloot dat dat een mooie getal was om te stoppen.

Eerst wilde ik er 26 doen, omdat ik dan op #9200 zou zitten, maar het is ook wel handig om nog wat caches in deze omgeving te bewaren voor een andere datumdag. Als er geen wind staat is de te fietsen afstand goed te doen. In ieder geval heb ik de datum 2 juni nu voor eeuwig gesaved, haha. Na mijn fietstocht naar huis kon ik mijn t-shirt trouwens uitwringen; zo erg had ik gezweet. Wij Nederlanders zijn echt niet gemaakt voor dit soort weersomstandigheden, maar toch was het een goede en actieve cachedag.

Wat ik hier op 2 juni 2022 nog aan toe te voegen heb:

Op de bloedhitte na, was dit absoluut een prima en lekker actieve geocachingdag.

Geocachingverhalen uit het verleden: Onze eerste geocachingtrail

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 12 mei 2007:

Het begrip powertrail kwam binnen in de geocachingwereld: series van meerdere caches die je achter elkaar kon loggen voor veel puntjes. Onze eerste ervaring hiermee was Rondje Bernheze.

Het verhaal:

Anke stuurde mij een berichtje: dat er erg veel caches bij waren bijgekomen in de buurt van Den Bosch. Toen ik dat ging bekijken op geocaching.nl werd ik helemaal enthousiast. Team Flet had maar liefst 51 traditionals in de gemeente Bernheze geplaatst. (Tegenwoordig zijn geocachingtrails niet meer weg te denken, in 2007 was Rondje Bernheze voer voor een heftige discussie op het forum van geocaching.nl of zoiets wel zou mogen). De discussie ging een beetje langs ons heen; wij dachten gewoon lekker veel nieuwe caches en relatief dichtbij huis. Leuk!

Het liefst had ik al die caches nog die nacht gevonden, maar ik moest toch echt wachten tot het weekend. We hadden toen ook een auto tot onze beschikking. We begonnen met de serie Dat gaat naar Den Bosch toe 1 t/m 8 plus een bonuscache en begonnen daarna aan Rondje Bernheze. Dat gaat naar Den Bosch toe (zoete, lieve Gerritje) was heel leuk tot de bonuscache. Toen kwamen we bij het beroemde blok in de weg. Je moet dan helemaal omrijden over Sint Michielsgestel om naar Den Bosch te kunnen en bij de bonuscache die op een bekend plekje bij de Pettelaer lag te komen. Oh, wat heb ik zitten vloeken op ‘die stomme versperringen in de weg’. 

Daarna kwam Rondje Bernheze. Dat was erg verslavend en we stopten pas om tien uur ’s avonds. Toen waren we ongeveer op de helft van het Rondje Bernheze en we stopten nog met tegenzin ook. Leve de zomeravonden. Ik kan niet veel meer vertellen over elke afzonderlijke cache. Wel dat de meesten op leuke plekjes lagen. Sommige waren drive-in, voor anderen moest je een stukje lopen. Ik weet ook niet meer in welke volgorde we ze gevonden hebben. Een van de caches was onze 200ste cache.

Avonturenbos was de eerste en daar kwamen we een ander team tegen, die we daarna nog een paar keer tegen kwamen. We konden alles goed vinden, behalve Topwortel, waar we de volgende dag voor terug zijn gegaan. Dat werd de laatste found van de serie.

Ik heb ze uiteindelijk gelogd in volgorde van de nummering van de maker. Deze dag vonden we 31 caches, tot nu toe ons dagrecord. Technisch gezien zou je nog veel meer caches op een dag kunnen vinden, omdat wij pas rond een uur ’s middags zijn begonnen…

Wat ik hier op 12 mei 2022 nog aan toe te voegen heb:

Tja, tegenwoordig zijn trails niet meer weg te denken uit de geocachingwereld. Puntjes scoren lijkt vaak belangrijker dan de route. En ja, ook ik maak mij daar wel eens schuldig aan. Wel ben ik van dat autocachen afgestapt. In de eerste plaats omdat ik al bijna 10 jaar geen auto meer heb. Maar ook omdat ik tegenwoordig veel liever ga wandelen of fietsen.

Het dagrecord is nog wel verbeterd naar 101 founds, met dank aan de 100 van Someren. Wel per fiets, dat dan weer wel. Maar 101 geocaches is echt veel te veel op een dag. 20-25 caches is echt meer dan genoeg.

Geocachingverhalen uit het verleden: Sunnoa

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 5 mei 2018

Mijn moeder en ik deden een geocachingronde per fiets.

Het verhaal:

Mijn moeder en ik waren een week op vakantie in de omgeving van de Sallandse Heuvelrug. We hadden al veel gewandeld, maar vandaag gingen we fietsen. En wel de Sunnoa-serie een fietstocht van twaalf kilometer rondom het gehucht Zuna. Sunnoa vond ik aanvankelijk klinken als de naam van een tropisch zwemparadijs, maar het blijkt gewoon de oude, Saksische benaming van Zuna te zijn. Zuna lag een paar kilometer van het huisjespark af, we hoefden niet eens over de heuvelrug te fietsen om er te komen, dus even geen hellingen. We startten midden in de route, bij nummertje 10, omdat die het dichtste bij was. Dit was meteen een mooi stukje van de route, langs het verdronken bos, overblijfsel van het moeras de Mors.

De Sunnoa-caches waren niet al te moeilijk te vinden, ze hadden goede hints en de kokertjes waren goed onderhouden. Voor veel caches had je een magneetstok nodig, maar die zit standaard in mijn tas, dus ook dat is geen probleem. Het enige moeilijke waren de hints voor de bonus. Die hebben we dus nergens kunnen vinden, alle logrollen en kokertjes naar ons idee bekeken, maar nergens iets kunnen ontdekken. Daardoor moesten we de bonus laten gaan. De overige 24 caches allemaal keurig kunnen vinden en zelfs nog een paar extraatjes erbij. Al vrij in het begin waren dat twee War Relics. Eentje met een batterij en eentje bij een dikke boom in een grappig vogelhuisje. We hadden deze week al meerdere caches van de serie War Relics gevonden, die zoals de naam al aangeeft, bij oorlogsmonumenten lagen of bij locaties die in de oorlog een rol hadden gespeeld.

De fietsroute ging voor een groot deel langs een riviertje. Het was prachtig weer en ik miste eigenlijk weer mijn korte broek. We wilden even gaan kijken naar de hengelcache op de route en fietsten eerst helemaal verkeerd: we strandden op water. Het fietspad bleek aan de andere kant van de brug verder te gaan, maar dat stond dus niet op de kaart in Smaug. Best wel gek, want over het algemeen is de kaart van Smaug echt heel erg nauwkeurig. Dus het fietspad is vermoedelijk nog vers van de pers, ook al zag het er niet splinternieuw uit. Het was in ieder geval een lekker stukje om te fietsen. Bij de boom aangekomen zagen we de cache hangen. Hij hing niet zo heel erg hoog, dus we besloten om een poging te wagen en bonden de magneetstok aan de prikstok. Helaas was deze constructie te wankel. Ik zag iets verderop een tak liggen, half in het water en besloot die te gaan pakken. Hiervoor moest ik wel onder het prikkeldraad doorkruipen, de boom stond tussen de rivier en het prikkeldraad in. De tak had zo’n gevorkt uiteinde en hij bleek precies de goede lengte te hebben. Hiermee hengelde ik de cache vrij gemakkelijk uit de boom. Het terughangen was eigenlijk het moeilijkste, maar ook dat lukte.

Verderop was nog een tweede hengelcache, dus ik besloot mijn tak mee te nemen op de fiets. Volgens mijn moeder zag ik eruit als een ridder die aan een toernooi mee ging doen met mijn lans. Helaas bleek de tweede hengelcache offline te zijn, we konden hem dan ook niet zien hangen. Dus ik nam afscheid van mijn tak en we gingen verder met de Sunnoa-serie. Een paar zaten best geniepig verstopt in buisjes die onder het gras aan de rand van het fietspad zaten. Toch hebben we ook die gevonden. Later kwamen we nog een gezin tegen, die een gedeelte van de serie te voet aan het doen waren. Zij hadden geen magneetstok, dus vertelden wij hun enthousiast waar je die kon kopen. Later hoorde ik de vrouw nog mompelen dat wij wel heel fanatiek waren. Tja, soms wel ja. Vandaag best wel. We kwamen langs een weiland vol koeien en daar bleek net een kalfje geboren te zijn. We hebben een tijdje staan kijken hoe moederkoe het vlies van het kalfje af likte en of het wel ging staan. Dat lukte nog niet echt, omdat het vlies deels om de poten heen zat, maar het kalfje wilde wel heel graag, dus we gaan ervan uit dat het wel gelukt is.

Na een tijdje fietste wij tussen de koeien door naar het pontje. Dit bleek een Moerasdraak te zijn (zo heet het pontje in Den Bosch en ik vind dat een geweldige naam), een pontje dat je met behulp van kabels en een draaischijf zelf handmatig naar de overkant kan trekken. Fanatiek draaide ik mijn moeder, mezelf en nog twee andere mensen inclusief fietsen naar de overkant. Er lag ook nog een extra cache bij het pontje in de buurt. En een Sunnoa waarvoor we een klein stukje moesten wandelen over het bospaadje over het dijkje langs de rivier. We vonden Sunnoa 24, de laatste van de serie, maar omdat wij middenin begonnen waren, hadden we er nog negen te gaan. De bonus ging dus niet lukken, maar we hadden al zoveel andere caches dat we het niet zo’n ramp vonden. Wel wilde ik Ergernis nog gaan proberen, een cache die je volgens de makers tot wanhoop zou drijven. Nou, ze kregen best wel gelijk. De logrol zat in een ijzeren buis, waar een klein gaatje in zat. Je moest de logrol dus uit dat gaatje zien te krijgen. Ik ben er een half uur mee bezig geweest, maar het lukte niet. Met een grote pincet zou het gelukt zijn, maar mijn moeders pincet was te klein. Na een half uur moest ik opgeven van mijn moeder en heeft ze bijna het bosje uit moeten slepen. Als troost logden we Stokkerskampje, een heel gemakkelijk cache aan de overkant van de weg bij Ergernis. En daarna nog de eerste negen Sunnoa’s.

Vlak voor de laatste lag er nog een cache op een rustpunt. De eigenaresse van dit rustpunt had het goed voor elkaar: ze zat hier zelf gewoon hele middagen met haar vriendinnen te kletsen en af en toe kwam er dan een klant langs. Ze had er ook nog een winkeltje bij met van die brokante borden met teksten. Niet mijn smaak, maar het zag er wel heel gezellig uit. Wij kochten een drankje en een ijsje. Ik wilde het stroopwafelijsje wel eens proeven, tussen twee stroopwafels zit dan ijs, net zoals bij die ijsjes met die koekjes die ik als kind graag at. Het smaakte best prima. We konden hier ook nog naar het toilet, wat ook best welkom was. Opgepept logden we de laatste Sunnoa en besloten ook nog naar Prikkelbaar te gaan kijken. Deze was van dezelfde makers als Ergernis, dus ik was er een beetje huiverig voor. Maar Prikkelbaar was gewoon een lange buis met een magnetische cache. We bonden de magneetstok weer aan de prikstok en daarmee lukte het meteen. Dus we werden er niet prikkelbaar van. Soms zit het mee en soms zit het tegen.

Tja, gingen we al terug naar ons huisje? Ik wilde graag nog een earthcache, omdat ik die leuk vind en vanwege mijn Day Zero Project. De Friezenberg lag met een omweg nog wel op de route en dit zou ook nog een mooi gebied zijn. Het was een beetje een lastige route er naartoe, met veel weggetjes en fietspaden. Daardoor kwamen we nog wel langs Old Tree, een supermooie cachebehuizing in de uitgeholde stam van een heel oude boom. Er zat een ingewikkeld uitziend cijferslot op, maar mijn moeder en ik zijn een goed team, dus we deden het in 1x goed. Op naar de Friezenberg. Dit bleek nog een mooi gebied te zijn. Weer net iets anders qua beplanting dan de Sallandse Heuvelrug. Op het uitzichtpunt van de Friezenberg zelf kon je niet komen per fiets. Dus het laatste stukje moest te voet, dit waren traptreden. Het uitzicht was de moeite waard, je kon heel ver kijken. Er zat een hele familie te picknicken, ze waren er ter ere van de verjaardag van de oma, die als wens had om de Friezenberg nog eens te beklimmen. Dat vind ik nou een mooi cadeau, ik denk dat ik ook zoiets wil als ik zo oud mag worden. Na even genoten te hebben van het uitzicht en foto’s gemaakt, daalden wij de trap weer af naar onze fietsen.

We fietsten via de andere kant van de berg terug naar het huisjespark. Grappig, want nu fietsten we dus door het dal waar we vanaf de Friezenberg op uitgekeken hadden. In de verte zagen we de familie nog zitten. Ook in dit gebied waren paddo’s (ANWB-fietspaddestoelen), dus af en toe sprong ik van mijn fiets af om ze te waymarken. We kwamen via de achterzijde terug bij het park, via Borkeld. Mijn moeder wilde over het park fietsen, om te kijken of dat sneller was, maar ik was bang voor een blokkade. Daarom wilde ik gewoon over de straatweg fietsen. We maakten er een wedstrijd van, maar uiteindelijk kwamen we zo’n beetje tegelijkertijd bij ons huisje aan.

Het was een mooie cachedag geweest.

MaandMoves: maart en april 2022

Net als vorig jaar ga ik proberen om elke maand op de laatste dag een soort van maandoverzicht te geven.

Dit keer twee maanden samen. Er zijn in april niet veel blogs verschenen en dat komt omdat het werkgeheugen van mijn WordPress-account vol was. Dan heb je een paar keuzes:

  • stoppen met bloggen; dat is een serieuze optie geweest, maar vond ik uiteindelijk toch jammer
  • een andere blog beginnen met nieuw werkgeheugen; dat vond ik dan weer jammer van wat ik hier heb opgebouwd
  • een abonnement afsluiten met meer opties; dit is het dus uiteindelijk geworden, maar omdat WordPress de prijs van het abonnement (en je geen echte keuze meer hebt binnen abonnementen) flink heeft opgehoogd vond ik het wel echt een financieel twijfelgeval. Uiteindelijk gewacht tot er een korting op kwam en toen toch maar betaald. Helaas is dit maar voor een jaar, dus dan sta ik opnieuw voor die keuze.

Maart en april

Maart begon nog met veel somber en grauw weer en ik keek echt uit naar de lente. Zowel naar het langere licht als de betere weersomstandigheden. Die kwamen uiteindelijk, maar op mijn verjaardag (op de laatste dag van maart) was het echt weer heel slecht. Op 1 april viel dan de sneeuw die de hele winter achterwege is gebleven. Hier in Noord-Brabant hebben we toch nog veel geluk gehad, want het bleef hier bij natte sneeuw die vrijwel meteen weer smolt. Op andere plaatsen kwam een veel dikker sneeuwdek naar beneden. Ik heb echt een ontzettende hekel aan sneeuw, dus ik was heel blij met een vrijwel sneeuwloze winter. En voorlopig lekker geen sneeuw meer!

Ik houd wel van het weer zoals het nu is: overdag lekker maar niet te warm en ’s avonds en ’s nachts koelt het af. En af en toe een regenbui voor de natuur.

Wandelen, geocaching en Munzee

De maand maart had nog vijf data en die heb ik allemaal opgelost, op eentje na. Die valt volgend jaar op een zondag, dus de kans is vrij groot dat ik die dan alsnog weg kan werken. Verder wilde ik maart graag over de 1000 maandfounds (alle founds in de maand maart door de jaren heen bij elkaar opgeteld) krijgen. Daarvoor moest ik nog 60 caches vinden en dat is ruimschoots gelukt, want in maart vond ik 85 caches. In april stond geocaching op een vrij laag pitje. Er moest nog één datum voor het Geocaching Datum Project, maar die viel op een doordeweekse werkdag en het was zo’n slecht weer dat ik geen zin meer had om ’s avonds op pad te gaan. Precies hetzelfde probleem als vorig jaar. Dit is dus ondertussen een behoorlijke frustratiedatum geworden en ik hoop dat het volgend jaar eindelijk eens gaat lukken, hoewel het dan nog steeds een doordeweekse werkdag zal zijn. Er werd uiteindelijk slechts op twee dagen aan geocaching gedaan in april, maar die leverden wel veel caches op, namelijk 40 founds. Verder is er een nieuwe souvenir-serie van start gegaan over virtuele doolhoven die Signal (de kikkermascotte van Groundspeak, de organisatie achter geocaching) moet doorkruisen. De reeks loopt een jaar lang en je krijgt steeds twee maanden de tijd voor een doolhof en dat levert dan twee souvenirs op. De eerste twee souvenirs zijn al binnengehaald.

Ik heb vooral heel veel gewandeld in mijn achtertuin: de Oisterwijkse bossen en vennen. In het weekend, maar nu het weer langer licht is ook vaak nog een avondrondje. Begin maart had ik nog last van een slechte conditie, nadat ik corona had gehad. Dat moest ik echt wel weer een beetje opbouwen. Daarom koos ik tijdens een paar geocachingdagen in maart voor de fiets in plaats van lopen. Ik geo-fietste (met een OV-fiets) rondom Zevenbergen en bij Zaltbommel.

In april wel weer een paar keer gewandeld op een andere locatie. Met Pasen wandelde ik met mijn moeder een bloesemroute; een rondwandeling vanaf station Geldermalsen. Het was er op een zonnige feestdag natuurlijk heel erg druk, maar wel lekker gewandeld en veel bloesem gezien en ook nog veel caches gevonden onderweg. Op Koningsdag wandelde ik rondom Kasteel Heeswijk, een Brabants topmonument. Beetje jammer dat de labcaches op de route een verplichte volgorde hadden, waardoor ik de route niet helemaal op de goede manier kon lopen. Evengoed wel lekker gewandeld.

Hoewel ik niet speciaal op Munzee-jacht ben geweest ben ik toch een level verder gekomen en zit ik nu in level 118.

Spelletjes

Ja, dat wil niet altijd even goed lukken. Gezondheidsperikelen gooiden veel roet in het eten. Wel ben ik op Zuiderspel geweest, de Brabantse spellenbeurs in Veldhoven die na drie jaar weer door mocht gaan. Drie jaar geleden waren we er met precies hetzelfde groepje, alleen mocht kleine F. nu ook mee; zijn eerste spellenbeurs. En we hebben ondertussen zelfs kennissen in de spellenwereld en die waren er ook. Ik kocht uiteindelijk drie kleine kaarspellen van Jolly Dutch, waarvan ik Click – The Great Wall vooralsnog de leukste vind. Na de beurs bestelde ik met cadeaubonnen ook nog Cascadia. Die speelden we ook op de beurs, maar de Nederlandse editie was daar nog niet te verkrijgen (of al uitverkocht, ik weet het niet precies).

Kijken

Ik volg ondertussen mijn vierde seizoen van het Belgische De Mol. Helaas wordt dit seizoen geteisterd door uitvallende kandidaten om uiteenlopende redenen. Evengoed hebben ze er toch nog best een aardig seizoen van weten te maken, maar het is heel lastig om het geweldige Duitsland-seizoen met topmol Lennart nog ooit te overtreffen. Grootste pluspunt tegenover Wie is de Mol? vind ik toch echt de onbekende kandidaten; die doen veel harder hun best voor het geld.

Ook kijk ik Floortje naar het einde van de wereld, maar ik loop een beetje achter, want heb pas twee van de zes afleveringen gezien.

Ik wil ook nog dat Dwars door de Lage Landen terug gaan kijken, maar het moet allemaal op mijn laptop en die hapert aan alle kanten en valt soms uit.

In april ging ik twee keer naar de bioscoop. Als WizardWorld fan natuurlijk naar de derde Fantastic Beast: The Secrets of Dumbledore. Tja, wat zal ik ervan zeggen; het is een beetje een plotgestoorde film, omdat ze lieve/leuke fabeldieren willen combineren met de opkomst van Grindelwald en er ook nog verwijzingen in moeten zitten naar Harry Potter. En waar was Tina het grootste gedeelte van deze film??? Als je al zoveel personages hebt, waarom dan nog meer nieuwe introduceren? Wel was mijn favoriete fabeldier – Teddy – de Niffler weer geweldig.

De tweede film was The Northman en die vond ik vreselijk. Te veel psychedelisch goddelijk gezever en te veel rondvliegende ingewanden. Alleen de kostuums, de schepen en het landschap waren wel ok, maar daar kwam vast veel van uit de computer.

Verder

Spelen er nog wat dingen waar ik nu nog niet over wil bloggen.

Was ik jarig op de laatste dag van maart en kreeg ik vreselijk slecht weer. Gelukkig was er ook een klein feestje met cadeautjes en werden er spelletjes gespeeld.

En om dan toch met iets positiefs te eindigen: mensen vragen mij vaak hoe het met mijn cavia’s gaat. Nou, met Fenno en Frido gaat het uitstekend. Frido werd begin maart 1 jaar en woont dus ook alweer een jaar bij mij. En Fenno is ondertussen 2,5 jaar oud en is daarmee al ouder geworden dan de cavia waar hij voor in de plaats kwam (Frinn). Ze zijn dol op andijvie uit de koopjesbak van de Jumbo en dat ligt er best vaak in, dus het zijn lucky guineapigs.

Geocachingverhalen uit het verleden: De groene gordel van Hoogvliet

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 28 april 2009:

Stephanie en ik reden best wel een eind om een 15-in-1-multi te gaan doen.

Het verhaal:

Aan het einde van de dag gaf de teller aan dat we 22,7 km gelopen hadden. Dat wisten we niet van tevoren. Anders waren we er misschien wel nooit aan begonnen, haha.

Maar goed, het hele verhaal. Een tijdje terug ontdekten we dat er een 15-in-1-multi bestond. Die lag alleen wel een eindje bij ons uit de buurt, namelijk in Hoogvliet. Stephanie en ik vonden dat wel een uitdaging, dus we besloten om de Groene Gordel van Hoogvliet te gaan doen.

’s Morgens toen we weg reden, zag het er een beetje bewolkt uit, maar we namen paraplu’s mee en besloten toch te gaan. Het was wel verder rijden dan we verwacht hadden, maar ja, nu waren we toch al onderweg. Aangekomen op de plaats van bestemming miezerde het al. Gedurende de hele dag heeft het steeds geregend, afgewisseld door korte, droge periodes. Pas tegen de avond brak de zon door. Dus die paraplu’s kwamen goed van pas.

De multi was 15 km lang en op de route lagen 14 traditionals. Die waren niet allemaal van de maker van de multi-cache. Sommigen maakten de route ook nog langer. Daarnaast zijn we ook nog een keertje verkeerd gelopen, een doodlopende weg in. Dat was 1,5 km om.

Van de 14 regulars hebben we er vier niet gevonden. Of eigenlijk: 3 niet gevonden, want eentje hebben we wel gezien, maar die zat onder in een paal en daar konden we zonder touw en magneet niet bij.

Onze voettocht begon met de eerste waypoints van de Groene Gordel in de regen. Daarna gingen we zo’n 8x de schapendijk over om Het Grasveld te vinden en daarna Pittig Hoogvliet. Het Grasveld was een simpele oppikker, maar Pittig Hoogvliet was moeilijker. Eerst moesten we tussen het prikkeldraad doorkruipen, om daarna door een moerassig stukje bos te lopen, langs de rivier. Het duurde even voor we de cache gevonden hadden, die midden in het moerasgebied aan een boomtak hing, met een dik touw.

De volgende traditional was nog leuker. Deze heette de Oostpuntgriend. En die was aan de overkant van een soort van uitloper van de rivier. Die uitloper was ongeveer zo breed als de stroom. Het water stond vrij laag en over het water lag een omgevallen boom die een soort van brug vormde. De cache lag aan de overkant. Stephanie offerde zich op om naar de overkant te gaan. Eerst probeerde ze over de natte boomstam te gaan, maar die was zo glad en zo vies, dat ze besloot om door het water te gaan lopen. Ik maakte foto’s. Ze vond de cache en kwam weer terug, half doorweekt. Mijn eigen schoenen hadden hun waterdichtheid ook al opgegeven in het natte gras van de schapenwei. Stephanie werd door mij tot held van de dag gekroond en we gingen weer verder.

Het Wiel zat onder een bruggetje verstopt en daarna kregen we ons eerste probleem met de Groene Gordel, namelijk welke fietsroute het zou moeten zijn. Vlak daarna kwam de eerste domper, want we vonden een tradi (Polderzicht Hoogvliet) niet, nadat we een hele tijd hebben staan zoeken bij een vies slootje. Uit logs begrijpen we nu waar hij wel moet zijn: op een originele, maar vrij vreemde plek.

Het eerste stuk van de multi had door vrij natuurlijk gebied gelopen, maar nu begonnen we door stadsparken te lopen. Door de regen en de hoge bomen had de GPS last van afwijkingen. Gelukkig vonden we het Boomgaardhoekseparkje nog wel onder een bruggetje en vlak daarna de Gadering. Bij deze cache leerden we wat een “vloerpot” is. Dit is dus een soort van klepje in de grond waar de cache inzit. Is trouwens wel waterdicht, want de cache was kurkdroog, terwijl het al uren aan het regenen was.

Hierna kregen we een dipje. We hadden al ruim 10 km gelopen en nu liepen we ook nog verkeerd. We waren op een bepaald punt op 40 meter van een waypoint af. Alleen stonden er kantoren tussen met hekken en achter die hekken een brede sloot. Dat betekende dat we helemaal terug moesten lopen (ruim 500 meter) en aan de andere kant van de gebouwen die afstand nog eens moesten gaan lopen. Aaargh!

Toen we eindelijk op dat waypoint aangekomen waren, hadden we een afwijking van over de 100 meter, dus waren we bang dat we ergens een fout hadden gemaakt. Toch doorgegaan naar het Gaderingviaduct. Die lag ook midden in het bos, in een koeiengebied waar het ontzettend modderig en vies was. Hier ontmoetten we ook nog een andere geocacher. Deze man was alleen en niet erg spraakzaam. Het leek meer alsof hij zo snel mogelijk van ons af wilde. Hij deed niet de Groene Gordel, maar wat losse caches. Dus Steef en ik hadden zoiets van: “nou, dan hoeft hij ons ook niet te discoveren”, dus liepen door zonder onze nummers te laten zien.

We konden ook Natuurlijk Hoogvliet 1 niet vinden. Deze zou op een steigertje bij een klein meertje moeten liggen en het formaat van de cache was onduidelijk, waarschijnlijk zou het een nano zijn. De steiger was nat en vies en na een tijdje zoeken hebben we het opgegeven. De cache zal er vast zijn, maar we hadden geen zin om allerlei gekke toeren uit te halen op die steiger in de regen.

Ondertussen was het al half vijf en we waren nog lang niet klaar. Toen er een McDonald’s in zicht kwam, namen we het besluit om daar te gaan eten. We waren wel toe aan een pauze met eten, drinken en een wc. Dus belden we allebei naar huis om dat aan te kondigen; gelukkig deden onze ouders niet zo moeilijk. Bij de McDonalds hebben we onszelf gevoerd en gedrenkt en zijn we even opgewarmd. Hierna hadden we weer volop zin om verder te gaan.

Ik had er niet veel vertrouwen in dat we Natuurlijk Hoogvliet 2 wel zouden gaan vinden, maar we gingen toch even kijken. Er stond een boom van top tot teen begroeid met klimop. Ik zei dat het onmogelijk was om hierop een nanocache te vinden, maar nog voor ik de zin uitgesproken had, had Steef de nano-cache al in haar handen…Voortaan neem ik Stephanie dus altijd mee als ik een nano-cache ga zoeken :>) De vorige keer had ze het kleine rotding namelijk ook al binnen 5 seconden in handen…

Onze route vervolgde zich door het Bonairepark. Hier was het best wel mooi, maar we hadden last van een afwijking. Gelukkig hebben we de cache hier wel gevonden, met een travelbug erin zelfs.

Toen we uit de jungle van het Bonairepark waren gekomen, was het droog en liet het zonnetje zich zowaar zien.

We waren vantevoren al bang geweest dat we Spelen met de M niet zouden kunnen vinden. Stephanie vond dat die m voor “Maartje” stond en wilde mij wel in een paaltje stoppen om de cache te kunnen pakken, maar ik vermoedde dat M voor “magneet” stond en ik had gelijk. We hebben met behulp van mijn zaklampje de cache wel onderin het paaltje zien liggen, maar we konden er met geen mogelijkheid bij. Jammer dus. Een paar honderd meter verderop lag De Oude Zwemplek en die hebben we wel gevonden.

Op naar de laatste loodjes van de Groene Gordel. Die leverde problemen op. We moesten een veerooster hebben, maar volgens de GPS lag het 0-punt in de Maas. Damned. We probeerden van alles, omdat we niet zeker wisten wat we fout zouden hebben. Uiteindelijk kwamen we bij een geloofwaardig veerooster uit, dus hebben we die waarde gebruikt. Dit veerooster was vlak bij de WK-cache, de veertiende regular op de route. Hier hebben we echt wel lang gezocht, maar de pijlen van allebei de GPS’sen schoten alle kanten op en er lagen heel veel omgevallen bomen (de hint) en we hebben het zonder hem te vinden op moeten geven. Later las ik in de logs dat er meer mensen problemen hadden met deze cache.

Dan maar de Groene Gordel af gaan maken. Op het laatste waypoint moesten we een belachelijk lange eindberekening maken. Deze voerde ons langs de auto naar het bos bij het beginpunt. We moesten vanaf DE boom de cache gaan zoeken in een bepaalde richting. We hadden geen idee wat DE boom zou zijn, want er was geen spoilerfoto ofzo. We hebben het bosje uitgekamt, maar er was geen cache te vinden. Ook nog een ander bosje onderzocht en weer niets. We wilden de cache nu eigenlijk wel vinden, na al die kilometers gelopen te hebben. Het nummer van de maker stond bij de hint. Eerst durfden we niet te bellen, maar uiteindelijk heeft Stephanie (had ik al gezegd dat zij de held van de dag was?) dat toch gedaan. De maker was erg aardig en heeft ons het goede coördinaat gegeven. We bleken 1 getal fout te hebben en moesten 200 meter terug. De cache lag niet in het bos daar, maar in een ander bosje, vlakbij en met uitzicht op de Maas. We waren erg blij toen we de cache gevonden hadden. Onze missie was geslaagd.

Bij de auto keken we pas op de tripteller van de GPS. 22,7 km.

Onderweg naar huis hebben we nog een oppikkertje gedaan van de Hg & dirty-serie. Voor de Heideroosjes was dit de laatste (als we ooit nog aan alle gegevens kunnen komen, zouden we de bonus nog kunnen doen).

Wat ik hier op 28 april 2022 nog aan toe te voegen heb:

Hoewel ik nu nooit meer zover zou gaan rijden (nou ja, misschien met de trein) voor een cache, vind ik een wandeling met meerdere caches nog altijd wel heel leuk. Aan het einde van een lange multi de cache niet kunnen vinden blijft frustrerend, gelukkig is het hier nog goed gekomen.

En waar ik in 2009 helemaal verbaasd ben over de gelopen afstand, zou ik daar nu niet zoveel moeite meer mee hebben. Maar ik ben in die 13 jaar tijd dan ook veel meer geen wandelen.

Het probleem met de magneet zou nu ook niet meer voorkomen. In mijn geocachingrugzak zitten standaard een magneetstok (een van mijn beste aankopen op geocachinggebied ooit) en ook nog een magneetje aan een touwtje (wat ik de dreigende bijnaam “de magneetklauw” heb gegeven).

Nano-caches blijven altijd een dingetje; soms vind je ze heel snel en vaak ook gewoon niet.

Deze cache is ondertussen al jarenlang gearchiveerd.