Day Zero Project: Done: Doel 18: Minor Schrijven in Opdracht

Doel 18 van mijn Day Zero Project is er eentje uit de categorie I will study and I will win: 30 studiepunten behalen met de minor Schrijven in Opdracht.

Ik wist al halverwege het tweede studiejaar welke minor ik wilde gaan doen, namelijk Schrijven in Opdracht. Schrijven (van hoofdzakelijk fantasy-achtige verhalen) was vroeger altijd mijn hobby, maar ik had mijn pen jaren geleden in de spreekwoordelijke wilgen gehangen en ik was benieuwd of die er uit zou komen als ik deze minor zou volgen. De minor viel binnen de faculteit van mijn studie, dat is Digitale Media en Creatieve Industrie (ik moet altijd opzoeken hoe het ook alweer heet), dus het zou kunnen binnen mijn studie Media, Informatie en Communicatie. Maar er waren wel een paar andere problemen:

  • De minor werd alleen in voltijd gegeven en ik volg een deeltijdstudie. Gelukkig werd hier niet al te moeilijk over gedaan, als ik zelf maar regelde dat ik op school aanwezig kon zijn tijdens colleges. Hier had ik eindelijk eens voordeel van mijn “minderwaardige mbo-baan”, want ik kon vrij gemakkelijk regelen dat ik onbetaald verlof kreeg voor studiedagen en kon werken op de overige dagen. Ook toen het rooster zeer onregelmatig bleek te zijn (ik had eigenlijk verwacht dat het op vaste dagen zou zijn, maar dat bleek dus elke week anders te zijn.)
  • Blijkbaar kiezen er niet veel deeltijdstudenten voor een voltijdminor. Ik was zelfs de eerste deeltijdstudent ooit die deze minor volgde. Maar de minor bestaat in deze vorm pas drie jaar, dus dat wil niet heel veel zeggen.
  • De minor werd alleen in de tweede helft van het schooljaar gegeven en daardoor zou ik in de problemen komen met afstuderen. Dat is dus ook gebeurd, maar achteraf bezien denk ik dat ik nu dankzij de minor op een voor mij betere manier kan afstuderen en is het vooral een financiële domper.

Voltijdminor

Ik kwam dus terecht in een grote klas van 30+ personen, waar ik helemaal niemand van kende. Ik had ook nog van geen enkele docent van deze minor les gehad. Het grootste gedeelte van mijn medestudenten kwam wel van mijn opleiding Media, Informatie en Communicatie, maar dan van de voltijdvariant. Er zaten ook mensen bij van voltijd Communicatie en van de lerarenopleiding Nederlands. En nog een enkeling van hele andere studierichtingen.

Ik was verreweg de oudste van de klas, maar gelukkig zie ik er jonger uit en daardoor viel ik niet extreem op tussen de veel jongere voltijdstudenten. Dat was wel zo prettig.

Zelf vond ik het wel fijn om eens in een lekker grote klas te zitten. Van mijn deeltijdklas waren er nog maar 10 mensen over en als er dan een paar mensen ziek zijn of niet op komen dagen om andere redenen, dan zit je vaak maar met heel weinig mensen in de colleges. Dat is met meer dan 30 studenten toch heel anders.

Wel merkte ik een duidelijk verschil tussen voltijd en deeltijd. Voltijd krijg veel meer begeleiding. Bij deeltijd moeten wij heel erg veel zelf uitzoeken. Hier had elk vak zowaar een modulehandleiding en een inhoud. Dat is bij deeltijd echt heel vaak anders.

Wat het meest irritante is aan voltijd, is dat er regelmatig slechts één of twee colleges op een dag gepland stonden. Als je dan vijf vakken hebt, mag je gemiddeld twee tot drie dagen in de week afreizen naar Amsterdam. Als ik dit – met mijn reistijd van twee uur enkele reis – vier jaar lang had moeten doen, had ik het niet volgehouden. Ik vind de soms lange lesdagen bij deeltijd ook niet altijd fijn, maar het is qua reizen wel veel efficiënter. In het begin moest ik heel erg wennen aan zo vaak naar school moeten, later raakte ik er aan gewend, maar het blijft stom om langer te moeten reizen dan dat je college hebt.

En mocht ik sommige colleges bij deeltijd al inhoudsloos hebben gevonden, dat is bij voltijd evengoed zo. Ik heb echt wel een paar keer gedacht: ben ik hier nou voor om 6 uur uit mijn bed gekomen? Heb ik hier nou vier uur voor in de trein gezeten?

Schrijven in Opdracht

De minor bestond uit vijf vakken. Die liepen allemaal door over twee blokken: blok 3 en blok 4. Vier vakken waren er gesplitst in blok 3 en blok 4, het vijfde vak liep helemaal door. Maar je kreeg de studiepunten pas toegekend als je beide blokken haalde. Persoonlijk had ik liever gehad dat je al de helft kreeg toegekend na blok 3, omdat ik het altijd motiverend vind om mijn studiepunten te zien stijgen. En nu duurde het dus heel lang voor ik resultaat zag.

Argumenteren & Overtuigen

Dit vond ik het leukste en meest nuttige vak. Hier heb ik echt wel wat van geleerd. We hadden voor elk blok een ander docent, maar die waren beiden prima; gaven colleges met inhoud en goede feedback op gemaakte opdrachten. We moesten o.a. argumentenkaarten maken, een nieuwsbericht of persbericht schrijven, een tedtalk en columns. Ik vond vooral een column schrijven echt erg leuk. Mijn column Een leven lang leren werd uiteindelijk ook gepubliceerd in de Metro, dus dat was helemaal mooi.

Contentmarketing

Dit ging echt over marketinggericht schrijven. Ik vond dit ook wel een leerzaam en interessant vak, maar je kon bij beide onderdelen extra punten scoren als je je stuk gepubliceerd kreeg. En dat is mij beide keren niet gelukt, de ene keer omdat het bedrijf niet reageerde en de tweede keer omdat ik mijn longread maar net voor de deadline af had, dus geen tijd meer had om het gepubliceerd te krijgen. Ik vond het jammer dat je daardoor best wel veel punten miste. Het schrijven van een longread vond ik leuk om te doen, dat zou ik wel vaker willen doen, maar dan tegen betaling.

Creatief Schrijven

De colleges waren behoorlijk inhoudsloos, want zoals de docent zelf zei: creatief schrijven kun je niet leren, maar moet je doen. En ik had al heel lang geen verhalen geschreven. Tijdens deze minor merkte ik dat ik verhalen schrijven diep van binnen nog steeds erg leuk vind. Ik schreef vier verhalen. Eentje waarin mijn alterego per ongeluk haar irritante onderbuurman vermoord, een schattig liefdesverhaaltje, een sprookje en een soort van legende. Door het terug vinden van mijn pen veranderde ik van afstudeerrichting en dat is het belangrijkste wat dit vak of deze minor mij gebracht heeft. Overigens kreeg ik voor wat ik zelf mijn beste verhaal vond het laagste cijfer en wat ik het minst gelukte verhaal vond het hoogste cijfer. Smaken kunnen verschillen, zullen we maar zeggen.

Ondernemen en Publiceren

Dit was een beetje een wazig vak met een docent die er totaal andere ideeën op na hield dan dat ik zelf heb. Zo vond de docent de trein een onbetrouwbaar vervoersmiddel en begreep ze niet waarom wij studenten massaal met de trein naar school kwamen??? Nou, omdat het nogal ver lopen/fietsen is van Oisterwijk naar Amsterdam en ik geen auto heb… Het leek eigenlijk erg op een deeltijdvak, want we moesten zelf maar van alles uitzoeken en doen en veel was onduidelijk. Sommige dingen vond ik leuk om te doen, zoals het verbeteren van mijn blog (helaas zijn er veel functies uit de gratis editie gehaald, dus de helft van de aangebrachte verbeteringen is daarmee weer verpest). Voor dit vak moesten we ook een publicatie regelen en dat deed ik dus met mijn column van Argumenteren en Overtuigen in de Metro. Voor de netwerkopdracht hielp ik een dag als vrijwilliger bij de WikiCon en nam ik deel aan bijeenkomsten van het Wiki Café.

Research en Redactie

De ene helft van dit vak was individueel en daarvoor moest je een interview houden met een markant persoon naar keuze. Ik dacht meteen aan de buurman van mijn ouders (en dus ook lange tijd van mij, toen ik nog thuis woonde) die al zijn hele leven blind is. Hij wilde graag meewerken. Ook moesten we onze visie geven op zelfgekozen nieuwsartikelen, dat vind ik prima. Voor dit onderdeel haalde ik dan ook afgerond een 10.

Maar de andere helft van het vak was de groepsopdracht. En iedere hbo-student weet dat groepsopdrachten ongeveer gelijk staan aan de hel op aarde. Het groepje moest al gevormd worden op de introductiedag, toen ik mijn klasgenoten dus amper een uur kende. Wij werden dan ook een groepje, omdat we toevallig rondom de Quest stonden. Want we moesten dus een eigen editie van de Quest gaan maken (er waren ook nog andere tijdschriften). De mensen van mijn groepje waren verder prima, prettig mee samen gewerkt. Maar we kregen dus een onvoldoende vanwege de taalnorm en daar baalde ik toch wel van. Ik ben namelijk nog nooit gezakt voor de taalnorm en we kregen echt dramatisch lage cijfers. Het hele gebeuren moest dus verbetert worden in de zomervakantie en uiteindelijk haalden we het met het absolute randcijfer. Ik geloof niet dat ik ooit nog met plezier de Quest zal lezen.

Ten slotte

Het belangrijkste wat de minor Schrijven in Opdracht mij heeft gebracht is dat ik mijn pen weer uit de wilgen haalde. Daardoor besloot ik om van afstudeerrichting te veranderen. Ik twijfelde al heel erg over mijn archivistische afstudeervoorstel en heb uiteindelijk besloten om het diploma Archivistiek B te laten gaan (nee, dat ging niet over één nacht ijs) en toch MIC af te studeren met een mediaproduct. Mijn idee is om een boek te gaan schrijven, dat is altijd al een droom van mij geweest en dit is de ideale manier om het ook echt te gaan doen en daar meteen op een voor mij leuke manier mee af te studeren.

DSC04761_LI (47)

 

Follow me?

Hoera! Vandaag bestaat Maartjes Moves drie jaar. Ja, het webadres is nog steeds maartjesmovingcastle, maar ik overweeg om een eigen domeinnaam te gaan kopen en dan gaat de naam definitief veranderen in Maartjes Moves. 

Waarom?

Dat klinkt een stuk toegankelijker dan Maartjes Moving Castle. Verder zit er een alliteratie in, met het M, M. Daarnaast begrijpt vrijwel niemand de associatie met de Studio Ghibli animatiefilm Howl’s Moving Castle. Ik koos die naam destijds omdat ik het magisch vond klinken, ik van kastelen houd en omdat ik helemaal voor mij zag hoe het kasteel langs allerlei onderwerpen vloog.

Ik schrijf nog steeds over verschillende onderwerpen die mij bezighouden en dat wil ik ook blijven doen. Het beste advies dat ik het laatste jaar heb gelezen is dat je het beste kunt bloggen over wat je zelf leuk vind, waar je veel van weet en waar je belangstelling voor hebt. Dat dat in mijn geval een vreemde niche, zoals geocaching is, is dan maar zo.

Dat ik door deze “vreemde onderwerpen” nooit een professionele blog zal hebben, waar ik duizenden lezers mee trek of geld mee verdien; dat is nooit het doel geweest. Ik houd gewoon van schrijven en zocht een manier om mijn schrijfsels te delen. De minor Schrijven in Opdracht heeft mijn schrijflust alleen maar aangewakkerd. Ik heb nog heel veel ideeën, maar die zullen pas medio 2020 uitgevoerd worden. Eerst de minor afmaken en afstuderen. Dat gaat nu even voor alle andere dingen.

Maar ondanks mijn aparte combinatie van onderwerpen zou ik het best leuk vinden om meer volgers te krijgen. Volgens mijn statistieken heb ik best veel bezoekers en die bezoeken gemiddeld ook wel meerdere pagina’s. Maar vrijwel niemand neemt de moeite om mij te volgen. Volgen kan door de knop hier rechts aan te klikken; je krijgt dan elke keer een mailtje als er een nieuwe blog verschijnt. Ik vind dat volgen een blijk van waardering is voor de tijd en moeite die een blogger in zijn of haar blog steekt. Zeker als je hier vaak leest, zou het best leuk zijn als je een volger wordt. En als je misschien een keer de moeite neemt om een reactie te typen.

En stel dat je het nou vreselijk vind om volger te worden, dan zet je het over een maand weer uit. Want de komende maand kan ik namelijk best een aantal volgers gebruiken om een punt voor mijn minor Schrijven in Opdracht te verdienen. Dus je helpt mij weer een stukje verder op mijn hobbelige weg naar een hbo-diploma, je toont je waardering voor mijn schrijfsels en hopelijk krijg je in ruil daarvoor leuke stukjes te lezen, waar ik de nodige tijd en moeite in heb gestoken. Win-win-win!

Alvast bedankt voor het aanklikken van die volgknop!

Nu ga ik taart eten en proosten op mijn blog.

driejaarkaart

“Een leven lang leren”

Als het goed is staat deze column vandaag in de Metro, maar natuurlijk publiceer ik het ook op mijn eigen blog. Ik schreef deze column als opdracht voor het vak Argumenteren en Overtuigen, onderdeel van de minor Schrijven in Opdracht. 

“Een leven lang leren”

Rijksoverheid en de Onderwijsraad hebben beiden hun mond vol over “een leven lang leren”. Je zou dus denken dat mensen die op latere leeftijd gaan studeren enorm aangemoedigd worden door deze instanties. Helaas is dat niet zo.

Ik ben zo’n late student; op mijn 29ste begon ik met de deeltijdopleiding Media, Informatie en Communicatie aan de Hogeschool van Amsterdam.

Ik wist dat je na je 30ste geen recht meer had op studiefinanciering, maar ik was net 29 geworden, dus ik dacht dat het wel goed zat. Mooi niet dus. Na de havo was ik namelijk ook al begonnen aan een hbo-opleiding, maar daar ben ik al binnen twee maanden mee gestopt. Toch ging daardoor de studietermijn van tien jaar wel tellen en die termijn was ondertussen voorbij. Dat betekende dat ik in het toenmalige stelsel geen recht had op studiefinanciering en ook niet op het daaraan gekoppelde studentenreisproduct, waarmee je gratis kan reizen.

Slik. Ik had me net aangemeld voor een studie die alleen te volgen is in Amsterdam. En ik woon in Noord-Brabant. Een retourtje Oisterwijk – Amsterdam Amstel kost 36,60 euro. Daardoor betaal ik nu 102 euro per maand voor een treinabonnement en ben ik gebonden aan de daluren van de NS.

Dan komt er nog bij dat mensen een deeltijdstudie niet voor vol aan zien. Dit is volslagen onzin: een deeltijdstudent moet evenveel studiepunten halen als een voltijdstudent, volgt vrijwel dezelfde vakken, moet evenveel studie-uren maken en betaalt net zoveel collegegeld. Het enige verschil is dat alle colleges op één dag vallen. Maar in tegenstelling tot voltijdstudenten moet ik mijn studiekeuzes altijd overal verdedigen, de studiecoördinator noemde mijn huidige baan een “minderwaardige mbo-baan”, voor sommige vakken bleek bij het eerste college nog niet eens een inhoud te zijn en de begeleiding is vaak waardeloos; ik zit al aan studieloopbaanbegeleider nummer drie.

Eigenlijk is het heel ironisch: Ik begon aan een studie met de hoop op een betere baan en daarmee een beter inkomen. De studie zelf blijkt echter een flinke financiële aderlating te zijn. Misschien moet ik naar Zweden emigreren. Studenten hoeven daar geen collegegeld te betalen, krijgen ook nog eens een basisbeurs en leeftijd doet er niet toe. Ik kan alleen maar hopen dat de diepte-investering die ik in mijn studie heb gedaan zich uiteindelijk in de toekomst terug zal betalen.