Geocachingverhalen uit het verleden: 28 mei 2006

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 28 mei 2006

Anke en ik fietsten een heel eind om een aantal caches te kunnen loggen.

Geocachingverhaal:

  1. Huis ter Heide
  • Maker: Ringeling
  • Type: Multi
  • Gevonden op: 28 mei 2006
  • Heideroosjes: Anke en Maartje
  • Plaats: De Moer
  1. Loggen en Wegwezen 1
  2. Loggen en Wegwezen 2
  3. Loggen en Wegwezen 3
  • Maker: Patje
  • Type: Micro
  • Gevonden op: 28 mei 2006
  • Heideroosjes: Anke en Maartje
  • Plaats: Loon op Zand

Anke en ik begonnen de dag met twee not-founds. De eerste cache was een mysterie die geript was en de tweede was de multi van het Witte Kasteel. Daar waren we al vaker mee bezig geweest, maar het was een erg moeilijke cache voor ons en ondertussen noemden we de cache dan ook het Vervloekte Witte Kasteel.

We fietsten verder naar Huis ter Heide. Deze route had ik al eerder gelopen met HaJaMaToJo, maar in die tijd hoorde ik nog bij dat team en logde ik niet meteen mee voor de Heideroosjes. We hebben dus niet heel de route gelopen, maar wel een heel stuk. Wat nieuw was, was dat er nu een “dode” travelbrug bij de eindcache lag begraven: Blue of Dendron begraven. Die mag je wel loggen, maar niet meenemen. Het is een kleipoppetje wat in stukken is gebroken. Hij heeft nu een doodskist gekregen en rust bij de Huis ter Heidecache. We hebben trouwens wel onderweg de Schotse Hooglanders gezien! Met HaJaMaToJo had ik die niet gezien, maar nu dus wel. Helaas zijn de foto’s ervan erg wazig, maar het was wel leuk. Huis ter Heide is een leuk gebied om te geocachen.

Na Huis ter Heide maakten we nog een rondje om de eerste drie van de serie (er zijn er in totaal 5) Loggen en Wegwezen van Patje op te vissen. Zoals de naam al zegt zijn dit echt pure opraap-caches.

De eerste lag in een grote boomstronk langs de weg. De bewoonster van de naastgelegen boerderij stond ons al toe te schreeuwen waar we precies moesten zoeken. Want ze had aan de GPS al gezien dat we geocachers waren. Dit was dus nog minder dan oprapen.

De volgende lag onder een steen. Nou lagen er aan weerszijden van de oprit waar we moesten zijn twee grote stenen. Die bekeken Anke en ik van alle kanten, maar geen kokertje. Die bleek een meter verderop onder een kleine steen te liggen. Lekkere instinker was dat.

De derde was het leukste. Die lag gewoon onder een boom, maar daar vlakbij was een trap en die werkte ernstig op mijn fantasie. Het werd meteen de “mysterieuze trap” en natuurlijk moest ik kijken wat er boven was. Het mysterie was er af toen het een trainingsveldje voor honden bleek te zijn…

We fietsen langs de golfbaan van de Efteling weer naar huis.

Wat ik hier op 28 mei 2020 nog aan toe te voegen heb:

In het begin van onze geocachingcarrière hebben Anke en ik heel wat afgefietst. Later haalden we rijbewijzen en kwamen er auto’s. Het is eigenlijk wel grappig dat ik nu wel weer regelmatig de fiets pak om te gaan geocachen, want tja ondertussen heb ik al bijna acht jaar geen auto meer. Zo ben ik in juni 2019 nog eens naar Huis ter Heide gefietst om de nieuwe serie daar te loggen, die in 2006 nog lang niet bestond.

Wandelen rondom huis #1: De Leemputten

Wandelen verder van huis zit er voor mij voorlopig niet in, omdat “funreizen” met het openbaar vervoer wordt afgeraden en ik geen auto heb. Gelukkig valt er in de omgeving waar ik woon ook veel te wandelen, dus de komende tijd ga ik het hebben over routes in de omgeving van mijn woning in Oisterwijk. De regel is dat het startpunt van de wandeling te bereiken moet zijn per fiets of te voet.

De Leemputten

  • Waar: Udenhout
  • Start- en eindpunt: Wandelknooppunt 72
  • Afstand: 6,5 kilometer

Hondenrondje

Het was al een hele tijd geleden dat ik had gewandeld bij de Leemputten en dat terwijl ze toch heel dichtbij huis zijn. Toen ik nog een kind was, gingen we hier regelmatig nog een avondrondje wandelen met de hond, omdat die hier kon zwemmen. Die hond – Bruce – werd helaas niet zo heel oud en daarna kregen we een andere hond – Indy – die niet van zwemmen hield, dus daarmee waren de uitstapjes naar de Leemputten voorbij.

Ik ben donateur van Brabants Landschap en in de herfst van 2019 werd er aandacht besteed aan de Leemputten in hun tijdschrift (nummer 203). Er was een nieuwe wandelroute geopend en het terrein speelde een hoofdrol bij de Week van het Landschap van 2019. Zo maakte ik die week een kanotocht over de Leemputten. Mijn belangstelling voor het gebied was weer aangewakkerd en ik wilde die wandeling ook eens gaan maken. Toch duurde het nog een half jaar voor het zover was.

Geschiedenis

De Leemputten is een van de eerste voorbeelden van natuurbouw in Noord-Brabant. Al eeuwenlang werd er op de Kreitenhei bij Udenhout op kleine schaal leem gewonnen voor eigen gebruik, dit omdat het leem zich hier dichtbij de oppervlakte bevond. Rond 1889/1890 besloten twee aannemers (Weijers en de Rooij) uit Tilburg om een eigen steenfabriek te beginnen in Udenhout, omdat ze niet tevreden waren met de kwaliteit van de bakstenen, die ze tot dan toe uit België lieten komen. Ze kochten een lap grond van enkele hectaren aan, langs de spoorlijn van Tilburg naar Den Bosch. De fabriek heette eerst Steenfabriek Weijers, maar later werd de naam Steenfabriek Udenhout. In de volksmond werd de fabriek echter D’n Oven genoemd. De Rooij had nog een tijdje zijn eigen steenfabriek – genaamd Sint Joseph – op het terrein, maar die werd in 1929 opgekocht door de grotere Steenfabriek Udenhout.

DSC05236
Nog meer Lost Place

Vader en zoon Weijers waren technische mannen; de zoon ging in Duitsland studeren om daar de nieuwste technieken te leren, want onze oosterburen waren op dat gebied verder dan wij. Het terrein was vooral zo groot, omdat er veel plaats nodig was om de bakstenen te drogen in de zon, voor ze de oven in konden. Daardoor kon er alleen in het zomerseizoen gewerkt worden. Maar Weijers junior kwam op het idee om de natte stenen te drogen met de restwarmte van de ovens, die werd opgevangen en via buizen naar droogtunnels vol natte stenen werd geleid. Deze uitvinding betekende dat er voortaan het hele jaar door stenen geproduceerd konden worden. Het topjaar was 1965, toen werden er zo’n 28 miljoen stenen geproduceerd en werd 1 op de 50 huizen in Nederland met stenen uit Udenhout gebouwd. Het was de grootste steenfabriek van het land. De stenen werden over het terrein vervoerd over een smalspoor, er was een aftakking naar de spoorlijn Tilburg – Den Bosch, ter hoogte van het station Udenhout, wat nu niet meer bestaat.

Udenhout was een agrarische omgeving, dus de arbeiders kwamen van verder weg, met name uit de omgeving Etten-Leur, Velddriel en de Achterhoek. Voor hen werden arbeiderswoningen bij de fabriek gebouwd, die uitgroeiden tot de buurtschappen De Zestien, Klein Duitsland en Piekenhoek.

In 1993 werd de Steenfabriek Udenhout gesloten, het gevolg van saneringen, overnames en een afnemende vraag naar bakstenen. Het terrein van 20 hectaren kwam in handen van de gemeente Tilburg, die het toe wilde voegen aan het aangrenzende industrieterrein van Udenhout.

Brabants Landschap

Brabants Landschap kocht al het eerste stukje terrein aan in 1967 en bemoeide zich toen al met het graven van de leemputten, zodat die na gebruik omgevormd konden worden tot natuur. Na de leemwinning werden de 1,5 meter diepe putten weer dichtgegooid met zand, maar na vele jaren gebruik was er toch minder grond en daarom ligt het hele gebied lager dan de rest van de omgeving, wat je goed kan zien als je over de N65 rijdt. Brabants Landschap wilde ook graag de rest van het terrein hebben, om het om te vormen tot een ecologische verbindingszone die de Oisterwijkse Bossen en Vennen, De Brand en de Loonse- en Drunense Duinen moest verbinden. Na vele onderhandelingen konden ze het gebied in 2007 aankopen.

DSC05261
Witte g’ijt?

Sindsdien is 13 hectare omgevormd naar een kleinschalig agrarisch cultuurlandschap met houtwallen, struwelen, akkertjes en poelen. Hier leven dassen, boomkikkers en kamsalamanders. Het fabrieksgebouw zelf is gesloopt, maar over een oppervlakte van 1,5 hectare is de betonnen fabrieksvloer blijven liggen, met resten fabrieksmuur van een halve meter hoog eromheen. Hier is ook een poel gemaakt van opgehoogd leem, die gebruikt wordt door boomkikkers. Die mogen met een verrekijker bekeken worden door de natuurliefhebbers, vanaf het transformatorhuisje, wat een uitkijkpunt wordt. Ook het Heerkenshuis is blijven staan; dit is de voormalige showroom van het bedrijf, opgetrokken uit de zelf geproduceerde bakstenen in verschillende metselverbanden en ontworpen door en vernoemd naar de Tilburgse architect Noud Heerkens. Het Heerkenshuis wordt nu o.a. gebruikt als infopunt. Er zijn nog bewust enkele sporen van de steenfabriek achtergelaten als eerbetoon aan het industriële verleden: een oude locomotief, enkele delen smalspoor en enkele spantvoeten. Op dit soort terreinen groeien ruderale planten, die goed groeien op grond die arm is aan humus, maar rijk is aan kalk. Ruderaal komt van het Latijnse woord rudera, wat ruïne betekent. Het is niet de bedoeling dat het terrein gaat verbossen en daarom grazen er Nederlandse landgeiten.

DSC05216
Weerspiegeling

De grote plas – genaamd Brabandshoek – ten noorden van de Heusdensebaan is overigens geen leemput, maar hier is na 1970 op grote schaal zand gewonnen voor woning- en wegenbouw.

De wandeling

Je kunt de wandeling beginnen bij het Heerkenshuis en het voormalige fabrieksterrein, maar ik koos ervoor om te beginnen bij wandelknooppunt 72, op de kruising van de Haarensebaan met de Heiweg en de Heusdensebaan. Hier is plaats voor aan aantal auto’s. Maar ik kwam op de fiets, het is een klein kwartiertje fietsen vanaf mijn huis. Verwar de wandelknooppunten niet met de fietsknooppunten, want dat deed ik eerst wel en dan fiets je het startpunt zo voorbij. Ik stak de Heusdensebaan over (hier wordt hard gereden, dus kijk uit) en begon met een rondje om de voormalige zandwinningsplas. Dit is een smal struinpad, met aan de ene kant boomkwekerijen en aan de andere kant de plas. Omdat alles nu vol in bloei stond, was van de plas nu niet veel te zien. Aan het einde van dit pad sla je linksaf richting Landpark Assisië. Dit is een half verhard pad met aan weerszijden bomen. Halverwege kun je nog afslaan naar het vogelkijkscherm: een aanrader, want hier heb je wel een goed zicht op de zandwinningsplas. De plas is groot en diep en er leven vooral visetende vogels zoals de aalscholver en de fuut. Er is ook een oeverzwaluwwand aangelegd voor ijsvogels.

DSC05209
Uitzicht op de zandwinningsplas

Landpark Assisië

De wandeling loopt vervolgens in een lus over het terrein van Landpark Assisië; hier wonen en werken mensen met een verstandelijke beperking. Je zou hier een pauze kunnen houden bij Lokaal 12. Hier werd ik echter weer met mijn neus op de corona-feiten gedrukt: voorlopig is Landpark Assisië verboden terrein voor mensen van buitenaf. Dus moet je de wandeling voorlopig vervolgen over de Hooghoutseweg. Hier volgt dan een stuk over het asfalt, minder leuk want ook toegankelijk voor auto’s en landbouwwerktuigen, maar ik begrijp dat de route niet echt anders kan. Na nog een klein stukje langs de drukke Heusdensebaan, kom je uit in het Molenbaantje en hier is dan eindelijk de lost place waar het mij omging: het voormalig fabrieksterrein van de Steenfabriek Udenhout.

DSC05232
Lost Place

Lost Place

Er is een toegangspoort met daarop de oude naam D’n Oven. Het Heerkenshuis was ook gesloten, eveneens vanwege corona natuurlijk. Maar je mag wel gewoon rondstruinen over het voormalige fabrieksterrien. Leuk om alle hierboven beschreven kenmerken terug te zien. De oude, verroeste locomotief heeft een nieuwe machinist gekregen: een landgeit. Toen ik dichterbij gekomen was, bleek er achter de locomotief een kleine kudde landgeiten te liggen, lekker in de schaduw. Ze waren erg nieuwsgierig, niet bang aangelegd en lieten zich gewillig op de foto zetten. Ik moest denken aan de Bokkenrijders, haha. Op een bepaald moment wilde een geit te dichtbij komen, dus zette ik verschrikt een stap achteruit…

DSC05247
Kleine kudde

Dat had ik beter niet kunnen doen, want ik struikelde achterover over – hoe ironisch – een losliggende baksteen (je ziet hem liggen op de foto). Ik voelde meteen een scherpe pijn in mijn linkerknie, toch al mijn zwakke plek nadat ik bijna zeven jaar geleden in een Sloveense put viel (toen stapte ik ook al achterover, is dus niet goed voor je). Nadat ik een paar minuten sterretjes zag, werd mijn zicht weer normaal en probeerde ik of ik op kon staan en kon lopen. Dat lukte met enige moeite, dus ik heb ook de laatste pakweg twee kilometer van de wandeling nog afgestrompeld. Dit was nog wel een mooi stukje, dwars door de daadwerkelijke leemputten heen, dit zijn nu allemaal kleine waterplassen met bomen en struiken eromheen (dit pad heeft zelfs een naam; Haarensebaan). Toch was ik blij toen mijn fiets in zicht kwam, die braaf bij wandelknooppunt 72 op mij stond te wachten. Langs de andere kant van de Leemputten fietste ik over de verharde weg (Heideweg) weer terug naar Oisterwijk. Hier kun je inderdaad goed zien dat de Leemputten lager liggen dan de rest van de omgeving.

DSC05269
Doorkijkje Leemputten

Aanrader?

Het is natuurlijk niet zo’n lange wandeling en er zit ook een flink stuk asfalt in. Verder valt er niet echt te komen met het openbaar vervoer. Je moet twee keer de Heusdensebaan oversteken en er zelfs een stukje langs lopen.  Maar als je in de buurt bent en van industrieel erfgoed en natuurbouw houdt, dan is het zeker een aanrader. Ook voor vogelliefhebbers lijkt het mij een leuke spottersplek. Overigens wordt de route aangegeven met paaltjes met oranje koppen en omdat het een rondwandeling is, kun je overal starten. Als mijn knie weer beter is en de lus over landpark Assisië weer toegankelijk is, lijkt het mij leuk om nog een keer te gaan lopen. Waarschijnlijk is het dan herfst en ziet alle natuur er ook weer anders uit.

IMG_0876
Leemputten gezien vanaf de Heideweg

Bronnen: informatieborden onderweg en het tijdschrift van Brabants Landschap, herfst 2019, nummer 203.

Deze diashow vereist JavaScript.

Tuesday TAG: Corona-tag

Je komt ze heel vaak tegen op blogs: TAGS. Vragenlijstje over een bepaald onderwerp die dan ingevuld worden. Stiekem vind ik ze best leuk en daarom zal ik regelmatig zo’n tag invullen en op mijn blog plaatsen. Mocht je nog een leuke TAG voor mij weten, dan hoor ik dat graag in de comments.

De tag van vandaag gaat over iets waar we de laatste maanden niet omheen kunnen, want het corona-virus heeft invloed op iedereen. En net als zo’n 17 miljoen andere Nederlanders heb ik ook een mening over corona en alles wat daarmee te maken heeft. Dus toen ik deze vragenlijst zag op de blog van Triltaal, besloot ik dan toch maar eens iets te schrijven over Het Virus.

In welke provincie woon je?

Noord-Brabant

Heb je een vitaal beroep? Zo ja, wat doe je?

Officieel niet, maar PostNL heeft postbezorging wel tot vitale dienst benoemd.

Heb je nog jonge kinderen en hoe ging het thuis onderwijs verzorgen? En als je kinderen al wat ouder waren, hoe ging het met het onderwijs op afstand?

Ik heb geen kinderen.

Zijn er mensen om wie je je extra zorgen (hebt ge)maakt? Ouders, kwetsbare familieleden?

Ja, ik denk dat je ergens altijd bang bent dat je ouders ziek worden, dat is niet alleen nu. En ik ben zeker blij dat mijn ouders nog relatief jong zijn en zelfstandig wonen en dat ze niet in een moeilijk bereikbaar verpleegtehuis zitten.

Werk je nu zelf thuis en hoe pak je dat aan? Heb je bijvoorbeeld een rustige werkplek, zit je in de woonkamer, is het arbotechnisch verantwoord?

Mijn werk kan niet thuis. Wel ben ik ook student en aan het afstuderen. Dat moest sowieso vooral thuis. En nee, mijn werkplek is zeker niet arbotechnisch verantwoord, want meestal zit ik met laptop op de bank.

Is jouw financiële situatie verslechterd?

Mijn werk gaat gewoon door en omdat mensen zich helemaal suf bestellen online aan de meest rare dingen die door de brievenbus passen, is het erg druk en kan ik meer uren maken dan normaal in deze periode.

Ben je bang om ziek te worden?

Nee, niet echt. Alleen in het begin een beetje.

Hoe ervaar je al het nieuws over corona?

Van de ene kant is het fijn om in een land te wonen waar de informatievoorziening goed is. Van de andere kant ging het in het begin echt alleen maar over corona en kwamen alle virologen en deskundigen mijn neusgaten uit. Ook vind ik dat we erg bang worden gemaakt met cijfers die we niet kunnen relativeren. Het ging ooit om 1% van de bevolking die het zou krijgen, dat gaat in Nederland om 170.000 mensen. Maar omdat er te weinig getest wordt, weet niemand meer of we nu al aan die 1% zitten. Ondertussen kijk/lees ik alleen nog de items die mij interessant of nuttig (persconferenties zonder de vragen bijv.) lijken.

Wat mis je het meeste?

Sociale contacten. En het gevoel van vrijheid om dingen te doen die je leuk vind. Verder ben ik er van overtuigd dat we allemaal best een jaar zonder uitstapjes of buitenlandse vakanties kunnen.

Hoeveel mensen ken je die overleden?

Ik ken niemand persoonlijk, maar in de plaats waar ik werk zijn wel een aantal mensen overleden.

En hoeveel mensen die ziek zijn (geweest)?

Ik ken wel een aantal mensen die waarschijnlijk (want niet getest) een milde variant hebben gehad. Gelukkig zijn die allemaal weer genezen zonder ziekenhuisopnames.

Hoe ervaar je alle regels en en kun je ze gemakkelijk volhouden?

Tot nu vind ik het allemaal wel prima vol te houden, maar hoe langer het duurt, hoe meer dingen ik vervelend ga vinden.

Worden de regels in jouw woonplaats goed gevolgd?

In het begin wel, maar ik merk nu (ook aan mijzelf) dat hoe langer het duurt, hoe lastiger het wordt. Sommige regels zijn ook awkward. Zo mogen we sinds half mei wel weer kanoën, maar mogen we geen gebruik maken van de kleedkamers, wat gewoon heel onhandig is bij een watersport.

Verder is 1,5 meter afstand buiten prima te doen, maar binnen in huis of winkels is het echt een flinke afstand.

Heb je al mondkapjes in huis?

Ja, want ik heb geen auto, dus ik zal ooit weer de trein in moeten en ik vrees dat het nog wel even verplicht zal zijn.

Wat ga je doen met de zomervakantie?

Niks bijzonders. Ik wilde meedoen aan de Apeldoornse Vierdaagse, maar die is natuurlijk afgelast. Dus ik ga gewoon werken en verder met afstuderen. En op vrije dagen dingen zoals wandelen in de omgeving van huis. Het zou leuk zijn om weer eens een terrasje te kunnen pakken. En weer eens naar de bioscoop te gaan. Verder hoop ik in de herfst wel een weekje weg te kunnen binnen Nederland.

Zijn er positieve dingen aan deze hele situatie?

Ja, omdat er nu zo weinig afleiding is, vond ik eindelijk de motivatie terug om toch nog af te gaan studeren.

Denk je dat we er uiteindelijk beter uit zullen komen?

Ik hoop het, maar ik geloof er niet echt in. Het zou mooi zijn als er nu een heleboel problemen eens goed aangepakt worden, maar de meeste mensen willen helemaal niet veranderen of hun levensstijl aanpassen ten gunste van het milieu.

Ten gevolge van deze mentaliteit denk ik ook niet dat dit de laatste zoönose is. Ik vrees dat ik gedurende mijn leven nog vaker te maken ga krijgen met dit soort virus-periodes en de bijbehorende maatregelen.

Ziet je dag er nu heel anders uit? Wat doe je meer? Of minder?

Niet echt dus, omdat mijn werk gewoon door gaat. Vrije dagen zijn wel anders, omdat ik nu alleen dichtbij huis “op avontuur” kan.

Zijn er nog andere dingen die je graag met ons deelt?

Ja, ik ben erg nieuwsgierig of mensen bereid zijn om hun levensstijl aan te passen om dit soort virussen in de toekomst te voorkomen.

Dus hoe denk jij over corona en alles eromheen?

Parkbos de Haar (Day Zero Project: doel #94)

Boomcertificaten

Ondanks dat mijn Day Zero Project al een tijdje afgelopen is, kom ik vandaag toch even terug op doel #94. Dat was er eentje uit de categorie serious things en wel het (financieel) adopteren van een dier of een boom. Ik beschouwde dit doel als vervuld, doordat Landal steeds een boom namens mij sponsorde in Parkbos de Haar, bij elke vakantie die ik bij hen boekte in de jaren 2017 en 2018. In totaal sponsorde ik zo drie bomen.

Ik zie nu dat er maar op één boomcertificaat vermeld staat dat het specifiek om een boom in Parkbos de Haar ging. Ik trok al in twijfel dat daar 70.000 bomen waren geplant, maar mijn andere bomen staan dus ergens anders in het land.

Ik had mij voorgenomen om mijn adoptiebomen in Parkbos de Haar eens te gaan bekijken en op een grauwe, koude winterdag in januari 2020 was het eindelijk zo ver. Vanwege het weer zijn de foto’s dus erg donker.

Parkbos de Haar

Parkbos de Haar is nog een heel jong bos, Natuurmonumenten is pas in 2015 begonnen met de aanleg. Alle boompjes zijn dus nog heel klein en daardoor is het bos absoluut nog niet te vergelijken met zoiets als de Oisterwijkse bossen, die al veel en veel langer bestaan. Parkbos is eigenlijk wel een heel goede benaming; het bos doet nu nog veel meer denken aan een park.

Het parkbos is te vinden aan de westzijde van Kasteel de Haar, ter hoogte van de Hoeve Wielrevelt, aan de Thematerweg 10c. Het hoort dan ook bij Landgoed Haarzuilens. Het plan is ontworpen door de tuinarchitect Hendrik Copijn. Het is een romantisch park in Engelse landschapsstijl, deze stijl sluit aan bij de oorspronkelijke plannen voor het park rondom Kasteel de Haar.

Het idee is dat je kan wandelen, struinen en spelen in het parkbos. Spelen kan nu al, want er zijn bijvoorbeeld al stapstenen aangelegd door de vele watertjes die het gebied doorkruisen. Wandelen kan ook al en dat struinen gaat in de toekomst vast nog komen.

DSC04942
Kasteel de Haar

Kasteel de Haar

Kasteel de Haar is het grootste kasteel van Nederland en het is te vinden in het plaatsje Haarzuilens, gemeente Vleuten in de provincie Utrecht. Er heeft op deze plek al eerder een kasteel gestaan, maar het huidige gebouw werd gebouwd in de periode van 1892 tot 1912 en is ontworpen door de architect Pierre Cupyers. Deze man is vooral bekend als ontwerper van het Rijksmuseum en het centraal station van Amsterdam, maar eigenlijk ontwierp hij vooral kerken. O.a. de Petruskerk in mijn eigen woonplaats Oisterwijk. Ik ben 1x binnen geweest in Kasteel de Haar en vond dat je die boogstructuur die je vaak in kerken ziet, ook terug zag in bijvoorbeeld de grote hal van het kasteel. Het klopt inderdaad dat het interieur is ontworpen in een neogotische, kerkelijke stijl.

Aan geld voor de herbouw van het kasteel was geen gebrek. De opdrachtgever was baron Étienne van Zuylen van Nyevelt van de Haar (1860-1934), die getrouwd was met barones Hélène de Rothschild (1863-1947), een erfgename uit de Franse tak van de rijke bankiersfamilie De Rothschild. Overigens waren de baron en de barones niet van plan om het kasteel permanent te gaan bewonen; het was alleen bedoeld als “nazomerverblijf” voor de maanden augustus en september… Voor iemand zoals ik – die op een klein appartement van amper 40m2 woont – is zulke rijkdom nauwelijks te bevatten. 

DSC04948
Kasteel de Haar in de mist

Haarzuilens

Kasteel de Haar heeft een nauwe band met het dorp Haarzuilens. Zo zijn de kleuren van het kasteel (rood en wit) en het wapen van de familie van Zuylen nog terug te vinden op vrijwel alle woningen van het dorpje, zelfs op de nieuwbouwwoningen. Overigens lag Haarzuilens vroeger dichter bij het kasteel. De baron wilde echter op de plaats van het dorp een Romeinse tuin aan laten leggen, dus kocht hij het complete dorp op en liet het ongeveer een kilometer verderop herbouwen. Haarzuilens is een brinkdorp, heeft een beschermd dorpsgezicht en veel gebouwen zijn rijksmonumenten, net als het kasteel zelf.

DSC04931

Stichting Kasteel de Haar

Sinds 2000 zijn het kasteel en de omliggende tuinen eigendom van de Stiching Kasteel de Haar. De familie Van Zuylen heeft nog wel steeds het recht om in de maand september gebruik te maken van het chatelet, het bijgebouw van het kasteel. De “landerijen” rondom het kasteel – waaronder Parkbos de Haar – zijn eigendom van Natuurmonumenten.

Elfia

En waarom heb ik nou zoveel belangstelling voor dit kasteel en de omgeving? Tja, omdat ik er ondertussen al heel vaak geweest ben vanwege het fantasy-evenement Elfia, wat elk jaar in april wordt gehouden in de tuinen rondom Kasteel de Haar (helaas ging het in april 2020 niet door vanwege het corona-virus, maar ik had sowieso niet gekund, omdat ik naar Disneyland zou gaan dat weekend, wat natuurlijk ook niet door ging). Daardoor voelt het een beetje alsof er een heel klein brokje van het kasteel van mij is, haha.

Groene Wissel Vleuten

Ik zocht op of er toevallig een wandeling vanaf station Vleuten naar Parkbos de Haar liep en dat bleek zo te zijn: er was een groene wissel. Die liep niet door Parkbos de Haar, maar er langs af, maar ik zou dan wel kunnen afbuigen.

Deze januaridag kwam met koud, grauw winterweer, maar volgens mijn 5-regel-dagboek lag er vorig jaar sneeuw op deze datum en dat was nu niet. Dus muts op, handschoenen aan, winterjas aan, thermosokken aan en gaan met die banaan. Op station Vleuten ben ik ondertussen al heel vaak geweest. Ik wandelde eerst een stukje door het dorp en daarna via een laan meteen naar Landgoed Haarzuilens. Ik kon natuurlijk ook weer de Hamtoren zien, een toren die een paar jaar geleden voor een paar miljoen te koop stond en wat mijn moeder en mij wel een leuk optrekje leek… als we de loterij zouden winnen… (overigens doe ik niet mee aan loterijen, maar dat is weer een ander verhaal). De Hamtoren stond nu in de steigers, blijkbaar wordt hij gerestaureerd.

DSC04932
Fietspad tussen de bomen. Deze foto scoorde (voor mijn doen) hoog op instagram.

Landgoed Haarzuilens

Daarna ging ik via een bomenlaan de gronden van landgoed Haarzuilens op. Hier herkende ik algauw dingen van een multi-cache die mijn moeder en ik ooit gedaan hebben voor we het terrein van Elfia betraden. Daar staan van die verroeste kerkjes en stalen koeien. Die kerkjes omdat dit het oude kerkenpaadje was. Via de bloesemlaan – nu natuurlijk nog geen bloesem – kwam ik onder de brug door naar het kasteel. Er is sinds kort een virtuele cache te doen bij Kasteel de Haar. De vraag is dus van wat voor materiaal de brug is gemaakt. Dat wist ik meteen, ik ben hier ondertussen al zo vaak geweest. Je moest natuurlijk ook een foto maken van jezelf met het kasteel op de achtergrond. Nou heb ik plenty off foto’s van mezelf met het kasteel, maar dan ben ik gekleed op z’n Elfiaans. Dus nu maar een keurige foto in geocaching-outfit gemaakt.

Geocaching en Munzee

Het kasteel zag er een beetje somber uit in dit grauwe winterweer en zonder dat “the gates of Elfia” geopend waren. Ik kon wel een paar Munzees vangen rondom het kasteel, waaronder een hotel waar ik nog een kamer kon krijgen. Dat is leuk voor de punten. Ik heb ook nog overwogen om een bezoek aan het kasteel te brengen (ik mag er gratis binnen met mijn museumkaart), maar geocaching was belangrijker vanwege mijn Geocaching Datum Project (dit was een 3-cache-datum) en ik had nu nog maar één cache gedaan; de virtual. Daarnaast was ik gekomen om het parkbos te bekijken, dus boog ik af naar Parkbos de Haar, wat dus vanaf de hoofdingang links van het kasteel blijkt te liggen. Omdat ik eerder langs nummer acht van de serie kwam, besloot ik in omgekeerde volgorde te gaan lopen. Dat bleek niet echt een goed idee te zijn. Nummer 8 en 7 werden snel gevonden. Ik vond het grappig dat nummer 7 bij een oude, omgevallen boom lag, die ze hier tussen de jonge boompjes hadden neergelegd. Die boom kwam dus uit een gebied iets verderop. Het leek op de Duizendjarige Den die ik tegen kwam bij de NS-wandeling Warnsborn. Het idee was ook hetzelfde; dat de boom bleef liggen om als voedsel te dienen voor insecten en andere beestjes.

 

Daarna verdwaalde ik een beetje onderweg naar nummer 6, ik liep vast in een drassig gebied, dat doorsneden werd door brede sloten (ok, dat was toch een beetje struinen). Dus teruggegaan naar het verharde pad. Toen stond ik bijna op nummer 4, dus besloot ik die maar eerst te loggen en dan via 5 naar 6 te komen. Ik had het er maar druk mee, want er waren ook nog Munzees in het Parkbos, dus liep ik afwisselend op Smaug en Phone te kijken. Het lukte nu wel om nummer 6 te bereiken, die bleek bij het geboortebos te liggen. Hier kunnen ouders een boom laten planten voor hun kind. Ik vind dat wel een goed initiatief; mocht ik ooit nog kinderen krijgen, dan krijgen die ook een boom.

Ik kwam langs een stukje waar een loopbrug door een soort van moeras was aangelegd. Hier waren dan ook moerascipressen geplant, maar die waren nu nog niet zo groot. Volgens de foto op het informatiebordje worden het wel stoere bomen, dus ik besloot dat ik een moerascipres had gesponsord. Er hingen tenslotte geen naamkaartjes aan die boompjes, dus ik heb er gewoon zelf eentje uitgezocht, haha.

Vlakbij nummer 6 ving ik ook nog een tijdelijke special Munzee, die mij 200 punten en een nieuwe badge opleverde. Dat ging dus ook lekker vandaag. Ik wandelde weer terug naar het rode bruggetje voor de laatste drie caches van de serie. Die werden allemaal gevonden en bij nummer 1 rekende ik de bonus uit. Die bleek in een gebied verderop te liggen, aan de overkant van de weg. Dat kwam mij eigenlijk wel goed uit, want nu kwam ik meteen langs de cache Klein Limburg, in het gelijknamige gebied. Vanaf dit gebied(je) kon je zo de kasteeltuinen van de Haar inkijken, ik zag allemaal bekende plekjes. Ook deze cache werd gevonden en daarna kon ik door voor de bonus van de Parkbos-serie. Hiervoor moest ik een klein stukje langs een landweggetje lopen en wat wordt er op dit soort weggetjes toch altijd idioot hard gereden. Waarschijnlijk omdat er geen enkele vorm van toezicht is. Ook de bonuscache werd gevonden.

Koud

Ik had nu ruim genoeg caches gevonden om de datum te saven voor mijn Geocaching Datum Project. Nu had ik verschillende keuzes. Ik kon de Groene Wissel af gaan maken, maar ik had nog zo’n 13 kilometer te gaan en het was echt koud, grauw winterweer. Daarnaast had ik een groot gedeelte van de route al eens eerder gelopen (Hollandse Kade). Er zou ook nog maar 1 cache op de route te loggen zijn, dus dat was ook niet echt een trigger meer om verder te gaan. Eigenlijk viel deze optie gewoon af: te koud en nog te ver.

De tweede optie was om een bezoek aan het kasteel te gaan brengen. Maar het was al bijna half 3 en er van uitgaande dat ik zo’n twee uur daar binnen zou blijven, zou ik pas om half 5 weer naar buiten komen en het was ook nog een klein uur terug lopen naar het station. Dat zou dan weer een race tegen het donker worden en dan moest ik ook nog 1,5 uur terug naar huis treinen. Daarnaast ben ik al eens in het kasteel geweest, dus het was niet dat ik er nog nooit geweest was.

Dus werd het de derde optie: op mijn gemak terug wandelen naar station Vleuten, zodat ik nog voor het donker terug in Oisterwijk zou zijn. Uiteindelijk was er allemaal ellende op het spoor (aanrijding met persoon en spoorwegovergangstoring) en daardoor strandde ik pas drie uur later op station Boxtel, waar gelukkig iemand mij op wilde komen halen.

Maar nu heb ik dat Parkbos de Haar tenminste eens met eigen ogen gezien ;>)

DSC04951

Alle foto’s bij deze blog zijn door mij zelf gemaakt.

Informatie komt van de website van Natuurmonumenten, de website van Kasteel de Haar en Wikipedia.

Aanvulling:

Tja, dit soort dagen waarop ik op “avontuur” ga, vind ik dus heerlijk. En als ik dit zo terug lees, dan mis ik het extra erg. Januari is nog maar een paar maanden geleden en nu zitten we ineens gebonden aan de omgeving rondom huis. En ja, daar vallen ook best avonturen te beleven, maar het is toch anders.

 

Geocachingverhalen uit het verleden: 21 mei 2016

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 21 mei 2016

Eigenlijk zouden we gaan kanoën dit weekend, maar dat ging door omstandigheden niet door. Omdat ik wel vrij had genomen van mijn werk, besloot ik om deze dag dan maar te besteden aan het vinden van een hele berg caches tijdens een wandeling. Omdat het er zoveel zijn heb ik niet alle cache-informatie vermeld.

  1. Trail Trichtse Veld 1
  2. Trail Trichtse Veld 2
  3. Trail Trichtse Veld 3
  4. Trail Trichtse Veld 4
  5. Trail Trichtse Veld 5
  6. Trail Trichtse Veld 6
  7. Trail Trichtse Veld 7
  8. Trail Trichtse Veld 8
  9. Trail Trichtse Veld 9
  10. Trail Trichtse Veld 10
  11. Trail Trichtse Veld 11
  12. Trail Trichtse Veld 12
  13. Trail Trichtse Veld 13
  14. Trail Trichtse Veld 14
  15. Trail Trichtse Veld 15
  16. Trail Trichtse Veld 16
  17. Trail Trichtse Veld 17
  18. Trail Trichtse Veld 18
  • Maker: De Griendtjes
  • Type: Traditionals
  • Heideroosjes: Maartje
  • Gevonden op: 21 mei 2016
  • Plaats: Tricht

Ik besloot om een soort van zelfbedachte NS-wandeling bij elkaar te navigeren van station Geldermalsen naar station Beesd. Tijdens mijn ontbijt laadde ik de caches in Smaug (mijn gps). Om 10 uur zat ik in de trein naar Geldermalsen. Vanwege storingen spande het er nog even om, of ik wel in Geldermalsen aan zou komen, maar uiteindelijk stond ik er binnen drie kwartier, dus viel het allemaal wel mee met de storingen. Het zonnetje scheen ondertussen en ik heb onderweg geen enkele bui gehad (dat was wel voorspeld), dus eigenlijk had ik mijn jas niet mee hoeven te nemen.

Ik begon met vier caches in Geldermalsen zelf. Eerst eentje bij een zonnewijzer, die hoorde bij dezelfde serie hoorde als de cache bij de zonnewijzer in Beesd die ik eerder deze maand samen met mijn moeder vond. Daarna een voortuin-cache die verstopt zat in een schattige egel. De volgende geocachers kwamen al aan fietsen, maar zij waren niet zo spraakzaam en gingen ook de andere kant op, dan ikzelf. Ik logde een cache in het welkomstbord van Tricht, dat is een gehucht wat bij Geldermalsen hoort, en daarna nog een voortuincache, waar ik mijn stinkdiercoin ruilde, tegen een schattige vleermuis-travelbug. Later bleek dat ik de allereerste ben, die deze vleermuis in handen heeft.

De wandeling ging verder naar de Trichtse Trail, een mini-powertrail van 18 caches langs een boerenlandweg, echt op de minimale verplichte afstand uit elkaar. Het negatieve wat ik hier over kan zeggen is dat het wel heel makkelijk puntjes scoren is en dat het niet echt heel uitdagend is. Het positieve is dat alle caches keurig verzorgd waren, waterdicht en met logboekjes en dat het lekker door telt voor de puntjes. In het begin waren ze ook nog allemaal op dezelfde manier verstopt, maar later kwam er iets meer variatie in. Helemaal aan het einde kwam ik nog andere geocachers tegen, drie dames op de fiets, die het volgens mij niet uit konden staan, dat ik in mijn eentje de cache eerder had gevonden, dan zij met z’n drieën.

Met al 22 founds op zak wandelde ik door naar de andere kant van de spoorlijn, waar nog een stukje van Tricht lag. En nog meer caches. Eentje vond ik wel bijzonder grappig verstopt, de hint was zoiets als: “het licht erin” en die cache zat dus echt verstopt in zo’n ouderwetse lampenbol. Dit was helemaal wel een idyllisch dorpje, met een kringloopwinkel, waar een poes buiten in de kast lag te slapen.

Ik was deze dag begonnen met het idee om 26 caches te vinden, want dan zouden we bij de #6400 zijn. Dat bereikte ik al bij het travelbughotel in het vogelhuisje. Dus stelde ik de eis bij naar 30 founds. De Natte Neus cache was ook nog wel grappig, dit was zo’n buis waar je water in moest gooien om de cache naar boven te laten drijven. Hiervoor moest ik wel mijn drinkwater opofferen.

Er volgde nu een mooi stukje van de wandeling, over de bloesemdijkjes langs de Linge. Er waren veel bootjes op het water, dus ik kreeg logischerwijs zin in kanoën, wat eigenlijk de hoofdactiviteit van dit weekend had moeten zijn. Ik herkende stukken van de wandeling van mei 2011, toen Anke en ik hier een lange multi deden die onze #3000ste cache had moeten worden. Zoals bekend, hebben we die multi nooit gevonden.

Op de Appeldijk vond ik weer een cache en ook nog eentje bij de Loswal, een instapplaats voor grotere boten met lading. Nu waren de caches aan deze kant van de Linge op. Maar het was nog best vroeg in de middag, dus besloot ik het mini-veerpontje te nemen, naar de overkant om nog een paar caches te kunnen loggen in Enspijk, ook een klein gehucht. Eerst stond ik alleen op de veerpont te wachten, maar er kwamen nog twee fietsers bij. Bij de kade van de veerpont lag ook een cache, ik vroeg de aardige veerman om een tip en kreeg die ook, ik dacht even  dat de cache echt op zijn pontje lag. Het veer kostte 1 euro, maar zo’n man gun ik dat gewoon van harte. De cache op de kade vond ik ook. In Enspijk had ik weer een voortuincache. Deze mensen hadden uitzicht op een weiland vol koeien, lijken me gezellige overburen. Ik heb overigens ook helemaal niets tegen mijn overburen, maar zij hebben helaas geen vlekken (grapje). Ik zou een weiland met koeien tussen mijn woning en de spoorlijn ook wel heel leuk vinden.

Bij het uitzicht op de molen stonden twee tienermeisjes foto’s van elkaar te maken, dus besloot ik die te laten liggen tot de terugweg. Bij de molen zelf lagen twee caches. Eentje was een makkelijke found, maar bij de molen zelf scoorde ik mijn eerste en enige not-found van de dag. Ik was niet de enige, want de logjes puilden uit van de not-founds en de afwijkingen. Jammer, maar helaas. Op de terugweg vond ik na lang zoeken (de langste zoektijd van vandaag) nog wel het uitzicht op de molen. Dwars door het dorp lopend vond ik nog mijn laatste cache, I love geocaching in Enspijk. Helaas kreeg ik deze behuizing niet open, ik heb 10 minuten zitten kloten, maar ik denk dat hij was uitgezet door de hitte, ofzo. Nu begon de laatste etappe, naar het station van Beesd. Ik had nog 1 cache kunnen doen, maar die lag aan de andere kant van de snelweg, dus dan moest ik er 700 meter voor terug lopen en dan weer terug naar het viaduct. Die heb ik toen geskipt. Ik wil hier ook nog een keer gaan fietsen en een paar multi-caches gaan doen, dus dan moet die maar mee. De vorige keer lukte hij ook al niet, dus een beetje frustrerend is hij ondertussen wel. De kilometers begonnen nu wel te tellen, dus ik was blij toen het station in zich kwam. Helaas had ik me vergist in de treintijden en reed de Spurt (bij Arriva heten de treinen Spurts) net voor mijn neus weg. Dus kon ik een half uur gaan wachten op de volgende.  Ook de rest van de reis naar huis stond bol van de vertragingen en daardoor gemiste treien, dus uiteindelijk was ik pas om 20 uur ’s avonds thuis.

Wat ik hier op 21 mei 2020 nog aan toe te voegen heb:

Haha, ik vind het vooral grappig dat ik hier weer over die frustratie van de 3000ste cache begin. Vorige week hebben jullie daar ook al van alles over kunnen lezen. Verder was dit eigenlijk een prima cache/wandeldag, lekker gewandeld en ook nog eens heel veel caches gevonden.

Alle foto’s bij deze blog zijn door mij zelf gemaakt op 21 mei 2016.

Tuesday TAG: Furry Friends Update

Je komt ze heel vaak tegen op blogs: TAGS. Vragenlijstje over een bepaald onderwerp die dan ingevuld worden. Stiekem vind ik ze best leuk en daarom ga ik voorlopig om de twee weken een TAG invullen en op mijn blog plaatsen. Mocht je nog een leuke TAG voor mij weten, dan hoor ik dat graag in de comments.

Deze tag gaat over huisdieren en twee jaar geleden vulde ik deze ook al in. Toen had ik twee cavia’s: de gebroeders Freek en Frinn. Helaas is Frinn ondertussen overleden, maar Freek is er gelukkig nog steeds. Hij heeft nu een nieuw vriendje in de vorm van Fenno.

IMG_0217
Fenno en Freek (smelt)

Wat zijn de namen van je huisdieren?

Freek en Fenno. Mijn cavia’s krijgen altijd een naam die begint met de letter F. Dat is ooit begonnen als grapje, tegenwoordig is het uitkiezen van een F-naam serious business. Toevallig hebben deze twee namen die ook voor een mens zouden kunnen, maar over het algemeen kies ik gewoon iets uit wat ik leuk vind klinken. Ik schrijf ook wel eens leuke namen of woorden met een F op, als ik die ergens tegen kom.

IMG_0770
Freek vindt hooiregen geweldig, Fenno gaat liever schuilen in het huisje

Wat voor soort dier is het en welk ras?

Het zijn dus cavia’s. Om precies te zijn mijn achttiende en eenentwintigste exemplaar. Ik kreeg mijn eerste cavia toen ik acht jaar oud was. Daarna heb ik ook nog een tijdje hamsters gehad, tot ik weer een cavia kreeg voor mijn zestiende verjaardag. Sindsdien heb ik altijd cavia’s gehad op een paar weken in 2017 na, toen allebei mijn cavia’s in dezelfde week dood gingen en de nieuwe cavia’s (waaronder Freek) nog niet bij hun moeder weg mochten.

Mijn cavia’s zijn niet van een speciaal ras, het zijn gewoon “bastaard-kruisingen” van van alles en nog wat, haha.

Freek is overwegend zwart met enkele bruine vlekken, waarvan een grote op zijn zijkant. Hij heeft US Teddy haar, wat heel zacht aan voelt. Hij is mijn eerste en vooralsnog enige cavia met dit soort beharing.

Fenno is driekleurig zwart-bruin-wit, maar zijn kleurvlakken zijn niet heel netjes verdeeld, waardoor hij er uitziet alsof er een paar potten verf over hem zijn gevallen, vooral op zijn achterzijde. Zijn kop is zwart, met een witte streep over zijn neus, dat ziet er heel schattig uit. Hij is gladharig, maar heeft ongetwijfeld wel een borstelige voorouder, want hij is niet helemaal netjes glad, hij heeft wat rare, langere plukken haar achter zijn oren en op zijn kont.

IMG_0213
Ze dachten dat ze dat pak hooi wel in 1x op mochten eten…

Hoe lang heb je je huisdieren al?

Freek is begin juni 2017 geboren en hij kwam een maand later bij mij wonen, dat was 2 juli 2017. Van Fenno weet ik de exacte geboortedatum: 11 oktober 2019 en hij kwam op 18 november 2019 halsoverkop bij mij wonen of beter gezegd bij Freek. Yup, ik schrijf dat soort dingen op. Ik weet alle namen van de guineapigs of the past nog (en ook nog hoe ze eruit zagen): Pluis, Pluus, Vlekje, Willie, Ivy, Fleur, Harry, Frodo, Tijger, Frank, Flint, Figo, Farah, Finne, Fidro, Fabin en Fluff., Frinn en Fjord. Je ziet dus wanneer de F-namen zijn begonnen ;>)

IMG_0065
What shall we do with the drunken guineapigs?

Hoe kom je aan je huisdieren?

Freek heb ik gekregen van een nicht van mij. Zij heeft af en toe een nestje cavia’s, waarvan dan schattige foto’s op facebook verschijnen. In juni 2017 stierven mijn vorige cavia’s Fabin en Fluff allebei binnen een week tijd. Ik had toen voor het eerst in bijna zestien jaar geen cavia’s meer. Precies in die week zijn Freek en Frinn geboren. Ik miste al na een paar dagen mijn daily fluff. Uiteindelijk heeft mijn cavia-loosheid dus maar enkele weken geduurd. Helaas is Frinn met 2 jaar en 4 maanden niet zo heel oud geworden. Maar Freek is alive and kicking.

Fenno komt van Marktplaats. Van mensen die een nestje cavia’s hadden en hij was het enige beertje. Eigenlijk vind ik het niets om dieren van Marktplaats te halen, maar ik had op dat moment met spoed een babybeertje nodig voor mijn eenzame Freek die twee maatjes in zes weken tijd was verloren. Gelukkig pakte het goed uit en bleek Fenno een blijvertje te zijn.

10ea9b7c-9f90-41c4-a0e2-bcfb308bcd8b
Sinterklaas

Hoe oud zijn je huisdieren?

Ik schrijf dat hierboven ook al een keer: Freek is van begin juni 2017, dus bijna drie jaar oud. En Fenno is van 11 oktober 2019, dus hij is nu zo’n zeven maanden oud.

 

Wat is er zo grappig aan de persoonlijkheid van je huisdieren?

Ik houd van de geluidjes die cavia’s maken. *wiet* en *prr*. Het zijn heel gezellige huisdieren. Deze twee zijn ook heel knuffelig. Ik zit er niet de hele dag mee op schoot, maar ik vind het wel prettig als mijn cavia’s handtam zijn. Ze zitten graag in mijn nek en soms gaan ze me zelfs likken, vooral Freek doet dat. En in tegenstelling tot de vorige twee (Fabin en Fluff, die niet samen in een hok konden wonen) kunnen ze gelukkig goed met elkaar overweg. Sterker nog: ik denk dat Freek van eenzaamheid was overleden als ik Fenno niet voor hem was gaan halen. Ik zeg ook altijd dat Freek mijn cavia is, maar dat Fenno van Freek is. Freek wordt zelfs onrustig als ik alleen Fenno op pak; dan zit hij de hele tijd te in de gaten te houden of ik zijn vriendje wel weer terug breng.

Nu is Freek nog de baas (het alpha-mannetje), maar Fenno is nu ook zo’n beetje volgroeid en volwassen, dus dat zou zomaar eens kunnen gaan wisselen. Ze zijn wel stronteigenwijs, maar dat is cavia-eigen, denk ik. Daarnaast zijn ze nu nog heel lenig, ze springen heel gemakkelijk bovenop hun huisje. De oudere Freek doet dat nog net zo gemakkelijk als de jongere Fenno. Freek en Fenno zitten heel vaak samen te “dakstaren”. Dan zitten ze op de rand van het dak en staren ze naar de bodem van hun hok, alsof daar ineens een lekker groentehapje materialiseert ofzo. Bij mijn weten is dat nog nooit gebeurd buiten mijn medewerking om.

Ze zijn erg gehecht aan hun huisje. Ze zitten er regelmatig samen in, maar soms wil er eentje alleen in zitten en dan wordt het huis “verdedigd”. Als ik het hok schoon wil maken – wat zij niets vinden – verstoppen ze zich in het huisje. Ze hebben nog steeds niet door dat ik sterk genoeg ben om het complete huisje op te tillen…

IMG_9286
Dit was ongeveer 1 minuut nadat Freek en Fenno elkaar voor het eerst ontmoetten

Hoe belangrijk is de band die je hebt met je huisdieren?

Ik heb huisdieren voor de gezelligheid. Ik woon alleen, dus dan is het leuk als er tenminste iemand blij is als je binnen komt. Maar het is niet zo dat ik ze “mijn kinderen” noem ofzo, dat vind ik dan weer te ver gaan. Gewoon “mijn caafs”, “mijn piepers” of “F&F”.  Daarnaast heb ik voor huisdieren gekozen, dus dan vind ik ook dat ik ze goed moet verzorgen tot aan hun einde. En ja, als er eentje dood gaat vind ik dat jammer en ben ik er een paar dagen verdrietig van (Frinn overleed op dierendag, wat vrij awkward was en Fjord werd maar zeven weken oud), maar daarna is het ook weer goed: je weet dat dieren een stuk korter leven dan mensen. Hopelijk worden deze weer een jaar of vijf oud in goede gezondheid. Ik zit nu natuurlijk wel met een leeftijdsverschil tussen de cavia’s, dus ik ben nu gebonden aan beertjes. Hoewel het mij niet veel uit maakt wat voor geslacht de cavia’s zijn, is het nu wel grappig om te kunnen zeggen dat ik samen woon met twee mannen.

IMG_9305
Hier was Fenno net gearriveerd en nog heel erg mini

Wat zijn je favoriete herinneringen die je hebt gehad met je huisdieren?

De gekke capriolen die ze uithalen om de lekkerste hapjes te pakken te krijgen. Overigens hebben ze een heel gezonde smaak, want ze zijn dol op groenten en hooi. Paprika is favoriet, die verslinden ze inclusief de witte stukken en zaadjes. Ze eten dus ook regelmatig mijn “groente-afval” op. Zij blij, ik blij.

Welke koosnaampjes geef jij aan je huisdieren?

Freek noem ik soms Punky of Teddy, vanwege zijn punkhaar. En ik noem hem ook wel eens de Freker. Met Halloween heet hij altijd een dagje Freak.

Fenno heeft als bijnaam Flosje, omdat hij heel raar haar heeft; hij is niet gladharig, heeft geen borstels, maar zijn haar heeft wel rare flossen. In het begin, toen hij nog heel klein was noemde ik hem vaak de kleine frutsel, omdat hij echt heel erg mini was in vergelijking met Freek, die vrij groot is. Hij is ondertussen flink gegroeid, maar is nog steeds kleiner dan Freek.

IMG_0638
Paascavia’s

 

 

 

Geocachingverhalen uit het verleden: 14 mei 2011

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 14 mei 2011

De dag dat Anke en ik onze 3000ste cache wilden gaan vinden. Daartoe had ik een prachtige multi uitgezocht. Benieuwd of de cache gevonden hebben? Lees dan het onderstaande verslag.

Geocachingverhaal uit het verleden:

  1. Holenakkerbrug
  • Maker: DrakeNL
  • Type: Traditional
  • Heideroosjes: Maartje en Anke
  • Gevonden op: 14 mei 2011
  • Plaats: Biest-Houtakker
  1. Bossche Monumenten: tankstation
  2. Bossche Monumenten: Goulmy & Baar
  • Maker: Le Comte
  • Type: Traditional
  • Heideroosjes: Maartje en Anke
  • Gevonden op: 14 mei 2011
  • Plaats: Den Bosch
  1. Inundatiebank
  • Maker: Pouwer
  • Type: Traditional
  • Heideroosjes: Maartje en Anke
  • Gevonden op: 14 mei 2011
  • Plaats: Meteren
  1. Finding Nemo
  2. Betuwelijn Meteren
  • Maker: Emiledk
  • Type: Traditional
  • Heideroosjes: Maartje en Anke
  • Gevonden op: 14 mei 2011
  • Plaats: Den Bosch
  1. Bossche Monumenten: Kruithuis
  2. Bossche Monumenten: Watertoren
  • Maker: Le Comte
  • Type: Traditional
  • Heideroosjes: Maartje en Anke
  • Gevonden op: 14 mei 2011
  • Plaats: Den Bosch

Vandaag was het dan zover: we zouden onze 3000ste cache gaan zoeken. We waren het erover eens dat het een multi moest worden en ik had daarvoor een perfecte multi van 16 kilometer lang op het oog in de Betuwe, genaamd Mariënwaardt. We moesten alleen nog wel drie trads doen op de heenroute, want we kwamen er nog vier tekort. Er zou een trad op de route zelf liggen, dus vandaar nog drie op de heenweg. Er was deze week een nieuwe cache uitgekomen in onze nearbiest-lijst, namelijk in Biest-Houtakker. Deze Holenakkerbrug werd de eerste cache van de dag, het was een beetje een vaag zandweggetje langs het kanaal en de cache zat in een vogelhuisje.

Daarna reden we door naar Den Bosch waar een nieuwe serie online was gekomen, genaamd de Bossche Monumenten. We hoefden er maar twee te doen, maar uiteindelijk hebben we er vier gedaan. Bij de meeste sprong ik uit de auto om de cache te loggen en bleef Anke (de chauffeur van vandaag) in de auto zitten of reed ze een rondje omdat je in Den Bosch bijna nergens mag parkeren. Strikt gezien werd de Watertoren hierdoor onze 3000ste cache, maar we hebben het zo gelogd dat het leek alsof we die pas op de terugweg hadden gelogd.

We reden door naar de Betuwe en lieten de Matiz achter op een mooie parkeerplaats bij het oude klooster. Hier zag het er wel interessant uit, maar we besloten eerst de route te gaan lopen. Het weer was ons goed gezind, want het zonnetje scheen en het was erg lekker buiten. De jassen gingen dan ook uit en we hebben de route gelopen in onze truien. Ik maakte een heleboel foto’s van van alles en nog wat onderweg: koeien (natuurlijk), bomen, wolken, grote bladeren, onszelf.

De route was bijna volledig autovrij, dus dat was zeker wel genieten. Ergens halverwege vonden we de cache bij de  inundatiebank, die lag onder een bruggetje. We vervolgden onze tocht, maar op het laatste werd het allemaal een beetje onduidelijk. Wij kwamen er niet uit. We liepen nog even door de kloosterwinkel en gingen daar naar het toilet, maar verder was er niets van onze gading. Volgens de berekeningen moest de cache aan de andere kant van het pad liggen en we besloten daar met de auto heen te rijden. We kwamen na wat omzwervingen aan bij de andere kant en kwamen langs een kanoverhuurbedrijf. Voor de deur lag een kano die als bloembak werd gebruikt en wij maakte met de timer een foto van ons met GPS op de kano. Onze twee grootste hobbies gecombineerd.

Helaas eindigde de mooie wandeling met een grote domper: we konden de cache niet vinden.

Erger nog, we hebben de cache nooit gevonden. Ik ben er later nog eens terug geweest met mijn moeder, maar toen vonden we hem ook niet. Ik heb de maker gemaild, maar die wilde het eindcoördinaat niet geven of controleren, wat ik niet echt vriendelijk vond.

Op het moment zelf baalden we daar erg van. We hebben alle knotwilgen aan het pad gefotografeerd van binnen en een hele tijd rond staan porren met de prikstok, maar het had geen zin, de cache was onvindbaar. We vonden nog wel een vogelhuisje dat aan diggelen was en dachten dat dat de cache moest zijn, maar dat was niet zo volgens de maker. Dit blijft toch een van de grootste frustraties ooit, ook omdat de cache uiteindelijk het archief in ging, zonder dat wij hem gevonden hadden. Wij hebben uiteindelijk besloten dat hij dan maar door moest schuiven naar plekje #4000. Dat is hem uiteindelijk ook niet geworden.

Als 3000ste hebben we toen maar Finding Nemo gelogd, dat was een cache die je moest opvissen uit een slootje. Wel grappig gedaan en in ieder geval geen standaard-traditional. Wij waren meteen de laatsten die deze cache vonden, want hij ging die dag nog in het archief. Sterker nog, ik logde onze 3000ste cache toen hij al in het archief zat. Dag feestvreugde, die was ver te zoeken.

marie7

We logden nog een cache daar in de buurt en gingen toen naar huis.

Tja, ondanks de mooie wandeling was dit toch een schaduw over de nummer 3000. Dat moest met de 4000 dan toch maar anders gaan.

Wat ik hier op 14 mei 2020 nog aan toe te voegen heb:

Tja, de dramatische nooit gevonden 3000ste cache. Na negen jaar ben ik er wel overheen, maar toen vond ik het echt niet leuk. Ook niet omdat de maker heel onvriendelijk reageerde op mijn heel normale mail met de vraag wat we verkeerd hadden gedaan. Over het algemeen zijn co’s dan wel bereid om je te helpen.

Alle foto’s bij deze blog zijn door mij zelf gemaakt op 14 mei 2011

NS-wandeling Cortenoever

Nadat ik de 20 NS-wandelingen voor mijn Day Zero Project volbracht had, ging ik vrolijk door met NS-wandelen. Ik loop alleen enorm achter met de verslagen. Deze wandeling liep ik in augustus 2019.

NS-wandeling Cortenoever

De NS-wandeling Cortenoever stond al een tijdje op mijn verlanglijstje, maar het broedseizoen moest voorbij zijn, omdat je anders een gedeelte van de route niet kon lopen. De route is met 12 kilometer niet zo heel erg lang, maar je kon het uitbreiden door een rondje laarzenpad erbij te doen van 4 kilometer, wat de stand op 16 kilometer zou brengen. Officieel zou je in Brummen moeten starten en dan naar Zutphen moeten lopen, maar ik besloot om de route om treintijdtechnische reden om te draaien en in Zutphen te beginnen.

Zutphen

Ik ben al regelmatig op station Zutphen geweest en vorig jaar wandelde ik van Zutphen naar Deventer, maar toen ben ik niet in de stad geweest. Dit keer liep de route wel door de stad zelf. In maart 2011 was ik al eens met mijn moeder in Zutphen geweest, tijdens een vakantie. Toen hebben we ook een paar caches gedaan, maar de cache bij de middeleeuwse (ze zijn begonnen met bouwen in de 11e eeuw) Walburgkerk was toen geript. Ik besloot om het vandaag nog een keer te proberen en dit keer vond ik de cache wel. Dat de cache al zo lang bestaat is een wonder, want het is een papiertje in een kapot plastic zakje. Hij zit verstopt achter een regenpijp en de hint is pluvia, maar zodra het gaat regenen is deze cache eraan. Het is trouwens wel een mooie kerk, ik vroeg me af of je de toren ook mag beklimmen, maar vast niet op maandagmorgen rond 11 uur, haha. Ik heb het even opgezocht en het kan wel, maar alleen op bepaalde dagen en tijdstippen en op maandag is de hele kerk sowieso gesloten. Is weer iets voor mijn bucketlist, haha; #maartjebeklimtkerktorens.

IJssel

Ik ging Zwolle uit en liep een hele tijd langs de IJssel. In het begin stond er een mooi muurtje langs. Ik ging nog even via een paadje een woonwijk in om een voortuincache te loggen die Woody Woodpecker heette. Was wel grappig gemaakt. Daarna weer verder langs de IJssel, tot aan de Cortenoeversebrug, dit is een brug over de IJssel van zo’n 800 meter lang. Hier moest ik de rivier oversteken. Aan de overkant van de brug lag een cache precies op de route. Deze cache was ook naar de brug vernoemd. Via een trap daalde ik weer af naar de oever en de wandeling ging verder langs de andere kant van de rivier. Het was ondertussen zo warm en zonnig geworden dat ik mijn zomerjas uit kon trekken en verder kon lopen in mijn T-shirt. Er hingen wel erg dreigende zwarte wolken in de verte, maar gelukkig is het de hele wandeling droog gebleven.

Geocaching

Onderweg passeerde ik enkele caches van de Lekker Fietsen met Wil&Pet serie. Vorig jaar, toen ik meedeed aan de Apeldoornse Vierdaagse, heb ik ook al een aantal caches van deze serie (meer dan 160 caches!) gevonden, dus het was leuk om er nu weer een paar te vinden, vijf stuks om precies te zijn. Ze zijn niet moeilijk verstopt, maar hebben wel allemaal droge logrollen en zijn dus prima verzorgd. Dat vind ik wel zo prettig. Overigens was het heel rustig op de route, weinig andere mensen gezien. Zal wel komen omdat het maandag was.

Laarzenpad

Ongeveer halverwege moest ik beslissen of ik de extra lus over het laarzenpad van 4 kilometer ging lopen. Qua tijd lag ik goed op schema (ik wilde vanwege mijn Dal Vrij voor 16 uur ingecheckt zijn) en er lagen ook nog twee caches op de lus, dus ik ging ervoor. Ze beloofden mij ook een mooi gebied, maar dat vond ik een beetje tegenvallen. Het waren vooral weilanden met hoog gras en veel bosjes (lekker hooikoorts dus voor mij) en een paar kleine plassen. Er graasden een paar koeien en een paar paarden. Je kon een struinroute volgen via paaltjes. En er waren veel vogels, maar ik ben geen echte vogelaar en had geen verrekijker bij, dus ik kan je geen soortnamen geven. Eigenlijk vond ik deze extra lus niet echt de moeite. Het schijnt wel een biodiversiteitshotspot te zijn qua planten. Je moest ook over dezelfde weg heen en terug lopen. Verder vond ik allebei de caches niet. De ene cache was gewoon onvindbaar, hij zou ergens in de bosjes moeten liggen, maar die waren dicht begroeit in dit jaargetijde, dus ik kon het niet vinden. In de winter is deze cache misschien makkelijker te vinden. De andere cache leek geript te zijn, ik vond op ground zero wel een houdertje, maar geen kokertje of logrol. Jammer, maar helaas.

Verder langs de IJssel

Ik pakte de route weer op en maakte en klein omweggetje voor een extra cache. Daarna ging mijn route langs de IJssel weer verder. Dit gebied is bijna helemaal leeg, zonder bebouwing, dus je kon heel ver kijken. Verder waren er prachtige Hollandse luchten. Ik zag zelfs nog een kano voorbij komen op de rivier en kreeg zelf ook zin om hier te kanoën, maar het is best een eind van Oisterwijk af en ik zit altijd met het vervoer van mijn boot, omdat ik zelf geen auto heb. Ik vond nog een paar caches langs de IJssel en voor ik het wist wandelde ik Brummen al binnen. Hier was ik nog nooit geweest, maar ik heb een tijdje een penvriendin gehad die hier woonde, dus ik kende de plaatsnaam wel. Ik liep nog even een supermarkt binnen om een flesje water te kopen, want ik had dorst en het meegenomen water was al op. Ook nog even rondgekeken in de boekhandel, maar niets gekocht. Wel een mooie winkel.

Brummen

Daarna liep ik via een mooie bomenlaan naar het kleine station van Brummen. Een nieuw station voor mijn lijstje. Ik moest een kwartier wachten op de trein en besloot met deze sprinter door te gaan naar station Arnhem. Daar kon ik overstappen op de intercity. Deze wandeling is trouwens volledig verhard, op de extra lus over het laarzenpad na. Ik vond het wel een mooie wandeling, hoewel het wel een pokke-eind reizen is voor zo weinig kilometers. Gelukkig kwam ik vandaag mooi tussen de spitstijden uit en heb ik Dal Vrij, dus dan is het wel om te doen. Ik kies er natuurlijk ook zelf voor. Er waren trouwens geen paddo’s op de route, maar ik heb wel een paar fietsknooppunten borden gewaymarkt, omdat ik anders nooit aan die volgende waymarking-medaille ga komen.

Geocachingverhalen uit het verleden: 7 mei 2013

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 7 mei 2013

Ik huurde voor het eerst van mijn leven een OV-fiets en ging geocachen in de omgeving van Velp, nadat ik daar een gesprek had gehad op een school.

Geocachingverhaal uit het verleden:

  1. Beken serie 06 – Villapark
  2. De Emmapiramide
  3. Beken serie 01 – De Spreng
  4. Beken serie 02 – Kraakhelder
  5. Beken serie 04 – Blauwe Laantje
  6. Beken serie 05 – De Laan van Biljoen
  7. Beken serie 09 – Biljoen
  8. Beken serie 08 – Velp Zuid
  9. VECC – Velps Eerste Carpool Cache
  10. Beken serie 03 – Het Schoolplein
  11. Beken serie 10 – De bonus
  • Maker: Molletje83
  • Type: Traditionals, 1x multi, 1x bonus-mysterie
  • Heideroosjes: Maartje
  • Gevonden: 7 mei 2013
  • Plaats: Velp

Ik had een oriënterend gesprek op een school in Velp. Dat gesprek was al in de ochtend, dus ik had bedacht om daarna te gaan geocachen in de omgeving van Velp.  Ik zat al een tijdje met het probleem dat je met de trein op best veel plaatsen kan komen, maar dat je dan ter plekke zonder vervoer zit en afhankelijk bent van wat je te voet kan bereiken. Dat vond ik een irritant punt. Ik had al wel eens van OV-fietsen gehoord, fietsen van de NS die je kan huren op het station, maar in de laatste nieuwsbrief van de NS werd er reclame voor gemaakt en toen besloot ik een abonnement af te sluiten op de OV-fiets. Het abonnement kost slechts 10 euro per jaar, dus daar kan ik geen bult aan vallen. Per dag kost een OV-fiets huren tussen de drie en de vier euro. Dat is dus aanzienlijk goedkoper dan een fiets huren bij een willekeurig ander verhuurbedrijf.

Maar goed, in Velp zijn er vier OV-fietsen te huur en ik was best verbaast dat er al twee weg waren op een doordeweekse dag. Ik nam dus de derde mee. De vorige keer was ik naar de school gelopen en dat kan ook best, maar op de fiets ben je er binnen 10 minuten, dus dat gaat wel lekker snel. Na het gesprek ging ik op geocaching-jacht. Ik had de vorige keer al een cache van de beken-serie gedaan, voor vandaag stond de rest van de serie stond op het programma. Daarnaast wilde ik ook graag de Emmapiramide doen, omdat dat een uitkijktoren is.

Eerst kwam ik langs de beken-cache in de villawijk. Best wel een raar gezicht dat er midden in de wijk een beek ontspringt, maar het zag er ook wel heel gezellig uit.

Daarna heuvelopwaarts naar de Emmapiramide. Pfft, dat was best zwaar op een fiets met vrij slappe banden en over een wegdek vol gaten. Ik kwam wel twee paddo’s tegen, dus die natuurlijk gewaymarkt. De Emmapiramide is een uitkijktoren van 110 meter hoog, aangelegd op een handmatig aangelegde, piramide-vormige heuvel. De cache zat verstopt onder het informatiebordje helemaal bovenin de toren. Ik was sowieso al van plan geweest om de toren te beklimmen, maar vond het wel echt stoer dat de cache bovenin verstopt lag.

Helaas was het erg mistig weer, dus kon ik niet zo heel ver kijken. Maar het leek wel net Rivendell, het elvendorp uit Lord of the Rings. Dus toch een paar aparte foto’s kunnen maken. Misschien ga ik nog wel eens terug met mooi weer.

Nadat ik een tijdje rondgekeken had, kwamen er andere mensen de trappen van de toren op, dus tijd voor mij om naar beneden te gaan. Verder met de beken-serie. Nummertje 1 daarvan lag ook al op zo’n Rivendell-achtige locatie, met een sprookjesachtig beekje dat ontsprong in het bos. Ik moest even wachten tot er een Dreuzel op een bankje weg was, daarna was de cache snel gespot. Verder gefietst naar de nummer twee van de serie, onderweg nog een Zielige Paddo gepasseerd, dat is een paddo zonder kap, waarvan alleen het betonnen onderstel aanwezig is.

Daarna kwam ik in minder heuvelachtig gebied en volgden de caches van de beken-serie elkaar snel op. Alleen bij nummer vier een tijdje lopen zoeken, omdat de cache diep weggestopt zat in een spleet van de boom en er heel veel Dreuzels op het bospad waren die hun hond aan het uitlaten waren. Ik heb een cache opgevist uit het mini-vervalletjes bij de spoorlijn, die hing echt in het water. Deze verstopmethode al vaker gezien, maar deze was wel erg mooi waterdicht. Na de spoorwegovergang volgde er een mooie bomenlaan. Alle bomen zijn nu met een rotvaart in bloei gekomen, in twee weken tijd, na een heel koude winter. Geeft de wereld een heel ander aanzicht. De fietstocht ging nu verder over de landerijen van het landgoed van Biljoen. De cache lag bij de grote visvijver en moest met stokjes uit een “waterboom” gevist worden. Er was een visser bezig met zijn spullen, dus ik was bang voor glurende ogen, maar hij sloeg totaal geen acht op mij.

De laatste cache van de serie lag midden in Velp op een stom pleintje. Dit vond ik qua locatie de minste van de serie. De verstopmethode was ruk-een-plastic-afdekdop-eraf.

Hierna was ik in de buurt van de carpoolcache van Velp en die bleek prima bereikbaar te zijn per fiets. Dit was een heel erg nette carpoolstrook, eigenlijk meer een grote, vrij nieuwe parkeerplaats. Op een grasstrook aan de rand stond een kunstwerk, dat bestond uit willekeurig op elkaar gestapelde blokken in allerlei vormen. Hierin zou de cache verstopt zitten. Dit deed mij denken aan een cache die wij op het MZLE hebben gedaan, in juni 2010, die zat verstopt in een grote drukpers en daar hebben we toen met diverse andere teams erg lang naar gezocht. Ik zag mezelf dus ook al een hele tijd rondom dit blok-kunstwerk kruipen. Maar hier bleek het mee te vallen, ik had de cache binnen vijf minuten te pakken.

Het was ondertussen etenstijd en tegenover de carpoolstrook was een snackbar, dus besloot ik daar een frietje te halen. Ik moest mezelf tot 18.30 uur in Velp bezig houden, vanwege de korting op de trein.

Na het eten ging ik weer verder met cachen. Ik moest nog een laatste cache van de bekenserie, een korte multi bij het schoolplein, maar die was weer 2,5 km van de friettent af. De school stond op een heel idyllisch plaatsje, onderaan een aantrekkelijk uitziende heuvel. Als ik in Velp woonde en een school voor mijn kind zocht, dan zou ik het wel weten. De vragen waren zo beantwoord, dus op naar de cache die een stukje verder langs het wandelpad heuvelopwaarts lag. Hier ook meteen de bonus van de beken-serie uitgerekend. Die lag weer een paar kilometer van de school af, op het landgoed van Biljoen.

Het werd alleen wel allemaal krap met de treintijden. Maar ja, ik wilde die serie eigenlijk wel af maken, dus toch weer vlug op mijn OV-fiets gesprongen en op naar de bonus. Die kon ik niet meteen vinden en ik begon erg te twijfelen aan de locatie, maar toen zag ik toch een geocachershoopje liggen en kon de cache gelogd worden. Nog 20 minuten voor de trein zou vertrekken. Ik ben als een haas naar het station terug gefietst en was nog op tijd. Ik moest de OV-fiets nog inleveren. Na mijn eerste ervaring ben ik erg te spreken over de OV-fiets. Ik ga die nog wel vaker gebruiken in de toekomst, denk ik zo.

Wat ik hier op 7 mei 2020 nog aan toe te voegen heb:

Zoals hier regelmatig te lezen valt heb ik na deze eerste keer nog heel vaak een OV-fiets geleend. Ik ben ook nog daadwerkelijk begonnen aan de opleiding op de school in Velp, maar die heb ik om diverse redenen niet afgemaakt.