Wandelen: Walk of Wisdom

In april ging ik geocachen in Wijchen en toen kwam ik het volgende symbool tegen:

DSC04777

Ik vond dit een fantasy-achtig vliegwezen en wilde graag weten wat het symbool betekende. Omdat er verder geen tekst bij stond, kwam ik daar niet achter. Een paar weken later kreeg ik echter een mail van Brabants Landschap en daar stond dat symbool in! Het vliegwezen bleek een naam te hebben, het heet Pelgrim. En Pelgrim is de route-aanduiding van de Walk of Wisdom, een wandeling van 136 kilometer, door de natuurgebieden rondom Nijmegen. De route bestaat pas sinds juni 2015.

Zo’n soort wandeling voltooien sprak mij wel aan. Ik vond de website Walk of Wisdom wel een beetje zweverig, hoewel ze zeggen geen enkel geloof aan te hangen. Mijn moeder is echter wat spiritueler aangelegd dan mij, dus toen ik over de Walk of Wisdom begon, werd ze meteen enthousiast.

Het gaat mij dus vooral om het wandelen zelf, door allerlei natuurgebieden. Officieel moet je je telefoon uitzetten tijdens het wandelen, voor mij is dat geen probleem, want ik heb toch geen internet-abonnement. Mijn moeder heeft hier meer moeite mee, want die is erg gehecht aan haar telefoon. Ik neem wel mijn GPS mee, want natuurlijk moet er onderweg ook aan geocaching worden gedaan. Voor mij is een wandeling niet compleet zonder een cache te hebben gevonden. Dat is een verslaving ja, ik weet het.

De route begint en eindigt in de Stevenskerk in Nijmegen. Door de sterke binding met deze kerk, vind ik de route toch wel een licht religieus tintje hebben. Echt storend vind ik het ook weer niet, hoewel ik zelf niet gelovig ben.

Elke loper koopt een armband met een vogelringetje met je startnummer erop. Ik ben bijvoorbeeld nummertje 672. In elke gemeente kun je bij bepaalde adressen een vogelringetje ophalen met de naam van de gemeente erop. In totaal loop je door 11 gemeenten, dus je krijgt ook 11 vogelringetjes. Ook krijg je een boekje met daarin kaart voor kaart de route aangegeven. Als je met meerdere personen gaat lopen, kun je er voor kiezen om samen te doen met één boekje, dan krijg je korting op je startpakket. Mijn moeder en ik hebben dus samen een routeboekje, maar wel elk een eigen armband. In het startpakket zit ook een speld met het logo, Pelgrim dus. Dit kun je aan je rugzak maken. Mijn moeder doet haar Pelgrim steeds op haar rugzak, maar ik ben bang om hem te verliezen, dus de mijne zit in mijn rugzak. De armband ook trouwens, ik vind hem te groot om te dragen. In het boekje staan ook adressen van plekken waar je kan overnachten, mocht je de tocht achter elkaar door willen lopen. En de openingstijden van de adressen (vaak twee per gemeente, mocht de andere gesloten zijn) waar je een vogelringetje kan ophalen. De route is trouwens min of meer de vorm van een vliegende vogel. De keuze voor de vogelringetjes is dus wel toepasselijk.

Ondertussen hebben we drie etappes gelopen, allemaal van rond de 25 kilometer lang. We hebben nu vijf vogelringetjes gescoord. De komende dagen zal ik de verslagen van deze eerste drie dagen op de blog zetten.

Wat nog wel grappig is om te vermelden, is hoe mensen tegen Pelgrim aankijken.

Persoonlijk zie ik hem als een fantasy-wezen, een soort van elf met armen die vleugels zijn geworden.

Mijn moeder denkt dat Pelgrim een engel is.

En volgens de organisatie achter de Walk of Wisdom is Pelgrim een zaailing, die met zijn armen naar het licht groeit. Een soort van Groot (stripfiguur van Marvel) dus.

groot

Waar ik blij van word

De afgelopen weken ging bijna alle tijd op aan schoolopdrachten. Nu alles is ingeleverd of getoetst heb ik “vakantie” (ik moet wel gewoon werken) en ineens weer een hoop vrije tijd.

Eindelijk weer tijd voor al mijn hobby’s.

Zo luidde ik de “vakantie” in met een weekendje weg (voor mij is dat zondag en maandag), twee dagen wandelen, twee etappes van de Walk of Wisdom. Hier zal ik later deze week een uitgebreid log over schrijven. Tijdens de wandeling vond ik ook een heel stel geocaches, waaronder een paar felbegeerde Duitse caches. Het was alweer even geleden dat we een Duitse cache hadden gevonden. Ook maakte ik koeienfoto’s van Schotse Hooglanders op de Mookerheide. En van wolken en van landschappen. En er waren ANWB-paddestoelen op de route, die ik wilde waymarken.

DSC05404

Deze avond ging ik voor het eerst in bijna twee maanden weer eens naar de bibliotheek. De afgelopen weken had ik nauwelijks tijd om te lezen, dus nu had ik binnen een kwartier een grote stapel boeken in mijn handen, waarvan ik toch maar weer de helft heb terug gelegd. Nu heb ik van alles wat, fantasy, history en young adult.

DSC05400

Ook bezocht ik de Ekoplaza, die vreselijk dure biologisch dynamische supermarkt. Want ja, biologisch is goed voor alles en iedereen, maar het is wel een veel duurdere manier om te verbouwen. Logisch dus dat de producten ook duurder zijn. Ik kom er dus vooral om smeersels voor op mijn brood te kopen. En soms een vegaburger, als die in de reclame zijn, want die zijn daar ook schreeuwend duur. Ik heb nu om uit te proberen: “energiemedaillons, een vitale delicatesse van groente, spruiten en tofu”. Bij deze omschrijving heb ik toch zo mijn vraagtekens. De Ekoplaza zit dus niet in mijn woonplaats, maar is in de stad, vlakbij de grote bibliotheek. Ik combineer die bezoeken dus altijd.

Deze week ga ik ook weer eens een keer spellen spelen. En zondag ga ik eindelijk een geocachingtrail doen per kano, als het weer een beetje mee werkt, tenminste.

Heerlijk, al die vrije tijd, ook al hoop ik nog steeds heel hard dat ik door mag naar het tweede studiejaar.

 

 

Aanrijding met een persoon

Gisterenochtend wilde ik, zoals gebruikelijk, met de trein naar school gaan. Op het station in mijn woonplaats aangekomen, bleek dat er in beide richtingen geen treinen reden, wegens een aanrijding met een persoon. Op dat moment baalde ik daar van, want ik kan me toch leukere dingen bedenken dan omstreeks 6.30 uur ’s morgens zeven kilometer fietsen naar het volgende dichtbijzijndste station. Van de andere kant was het droog en warm weer en in juni is het natuurlijk al licht zo ’s morgens vroeg. Als dit in de winter was voorgevallen, in het donker en in de kou en was het een normale collegedag geweest, dan was ik waarschijnlijk omgedraaid en thuis weer in bed gaan liggen. Maar nu moest ik wel naar school, want ik had een assessment en een tentamen, die ik allebei moest halen, wil ik ooit mijn propedeuse behalen.

In een grotere stad zet de NS dan bussen in. Maar ja, ik woon in een dorp en ik ben al blij dat we een station hebben. Helaas is het wel een onbemand station en voor die 10 man en een halve paardenkop, die daar ’s morgens om iets voor 6.30 uur op twee treinen staan te wachten, sturen ze geen bussen.

Dus fietste ik naar de dichtbijzijndste stad. Daar bleek dat het treinverkeer van half Midden-Brabant plat lag, maar gelukkig reden de treinen naar Den Bosch wel en die kant moest ik op (Den Bosch – Utrecht – Amsterdam Amstel). Mijn dorp ligt aan een driehoek van trainrails en ik had al bedacht dat twee zijden van die driehoek plat lagen, maar dat je over de andere zijde nog wel kon reizen. Ik kreeg gelijk. Ik was ook nog op tijd op school en ik haalde een ruime voldoende voor het assessment. Van het tentamen is de uitslag nog niet bekend, maar het was een herkansing en ik vond het beter gaan dan poging 1, dus fingers crossed.

Op de terugweg reden alle treinen perfect. Nu alle stress van de afgelopen schoolweken was gezakt (in principe was dit de laatste schooldag, mits ik geen herkansingen heb), dacht ik pas goed na over de reden van het platgelegde treinverkeer in de ochtend. Aanrijding met een persoon, betekend meestal dat er iemand voor de trein is gesprongen. Ik vraag me dan toch af hoe dat gaat. Hoe je op een mooie zomerdag, heel vroeg in de ochtend, zo tussen 6 en 6.30 uur ineens besluit om voor de trein te springen. Echt een prettige dood lijkt het me niet. Zou je dan geëlektrocuteerd worden zodra je de trein raakt? Of sterf je pas als het volle gewicht van de trein over je heen rijdt? Beiden vormen lijken me eigenlijk niet zo leuk. Zouden mensen die zelfmoord plegen hier van tevoren over na denken? Of willen die alleen maar dood en maakt de manier waarop hen niet uit? Hoe het is voor de psyche van de machinist, die de trein bestuurd en die niet meer op tijd kan remmen. Voor de mensen in de trein die het misschien wel zien gebeuren. Of voor de mensen die jouw stoffelijke resten tussen de rails uit moeten gaan schrapen. En hoe dat dan is voor je nabestaanden? Ik denk dat die dan niet meer in de kist mogen kijken.

Ik veroordeel mensen die zelfmoord plegen niet, ik denk dat je heel veer heen bent als je zoiets doet. Maar ik denk toch dat er “vriendelijkere” methoden zijn om jezelf naar het hiernamaals te helpen dan de trein. Eentje waar minder mensen last van hebben. En dan bedoel ik alle betrokkenen.

Nabestaanden van de persoon die gisteren ergens in de buurt van Boxtel voor de trein sprong: sterkte. Aan de persoon zelf: ik hoop dat je je rust gevonden hebt. En dat het snel ging.

Back to school: de derde klas

De derde klas was dus 3 atheneum, want je kon geen gymnasium doen op deze middelbare school. Wel kon je als extra het vak Latijn volgen, maar dat heb ik toen niet gedaan, omdat ik niet zo goed was in talen. Later heb ik daar wel spijt van gehad en daarom heb ik vorig jaar nog een cursus Latijn gevolgd. Wel apart was, dat wij, de klas die geen Latijn had gekozen, juist de docent Latijn als mentor kregen.

Goed, we gingen dus maar met 8 mensen uit de brugklas naar het atheneum. Deze 8 mensen werden bij een andere klas gezet, die al vanaf de eerste klas bij elkaar zat en zij hadden allemaal een heel goede band met elkaar. Hoewel het allemaal wel aardige mensen waren, had ik moeite met er tussen te komen.

Ook kreeg ik moeite met twee vakken: wiskunde en Engels. Voor wiskunde hadden we een heel vreemde docent die de gebruikte wiskundemethode afkeurde en zelf maar wat ging doceren. Helaas legde hij het zo onbegrijpelijk uit, dat een groot gedeelte van de klas aan de lopende band onvoldoendes haalde. Ik dus ook. Ik weet nog dat hij bij de toetsenweek ineens binnen kwam lopen, nadat we net de toetsen wiskunde hadden ingeleverd en dat een jongen uit mijn klas toen vroeg: “Weet u zeker dat dit het proefwerk voor de derde klas was en niet dat van de zesde klas?” Docent werd kwaad en gaf geen antwoord.

Engels ging mij al niet meer zo goed af in de tweede klas, ik had heel veel moeite met de grammatica. We hadden hiervoor een docent die uit Canada kwam, als ik het me goed herinner. Zij sprak met een heel sterk accent en ik kon haar heel vaak niet goed volgen. Ik heb nog wel bijles gehad voor Engelse grammatica (van diezelfde docent), maar als ik dan 1 tijd begreep en ze in het proefwerk door elkaar zaten, dan ging het weer helemaal mis.

Zo kwam het dus dat ik aan het einde van het jaar voor zowel wiskunde als Engels een 5 gemiddeld stond. Voor Frans (en gymnastiek) had ik een 6 en voor alle andere vakken een 7 of een 8 (om de een of andere vage reden was ik wel goed in de Duitse grammatica). Maar ja, omdat wiskunde en Engels twee totaal verschillende vakken waren, kreeg ik het advies om naar de havo te gaan. Mijn mentor wilde mij nog naar vwo-4 kletsen, maar ikzelf zag een jaartje minder op de middelbare school wel zitten, dus ik ging naar havo-4.

Later, na mijn eindexamen heb ik nog vaak spijt gehad van deze keuze. Ik had beter vwo-4 op z’n minst kunnen proberen. Waarschijnlijk had ik vwo ook wel gehaald, misschien met een jaar overdoen, maar dan had ik meteen 1 of 2 jaar langer gehad voor het kiezen van een vervolgopleiding.

Maar ja, je kunt de tijd niet terug draaien, dus ik  zou na de zomervakantie beginnen in havo-4.

Loesje en visie op school

“Bucketlist”

Deze bucketlist zwerft rond op Facebook. Hoewel die niet echt lijkt op mijn daadwerkelijke bucketlist, wil ik hem best invullen.

Getrouwd – Nee, zal ook niet zo snel gaan gebeuren.
Gescheiden – Nee, ook niet dus
Verliefd geweest  – Ja, vaak genoeg
Een blind date gehad – Nee
Gespijbeld – Ja, waarvan ik me het spijbelen met de sportdag nog het beste herinner
Iemand live zien bevallen – Nee, maar ik weet ook niet of ik dat wel zou willen
Iemand zien sterven – Is dat een doel in je leven??? Nee, geen mensen zien sterven. Wel dieren.
Binnen Europa op vakantie geweest – Ja
In een ambulance meegereden – Nee
Naar de VS geweest – Nee 
Naar Azië geweest – Nee
Naar Afrika geweest – Nee
Naar Zuid-Amerika geweest – Nee 
Het noorderlicht gezien – Nee, maar dat lijkt me wel heel mooi
Naar Disneyland Parijs/Orlando/LA geweest – Nee, zou ik nog wel willen
Naar Legoland geweest Nee, ben ik nu te oud voor
De Grand Canyon gezien – Nee
In een helikopter gevlogen – Nee
Een cruise gemaakt – Nee, dat is echt veel te duur
Ge-bungeejumped – Nee en dat durf ik ook niet
Naar Amsterdam geweest – Ja, kom ik vrijwel wekelijks
Naar Den Haag geweest – Ja, regelmatig
In een band gespeeld – Nee, heb ik ook geen talent voor
Karaoke gezongen – Ja, SingStar
Prank calls gedaan – Nee, ben niet zo telefonisch
Moeten huilen van het lachen – Ja
Een sneeuwvlokje opgevangen met je tong – Ja
Bevallen – Nee, lijkt ook niet echt leuk
Een huisdier gehad – Ja, een heleboel
Van een grote heuvel af gesleed – Ja, met een slee en met mijn freestyle-kano
Gaan skieen – Nee, wintersport is niet mijn ding
Op een jetski gezeten – Nee
Op een motor gereden (achterop gezeten) – Nee
In een bus en een trein gereisd – Ja, heel vaak
Uit een vliegtuig gesprongen – Nee, nog nooit gevlogen
Op een kameel gereden – Nee
Op een ezel gereden – Nee, wel met een ezel gewandeld
Een slang vastgehouden – Nee, ik haat slangen
Op TV geweest – Ja, toen ik 12 was in een heel vage show
In de krant gestaan – Ja, meerdere keren, vooral vaak met de kanovereniging
In het ziekenhuis moeten blijven – Ja, een dag ofzo toen ik ben geboren
Bloed gedoneerd – Nee
Een piercing gehad – Nee, zelfs geen oorbellen
Een tattoo gehad – Nee, wil ik ook niet
Sneller dan 130 km/u gereden – Ja, met de trein…
Gaan duiken – Ja, maar dat was wel 2x in het zwembad
Gaan snorkelen – Nee
In je eentje gewoond – Ja
Achter in een politieauto gezeten – Ja, toen we met de basisschool naar het politiebureau op excursie gingen.
Een snelheidsboete gehad – Nee, alleen een foutparkeerboete
Iets gebroken – Nee, wel gekneusd
Hechtingen gehad – Nee
Alleen gereisd – Nee, geen vakantie met overnachtingen. Wel regelmatig alleen een dag op pad.

Ik zal binnenkort eens mijn echte bucketlist online plaatsen.

World Giraffe Day

Het is vandaag niet alleen de langste dag van het jaar en het regenachtige begin van de zomer, maar het is ook World Giraffe Day. Toepasselijk, langste dag van het jaar, het dier met de langste nek. Iedereen die mij een beetje kent, weet dat de giraf één van mijn vele lievelingsdieren is. Misschien is het wel mijn favoriet. Ik ging op zoek naar giraffenfoto’s in mijn foto-collectie en kwam enorm veel foto’s tegen. Dit wordt dus een lang stukje met heel veel giraffenfoto’s! Alle foto’s in dit stukje heb ik zelf gemaakt, een stukje over elke dierentuin, staat onder de foto’s van de giraffen in dat park.

De Belgische dierentuin Planckendael vraagt op deze dag meteen aandacht voor de Giraffe Conservation Foundation, want de giraffen in het wild worden bedreigd door oorlogen, bomenkap en stroperij. Daardoor worden het er steeds minder en zouden ze op de lange duur zelfs uitsterven.

Deze foto’s zijn al in 2009 gemaakt in GaiaPark in Limburg. Er was toen net een baby-girafje geboren, dus die vond ik erg schattig. Hem zie je op de eerste twee foto’s. De giraffen staan daar in een kuil, dus je staat op ooghoogte met ze, dat zie je op foto 4. Er hing ook een skelet van een giraf, ze hebben namelijk maar zeven nekwervels, dat is evenveel als de mens… En dan toch zo’n lange nek! In de souvenirwinkel stonden supergrote girafknuffels ter decoratie. Ook kocht ik een knuffelgiraf voor mijn eigen kudde, die heb ik nu nog steeds. Je ziet hem op de laatste foto, met zijn nek uit mijn rugzak steken, want hij paste er niet helemaal in.

Blijdorp, in Rotterdam, heb ik 2x bezocht. De eerste keer was een soort van bedrijfsuitje met collega’s, toen maakte ik de foto rechtsboven. De andere twee foto’s maakte ik ruim drie jaar later, bij mijn tweede bezoek aan deze dierentuin. De giraffen waren toen gezellig met z’n allen aan het eten. Ze hadden ze in alle soorten en maten. De giraffenstal is daar heel mooi, het lijkt op een soort ui en je kunt er doorheen lopen over een brug, zodat je oog in oog staat met de giraffen.

Artis, in Amsterdam, is de oudste dierentuin van Nederland. Het is midden in de stad en de dieren hebben er minder riante leefruimte dan in andere dierenparken. Ik vond het wel grappig dat alle giraffen op de grond lagen. Ook de afbeelding van de rennende giraffen op het informatiebord spreekt mij aan.

Deze twee foto’s zijn gemaakt in het Ouwehands Dierenpark, in Rhenen. Ze hadden hier niet zoveel giraffen, maar ze hadden wel een mooi verblijf. De giraf op de eerste foto was heel bezeten van een kale tak aan het eten. Dat manische eten deed mij aan mijn cavia Fluff denken, die doet dat ook zo. Ze hebben ook hele, lange wimpers, dat zie je op die foto ook heel goed.

drenthe 130

In Noorderdierenpark Emmen (wat nu Wildlife nogwat heet) maakte ik deze foto. Ook hier stonden de giraffen in een kuil, maar ze leken heel gestresst, toen wij er waren. Het was al laat in de middag en ze wilden naar binnen in hun gesloten stal. Waarschijnlijk hadden ze honger ofzo.

Met mijn (ex)-collega’s bezocht ik Dierenpark Amersfoort. De giraffen waren hier druk met eten uit grote ballen vol hooi. Ook dat deed mij aan mijn cavia’s denken, want die hebben ook zo’n bal, maar dan in het klein.

Ik heb ruim 5,5 jaar in de souvenirwinkels van het Safaripark gewerkt. De grote winkel – waar ik het meeste heb gestaan – was achterin het park. Toen ik nog een auto had, moest je daar dus over de autosafari naar toe rijden. De giraffen willen altijd de auto’s aflikken of de bladeren ervan af eten. Als er een safaribus voorbij komt, worden ze helemaal happy. Zo maakte ik dus op een ochtend deze geweldige foto van een giraf die mijn auto “wast”. Ze kregen ook ’s morgens altijd hooi uit een soort van baskets. En die laatste foto vind ik echt zo’n vrijheidsgevoel geven: “Look up through the sky and see…”

2012 - Safaripark 105raffi 0082012 - Safaripark 103

Deze zijn ook allemaal in het Safaripark gemaakt, maar dan vanaf de wandelsafari. De middelste is wel vanuit mijn auto, die is van mijn travelbug Raffi. Deze reist ondertussen al ruim zeven jaar rond en is nog niet verloren gegaan.

Deze twee foto’s heb ik ’s morgens vroeg gemaakt, op mijn allerlaatste werkdag, toen we in de mist naar de winkel fietsten. Het was een mistroostige dag, in meerdere opzichten. Ik had nog één kleine wens en dat was de baby-giraffe zien, die de week daarvoor geboren was. Op de eerste foto komen de giraffen vanuit de stal de vlakte op gelopen en op de tweede foto zie je het baby-girafje een beetje zielig bij de grote volwassen staan, omdat zij natuurlijk nog niet bij die basket kan.

DSC05034

Mijn laatste bezoek aan een dierentuin, was aan Antwerpen Zoo. Helaas waren de giraffen daar niet te zien, wegens verbouwingen. Ik heb slechts een drietal nekken voorbij zien komen in de verte, toen ik bij het olifantenverblijf was. Als troost waren de okapi’s wel goed zichtbaar. Okapi’s zijn ook een soort giraffen, namelijk bosgiraffen.

De meeste giraffen in dierentuinen zijn trouwens Rothschild-giraffen, maar in totaal zijn er negen ondersoorten.

Ik hoop dat de giraf niet uit zal sterven, want ik vind het een prachtig dier.

 

 

50 Random Vragen

Ik ben vandaag helemaal inspiratieloos, dus heb ik er een vragenlijst bij gepakt. Die komt van een andere blog af, maar hij zat als Word-bestand opgeslagen, dus ik weet helaas niet meer van welke blog.

  1. Pak het boek dat het dichtste bij je ligt, ga naar pagina 18 en zoek regel 4.            Blijf constant in beweging                                                                                                                             Uit Toegepaste Organisatiekunde van Peter Thuis. Het is de vierde van de tien succesfactoren van Ken Segall. Dat je het maar weet. Het is dus een schoolboek, vrijdag a.s. heb ik de herkansing van het tentamen Organisatiekunde. Het is heel veel stof, 500+ pagina’s met heel veel namen van organisatiegoeroe’s en heel veel theorieën.
  2. Strek je linkerarm zo ver uit als je kan. Wat kan je aanraken?  Het scherm van mijn laptop.
  3. Wat deed je voor je deze TAG begon in te vullen?  Ik was Organisatiekunde aan het leren en tussen twee hoofdstukken in wilde ik even wat anders doen. Toen realiseerde ik me, dat ik ook nog een blog moest schrijven voor vandaag en bij gebrek aan inspiratie, werd het deze vragenlijst.
  4. Gok hoe laat het is zonder op de klok te kijken. Zat je in de buurt?  Half 8 ’s avonds. Het is 19.32, dus aardig goed gegokt.
  5. Wat hoor je op het moment?  De regen die op het zolderraam tikt. Het is weer lekker weer vandaag. Life isn’t about waiting for the storm to pass, it’s about learning to dance in the rain.
  6. Wanneer ben je voor het laatst buiten geweest? Wat deed je toen?  Rond 17 uur om boodschappen te doen voor het avondeten. Te voet, met een paraplu.
  7. Heb je gedroomd afgelopen nacht?  Niet dat ik me kan herinneren.
  8. Wanneer heb je voor het laatst gelachen? Waarom?  Ik ging mijn filmpje voor het vak Audiovisuele Media monteren. Omdat het een film zonder geluid wordt, was ik onder het filmen aan het praten. Mijn regie-aanwijzingen klonken heel raar, ik vind mijn stem op film altijd heel anders klinken dan in het echt.
  9. Wat hangt er op de muur van de kamer waar je in bent?  Ik zit op de zolder en dat is een beetje de rommel/knutselkamer van het huis. Er hangt dus van alles aan de muren.
  10. Vertel iets over jezelf dat de meeste mensen niet weten.  Ik ben vegetariër. Al sinds m’n 13e.
  11. Houd je van dansen?  Niet om zelf te doen, want ik heb totaal geen talent daarvoor. Maar ik vond Billy Elliot echt een heel mooie musical. Wat een talent, dat jochie dat de hoofdrol speelde (ik had Carlos).
  12. Zou je ooit overwegen te emigreren?  Ja, maar dan moet ik wel een toekomst (een huis, een baan, vrienden) hebben in dat land. En de taal lijkt me erg lastig.
  13. Door wie ben je voor het laatst gebeld?  Door mijn moeder, denk ik.
  14. Wat heb je als laatste gedownload op je computer?  Muziek die onder het eerdergenoemde filmpje moet komen.
  15. Laatste keer dat je in een zwembad zwom.  Dat was met de zwembadtraining van de Kanovereniging in maart.
  16. Luister je op het moment naar muziek?  Nee.
  17. Welke kleur is de vloer van je slaapkamer?  Er ligt laminaat. Een vrij lichte houtkleur.
  18. Als je iets kon veranderen aan je huis/kamer (ook al is het niet handig of mogelijk), wat zou het dan zijn?  Dan wil ik weer eigen woonruimte.
  19. Wat is het laatste wat je hebt gekocht?  Boodschappen dus. Voor vandaag en ook meteen voor morgen. Vandaag aten we simpel: groenteprutje met gebakken aardappeltjes. Morgen wordt het risotto.
  20. Ooit op een motor gereden?  Nee en ook totaal geen behoefte aan. Het lijkt me niet leuk en doodeng en ik ken teveel mensen die met een motor zijn verongelukt.
  21. Ken je alle woorden van je eigen taal?  Vast niet, maar ik heb wel een grote woordenschat. Soms vind ik het wel leuk om ingewikkelde woorden te gebruiken die niet iedereen kent.
  22. Waar denk je als eerste aan als je ‘s ochtends wakker wordt?  “Ik heb geen zin om op te staan, want het is koud en donker”. In de zomer ben ik hier een stuk makkelijker in.
  23. Van wie heb je je laatste smsje/whatsappje ontvangen?  Van klasgenoten in de klassen-app. Het ging over de uitslagen van een tentamen.
  24. Hoe laat ga je naar bed?  Op gewone dagen meestal tussen 23 uur een 24 uur.
  25. Ben je donor?  Ja. Nooit over getwijfeld. Het lijkt me wel cool als er stukje van mij voortleven in een ander mens.
  26. Met wie heb je deze avond gegeten?  Met mijn ouders.
  27. Is het glas halfleeg of halfvol?  Meestal ben ik van het positieve en is het halfvol. Maar op dit moment is het heel erg halfleeg. Nog wel verder ook eigenlijk. De bodem is in zicht.
  28. Wat is het verste weg wat je ooit bent geweest?  Zweden, was toch een heel eind rijden met de auto. Ik ben in Stockholm geweest en later nog verder, naar Mora in de provincie Dalarna.
  29. Heb je ooit een beker/trofee gewonnen?  Ja, op de kanovereniging. Wat niet zo heel bijzonder is, omdat we heel weinig vrouwelijke leden hebben.
  30. Heb je ooit een schooluniform moeten dragen?  Nee, geen schooluniform, gelukkig niet. Maar voor mijn werk moet ik wel een “uniform” aan: een shirt en een jas van PostNL.
  31. Typ je op een touch-toetsenbord?  Ik heb de schurft aan touch-toetsenborden. Dit is gewoon op mijn laptop met een normaal toetsenbord.
  32. Wat ligt er onder je bed?  Hoofdzakelijk stof. Mijn schoenen. En wat verdwaalde boekenleggers. Eigenlijk zou ik een lade onder míjn bed willen, maar dat past niet echt.
  33. Geloof je in liefde op het eerste gezicht?  Nee, ik denk dat ik iemand langer moet kennen voor ik verliefd op hem wordt.
  34. Hoe laat sta je op?  Op werkdagen tussen half 8 en 8 uur. In het weekend meestal rond 9 uur. En als ik naar school moet al om 5.45 uur, want dan moet ik helemaal naar Amsterdam.
  35. Hoe heette je eerste huisdier?  Ik weet niet meer wie er het eerste was. Flappie, het albino hangoorkonijntje, dus wit met rode oogjes. Of Golden Retriever Bruce. Ik was drie en beide namen waren niet door mij bedacht. De hond heette al zo, hij was vernoemd naar Bruce Springsteen. De konijnennaam zal door mijn moeder bedacht zijn. Het eerste huisdier waar ik zelf een naam voor heb bedacht was Pluis, een albino-cavia, wit borstelhaar en rode oogjes dus. Dat was nog niet zo’n originele naam, tegenwoordig krijgen al mijn huisdieren een naam met een F en ik heb nu twee cavia’s genaamd Fabin en Fluff.
  36. Hoe voel je je op dit moment?  Beetje depressief. Ik had gehoopt om mijn eerste schooljaar op het hbo met een propedeuse af te sluiten. En nu gaat er van alles mis en is het maar de vraag of ik wel door mag naar het tweede jaar. Daardoor ben ik boos, vooral op mezelf.
  37. Waar denk je het meeste over na?  Op dit moment denk ik vooral na over mijn studie en de twee mogelijkheden: wat ik moet doen als ik wel door mag en wat ik moet gaan doen als ik niet door mag.
  38. Als je de loterij had gewonnen, hoe lang zou je wachten om het te vertellen?  Oef, ik denk dat ik dat van de daken zou schreeuwen naar iedereen die het maar horen wil.
  39. Wat is de laatste film die je in de bioscoop hebt gezien?  Star Wars, in de kerstvakantie. Vroeger ging ik best vaak naar de bioscoop, nu bijna nooit meer. Ik vind het best wel duur, voor dezelfde prijs heb je de meeste films ook op DVD en kun je ze zo vaak zien als je wilt. Dat grote scherm is voor mij dus niet een meerwaarde.
  40. Zing je onder de douche?  Nooit.
  41. Wat doe je als je je verveelt?  Ik verveel me nooit echt. Er is altijd nog wel een boek te lezen, een film te kijken, een brief te schrijven of iets op te ruimen. Maar mocht het toch zo zijn, dan gaat de laptop aan en biedt internet een wereld vol verleidingen.
  42. Wat wilde je vroeger worden?  Dierenarts, tot ik doorkreeg dat je dan ook dieren dood moest maken. En dat er veel bloed bij kwam kijken. En dat je VWO moest hebben. Daarna wilde ik heel graag schrijfster worden, dat wil ik eigenlijk nog steeds. Nu zou ik graag iets willen met de richting Archivistiek. Dus in een archief, een bibliotheek, een museum of toch schrijven voor een website.
  43. Wat was er eerder: de kip of het ei?  Weet ik veel, dat vind ik zo’n stomme vraag.
  44. Hoeveel sleutels zitten er aan je sleutelbos?  Twee maar. Een huissleutel die op de voordeur en de schuurdeur past. En een sleuteltje van het geldkistje van de barcommissie van de kanovereniging, omdat ik daar lid van ben.
  45. Welke auto rijd je?  Ik ben al 4 jaar autoloos en dat gaat me tot nu goed af. Nu ben ik ook een arme student en kan ik geen auto betalen. Daarvoor heb ik 5 jaar een zwarte Renault Clio gehad, fijn autootje, maar heeft klauwen vol geld gekost. Soms rijd ik in de auto van mijn ouders, dat is een Mazda Demio.
  46. Wat zijn je beste lichamelijke punten?  Mijn ogen, die zijn apart van kleur, groen met bruine spikkels.
  47. Wat zijn je beste karaktereigenschappen?  Voor een sollicitatiegesprek moest ik maar liefst acht karaktereigenschappen bedenken. Ik ben daar nooit zo goed in, ik vind dat altijd een beetje arrogant, omdat over jezelf te zeggen. De eerste twee komen altijd het eerste in mij op, de rest kwam later: flexibel, nauwkeurig, eerlijk, geduldig, doorzetter, behulpzaam, leergierig, creatief en fantasierijk. Owh, dat zijn er zelfs negen, zie ik nu.
  48. Wat zijn je favoriete boeken?  Fantasy en historische romans.
  49. Wat is je favoriete tijd van de dag? Over het algemeen de avond. Middag vind ik meestal ook wel goed. ’s Nachts slaap ik en de ochtend is niet echt mijn favoriete tijdstip.
  50. Hoe ver van je geboorteplaats woon je?  Een kilometer of 8. Geboren in het ziekenhuis in Tilburg. Maar ik heb altijd in Oisterwijk gewoond op 2 jaar in Hilvarenbeek na.
  51. Ben je een vroege vogel of een nachtmens?  Een avondmens. Vroeger heb ik veel gewerkt op vroege tijdstippen als 6 en 7 uur. Nu vind ik vroeg op staan (als in voor 7 uur) echt een hel. Met laat naar bed gaan heb ik dan weer geen problemen.
  52. Kun je je neus aanraken met je tong?  Ja, dat kan ik.
  53. Na hoeveel keer overgaan neem je de telefoon op?  Meestal laat ik hem een keer of 3 overgaan.
  54. Wat voor baantjes heb je gehad?  Mijn eerste baantje was een zomer lang aardbeien plukken. Ik vond het niet zo leuk, dus maar 1 jaar gedaan. Daarna heb ik 3 jaar folders rondgebracht en ook nog een tijdje geadresseerde reclame voor dezelfde firma. Ik paste ook regelmatig op mijn 2 buurmeisjes en op de 3 kinderen van de overburen. Daarna heb ik 6 jaar als postbode bij TPG gewerkt. Een half jaar in een magazijn voor schoolartikelen (order picken en inpakken), een jaar als assistent administratie bij hetzelfde bedrijf. Ruim 5,5 jaar in de souvenirwinkels van Safaripark Beekse Bergen. En via het uitzendbureau nog een tijdje als administratief medewerkster bij een taxibedrijf, als inpakker bij een kaarsenfabriek en in een magazijn voor sportkleding. Nu werk ik weer bij PostNL, maar het liefste zou ik een baan willen die aansluit bij mijn studie.
  55. Nieuwe en spannende dingen die je wilt delen?  Ik hoop heel erg dat ik door mag naar het tweede studiejaar. Dan kan ik echt de richting Archivistiek op en de vakken zien er interessant uit. Ook ben ik nog op zoek naar een stage. Wel heb ik al vrijwilligerswerk gevonden en ik ben dus met deze blog begonnen. Ik wil ook nog wat aan doen met de website van de Kanovereniging.

 

Wandelen: Galgeven

Deze ochtend was ik al vroeg in het bos om een wandeling te maken. De keuze viel op een rondje van ongeveer vijf kilometer dat ik regelmatig loop, rondom het Galgeven. Veel mensen weten niet eens van het bestaan van dit stuk bos. Het is van Brabants Landschap en de meeste toeristen gaan wandelen in de bossen van Natuurmonumenten. Ik had het bos dan ook helemaal voor mij alleen, want ik ben niemand tegengekomen.

Het gebied van het Galgeven grenst aan dat van Ter Braakloop. Vroeger werd het ook wel het Berghven genoemd. Het ven ziet er mooi uit, maar is sterk verontreinigt geweest, doordat het begin 19e eeuw lang is gebruikt als water om wol in te vollen door de textielfabrikant Van den Bergh. Vollen is het doen krimpen van weefsel om het zwaarder en sterker te maken. In deze tijd stond er een windvolmolen aan het ven en waren er huisjes voor de arbeiders. Hier is helemaal niets meer van terug te vinden. Alleen enkele vreemde, aangeplante bomen (linde en zomereik) geven de plek aan waar de kleine nederzetting was te vinden, aan de noordzijde van het ven. Door het vollen kwamen er hoge concentraties cadmium en aluminium in het Galgeven, waardoor de zuurgraad zo hoog werd, dat er geen planten meer in konden leven. In opdracht van Brabants Landschap is er in 2005 een 130 meter diepe put gegraven met een pomp die kalkrijk grondwater in het ven pompt. Hierdoor moet de zuurgraad in het ven langzaam afnemen en hopelijk komen de planten (oeverkruid, biesvaren en waterlobelia) hierdoor terug. Er groeit nog wel kleine zonnedauw. In de kleinere vennen rondom het grote van groeien wel waterdrieblad en moerashertshooi.

Er heeft in vroegere tijden ook een galg bij het ven gestaan, vandaar dus de naam. Het Galgeven is met 30 hectare één van de grootste vennen van Oisterwijk.

Er zijn in de loop van de tijd ook veel mensen verdronken in het ven, dit komt door het kwelwater, grondwaterplekken die het hele jaar door dezelfde temperatuur hebben. Dit veroorzaakt kramp bij zwemmers. Op deze plekken is het ijs ook dunner, dus ook gevaarlijk voor schaatsers. De steen die sinds enkele jaren aan de rand van het ven ligt, is een monument voor iemand die in het ven verdronken is.

Bovenstaande tekst komt uit “Brabant in de Ban van Buiten”, een uitgave van Brabants Landschap.

Er lopen verschillende gemarkeerde wandelpaden door deze bossen, maar ik loop altijd mijn eigen rondje. Vroeger lag er een prikkeldraadversperring rondom het ven en kon je er maar op twee plaatsen bijkomen. Nu zijn er meerder paden opengesteld en kun je ook van het Galgeven naar de nabijgelegen Pierenberg lopen, wat ik meestal doe. Wel zijn er enkele, zeer modderige paden op deze route te vinden. Mooie uitzichten zijn er ook genoeg, ik heb  meer dan 100 foto’s van wandelingen rondom dit ven. De foto’s in dit stukje zijn vanmorgen gemaakt. Ik heb ook nog de stiekeme wens om een keer te gaan kanoën op dit ven, maar dat mag eigenlijk niet.

Wat zit er mijn portemonnee?

Ik heb al heel lang dezelfde portemonnee, volgens mij zelfs al sinds ik 15 of 16 jaar oud ben. Hij is blauw en hij komt van de Hema. Gewoon een simpel ding met veel vakjes. Hij is nog steeds niet versleten, dus ik denk dat hij voorlopig nog wel mee gaat.

Maar wat zit er nou eigenlijk in die portemonnee? Meer pasjes, dan geld in ieder geval. Er is een vakje met muntgeld, hier zit meestal wel een paar euro in voor onverwachte zaken. Ook zit hier een winkelwagenmuntje in met het logo van de Albert Heijn. Niet dat ik nou zo heel vaak een winkelwagentje gebruik, ik gebruik eigenlijk altijd een mandje. Tenzij ik bier ga halen voor de kanovereniging, dan komt het winkelwagenmuntje dus ineens van pas.

Er is ook een groot vak voor briefgeld. Meestal is dit leeg. Ik pin eigenlijk alles, ook kleine bedragen. Alleen als ik naar een evenement ga, pin ik meestal een paar tientjes, voor het geval je ergens niet met pin kan betalen. Als ik op vakantie ga neem ik ook altijd wel wat contant briefgeld mee. Ook zitten in dit vak 2 cadeaukaarten. Eentje van de Hema en eentje van de Etos. Die zullen er niet lang meer inzitten, want ze zijn beiden bijna op.

aangepaste pasjesfoto

Verder heb ik net als de meeste mensen, hoofdzakelijk pasjes in mijn portemonnee zitten. Ik ging ze eens even tellen en ik kwam tot 17 pasjes…best wel veel eigenlijk.

Het leek me wel leuk om even alle pasjes kort te behandelen.

  1. Pinpas: die heb ik dus altijd bij, want ik pin echt alles. Ik zit bij de ING-bank en heb al jarenlang een design met zebra’s. Het is geen eigen foto, maar een standaard-design. Ik vind hem eigenlijk wel best.
  2. Pinpas van de Kanovereniging: ik zit in de barcommissie van de kanovereniging en dat betekend dat ik ook de inkopen doe. Daarom heb ik een pinpas van de kanovereniging. Die is van de Rabobank.
  3. Pasje van de Sligro: dit pasje heb ik dus ook vanwege het lidmaatschap van de barcommissie. De meeste spullen worden ingekocht bij groothandel de Sligro. Ik vind dat een leuke winkel om doorheen te lopen, maar echt goedkoop is het niet.
  4. Museumjaarkaart: Die heb ik dus voor mijn verjaardag gevraagd aan mijn ouders en ook gekregen. Ondertussen heb ik er 3 musea mee bezocht, maar de zomervakantie komt eraan, dus dan wil ik er optimaal gebruik van gaan maken. Hij is een jaar geldig, nog tot half april 2017, dus ik heb nog even de tijd.
  5. Klantenkaart van de Emté: eigenlijk is dit de bonuskaart van de supermarkt de Emté. Zelf noemen ze het de Fijnproeverspas. Je krijgt een punt voor elke bestede euro en die kun je dan later weer inruilen voor artikelen, veel keukenartikelen, maar ook voor uitstapjes ofzo. Ik heb ondertussen best veel punten, maar er nog nooit iets mee gedaan. Wat ik wel handig vind, is dat je de kaart zelf kan scannen bij de kassa, terwijl ze de boodschappen aan het scannen zijn.
  6. Bonuskaart van de Albert Heijn: tja, wie heeft hem niet, de bonuskaart van de AH. Ik kom er best vaak, dus een bonuskaart is wel handig. Ik heb hem echter nooit geactiveerd, dus hij staat niet op naam.
  7. Airmilespasje: Deze heb ik ook al heel erg lang, al langer dan 10 jaar volgens mij. Het tikt alleen niet meer zo hard door, alleen als ik bij de AH kom en soms bij de Etos of de Praxis. Toen ik nog een auto had, vlogen mijn airmiles bij elke tankbeurt bij de Shell snel omhoog. Airmiles ruilde ik eerst altijd in voor korting op Disney-dvd’s bij de AH. Maar de AH (tenminste die in mijn woonplaats) verkoopt geen dvd’s meer, dus nu zet ik ze in als korting bij Bol.com. Ik vind het trouwens wel jammer dat je geen airmiles krijgt bij je bestellingen bij Bol.com zelf en dat de airmileskorting niet geldt voor boeken.
  8. Studentenkaart: Dit is mijn studentenkaart van de Hogeschool van Amsterdam. Je hebt hem nodig als identificatie bij tentamens en kunt er in het schoolgebouw dingen mee betalen.
  9. OV-chipkaart: Ook al zo’n onmisbaar item in mijn portemonnee. Ik reis wekelijks met de trein. Naar school dus, maar ook wel regelmatig naar andere steden, omdat ik geen auto heb. Ik heb een persoonlijke OV-kaart en er staan twee abonnementen op: een Voordeelurenabonnement, zodat ik buiten de spits met 40% kan reizen en een abonnement op OV-fiets. Ik overweeg trouwens om van abonnement te veranderen, maar daarover een andere keer meer.
  10. Bibliotheekpasje: Als boekenfreak ben ik sinds een tijdje toch maar weer lid geworden van de bibliotheek. Ik ben heel lang geen lid geweest, omdat ik veel eigen boeken heb. Maar dit is ook wel fijn: nu kan ik boeken lenen die ik eigenlijk niet wil kopen, of boeken waar ik nieuwsgierig naar ben. En ik leen ook wel boeken voor school. Tegenwoordig kun je met 1 pasje bij alle bibliotheken van Midden-Brabant boeken lenen. Je moet de boeken wel weer inleveren bij de vestiging waar je ze geleend hebt. Ik weet nog dat ik als tiener twee pasjes had: eentje voor de bieb in mijn woonplaats en eentje voor de bieb van Tilburg. Ik ga meestal in Tilburg boeken lenen, omdat ze daar een heel grote bibliotheek hebben. Ik heb een klein abonnement, dan kun je 50 boeken op jaarbasis lenen, maar ik weet niet of ik het daar mee ga redden, dus misschien zet ik het nog om in een onbeperkt abonnement.
  11. Zorgverzekeringspasje: Het pasje van mijn zorgverzekering. Ik geloof dat je dat ook bij je moet hebben, dus heb ik het maar in mijn portemonnee gestopt. Volgens mij krijg ik elk jaar een nieuwe, maar ik heb het pas 1x hoeven laten zien: bij de podoloog om te bewijzen dat ik verzekerd was. Bij de huisarts en de apotheek staat het gewoon in het systeem.
  12. Rijbewijs: Ik was één van de laatsten in Nederland die nog zo’n boekje als rijbewijs kregen. Het enige voordeel aan dat boekje was, dat je het meteen mee kreeg op de dag dat je geslaagd was. Nu moet je een week ofzo wachten. Maar dat boekje is dus superonhandig om mee te nemen, het paste niet in mijn portemonnee. Ik ben het dus uiteindelijk verloren en toen moest ik een nieuw rijbewijs aanvragen. Nu heb ik een pasje, veel handiger. Alleen rijd ik, sinds ik geen auto meer heb, bijna nooit meer auto. Gemiddeld maar 1x per maand of zelfs nog minder. Toch ben ik wel blij dat ik toen mijn rijbewijs heb gehaald.
  13. Identiteitskaart: Tja, een ID-kaart die moet je nu eenmaal verplicht hebben en eigenlijk ook nog overal mee naartoe slepen. Volgens mij is dit al mijn vierde  exemplaar. Mijn allereerste was nog zo’n grote kaart in een hoesje. Deze is nu 10 jaar geldig, mooi, want die dingen zijn in mijn ogen belachelijk duur voor een plastic kaartje.
  14. IKEA-familycard: Ja, voor mijn enorm grote 1-persoons familie, bestaande uit me, myself and I. Ik heb dus al jaren zo’n familycard voor de gratis thee. Ook heb ik een aantal prentenboeken van IKEA (voor mijn imaginaire toekomstige kinderen, haha) en daar krijg je dan ook korting op.
  15. Kruidvat-voordeelkaart: De voordeelkaart van het Kruidvat. Die heb ik twee en ik weet niet welke nou de goede is, dus hij is nu al maandenlang niet gescand. Bij het Kruidvat zie ik het voordeel eerlijk gezegd ook niet zo.
  16. Lidmaatschapspasje van Natuurmonumenten: Nou ja pasje, het is meer een geplastificeerd kartonnetje. Ik ben lid van Natuurmonumenten, het goedkoopste lidmaatschap. Ik vind het belangrijk dat de natuur blijft bestaan, dus dit is het goede doel waar ik aan wil bijdragen. Verder krijg je een (best wel leuk) tijdschrift en korting op artikelen in de shops in hun bezoekerscentra. Gezien het feit er een groot bezoekerscentrum in mijn woonplaats is, maak ik daar wel eens gebruik van.
  17. Lidmaatschapspasje van Brabants Landschap: Ook dit is meer een geplastificeerd kartonnetje. Om dezelfde reden lid als van Natuurmonumenten: ik wil dat de natuur blijft bestaan. Eén van mijn favoriete wandellocaties is van Brabants Landschap. Verder is dit echt een heel goedkoop lidmaatschap en je krijgt ook nog een tijdschrift en je mag gratis in het Natuurmuseum in Tilburg en in Kasteel Heeswijk. Je kreeg ook nog een boek over alle natuurgebieden van Brabants Landschap.
  18. Donorcodocil: Staat niet op de foto, maar die heb ik wel eentje in mijn portemonnee zitten. Met de keuze erop aangekruist dat ze alles van me mogen hebben. Lijkt me wel een mooi idee dat er dan een stuk van mij voortleeft in een ander. Maar voorlopig wil ik zelf nog graag gebruik maken van mijn organen. Het lijkt me trouwens wel handig als dit digitaal gaat, want dat ding van mij is echt een vodje.

Ik heb ook nog een creditcard, maar die ligt thuis. Die gebruik ik hoofdzakelijk om spullen uit het buitenland te betalen. In Nederland zelf voldoet mijn pinpas uitstekend voor betalingen. Verder heb ik ook nog pasjes van winkels waar ik nauwelijks kom, zoals de Beversport en eh de V&D (die kan dus wel weg). En een patiëntenpasje van het ziekenhuis, maar daar kom ik gelukkig ook niet dagelijks. Dat is wel eeuwig geldig, dus ik houd het maar voor als ik het nog eens nodig heb. Ook bezit ik een abonnement op het buitenzwembad, dat krijg ik gratis omdat ik lid ben van de Kanovereniging, die daar gevestigd is met het clubhuis. Maar dat is een heel onhandige, grote, kartonnen kaart, die ik ook zelden tot nooit gebruik.

Pfft, wat een pasjes sleep je eigenlijk met je mee. Best grappig om ze eens te tellen.

Rijksmuseum

Na een vroege ochtend op school met een tentamen (ging goed) en het gesprek met de eindexamencommissie (valt nog niets over te zeggen), was ik al vroeg klaar. Dus besloot ik om, nu ik toch in Amsterdam was, de tijd nuttig te besteden. Voor mijn verjaardag kreeg ik een Museumjaarkaart, maar omdat het de afgelopen weken nogal druk was, heb ik hem pas 2x gebruikt. In de zomervakantie wil ik hem heel vaak gaan inzetten, maar voor nu besloot ik eens een kijkje te gaan nemen in het Rijksmuseum. Ik wandelde er vanaf school naartoe met behulp van de kaart in mijn GPS en pakte meteen de cache mee, die verstopt ligt op de brug bij de Heineken Experience.

Het Rijksmuseum is al een mooi gebouw natuurlijk. Mooie ontvangsthal ook, waar ik dus mooi gratis kon doorlopen met mijn Museumjaarkaart. Bespaar ik toch weer 17,50 euro mee. Ook is er een gratis garderobe, want mijn rugzak mocht niet mee naar binnen.  Het museum zelf vond ik het nogal chaotisch, maar dat kwam vooral omdat het heel erg druk was vandaag. Heel veel Japanners, heel veel Engelsen, volgens mij ook Spanjaarden en dan nog hordes schoolklassen. Ook de opstelling van de kunstwerken vond ik niet overal even praktisch. Dan is het museum best wel groot, dus er is gewoon te veel te zien en je krijgt te veel indrukken te verwerken. Ik tenminste wel.

Wat vond ik het mooiste van de collectie? Tja, natuurlijk is het leuk om de Nachtwacht eens in het echt te zien. Het beroemde schilderij wordt gewoon bewaakt door twee mensen. Ik vind het ook echt wel mooi, jammer ook dat er ooit een stuk van afgezaagd is, dat gewoon weg is gegooid. Rembrandt verdiende 1600 gulden met dit schilderij…was voor die tijd vast veel geld, maar als je dan nagaat dat het nu miljoenen waard is…

Er hingen ook mooie schilderijen in de zaal met de zeeslagen en ergens hing een schilderij met dieren en fabeldieren van Paulus Potter, dat mij ook aansprak.

Toch is schilderkunst niet mijn favoriete vorm van kunst.

Op de middelbare school maakte ik een werkstuk over de Nederlandse ontdekkingsreiziger Willem Barentsz. waar ik een 9.8 voor haalde. Sindsdien ben ik altijd geïnteresseerd geweest in zijn geschiedenis, dus ik heb wel een tijdje voor de vitrine gestaan waarin spullen lagen, die gevonden waren in de restanten van het Behouden Huys op Nova Zembla.

Ook de scheepsmodellen vond ik mooi en iets verderop de beschilderde piano’s in het muziekgedeelte.

Het allermooiste is echter de bibliotheek. Wow! Blijkbaar staat er 5 kilometer aan boeken. Als echte boekenfreak, word ik daar wel heel blij van om zoiets te zien.

Het Rijksmuseum is trouwens ontworpen door de architect Pierre Cuypers, dezelfde man die de inrichting van Kasteel de Haar (waar ik in april ook ben geweest met mijn museumjaarkaart) heeft ontworpen. De kerk in mijn woonplaats is ook van zijn hand. Zowel in Kasteel de Haar, als in het Rijksmuseum zie je de kerkelijke boogconstructies terug. Dat is wel echt een kenmerk van hem.

Uiteindelijk heb ik zo’n 3,5 uur rondgekeken in het museum. Toen was ik de drukte helemaal zat en ben ik naar buiten gegaan. Dat is dan weer het voordeel van gratis naar binnen mogen, dan voel ik me niet verplicht om heel lang te blijven. Misschien dat ik in de winter nog eens terug ga, het schijnt dat het dan rustiger is.

Ik ging trouwens naar huis via station Amsterdam RAI, waar ik nog nooit eerder geweest was. Maar ik had ontdekt dat je hier ook een webcam-cache kon doen, dus zette ik mijn moeder aan het werk met het bedienen van de webcam. Na veel moeite is het gelukt. Het is verder geen aanrader om via dit station te reizen, want het is met de sprinter vanaf Amsterdam RAI drie kwartier naar Utrecht. Zo deed ik dus 2,5 uur over de terugreis naar huis. Ondanks dat ik vandaag dus zo’n 4,5 uur in totaal in de trein heb doorgebracht, ben ik 0x gecontroleerd. Je vraagt je toch af of er nog wel conducteurs bestaan.

Boos

Vandaag kwamen de cijfers voor Bedrijfskunde online. Ik heb een 8. Een cijfer waar je een gat van in de lucht zou moeten springen. Maar helaas voor mij een cijfer waar ik op dit moment helemaal niets aan heb. Bedrijfskunde is namelijk onderdeel van het grotere vak Werkervaring. En ik ga Werkervaring niet halen, omdat mijn werk niet voldoet en ik niet voldoende activiteiten heb gedaan om als vervanging te dienen. En bij Werkervaring is het alles of niets: je krijgt alle studiepunten of je krijgt niets. Dus met deze 8 voor Bedrijfskunde koop ik op dit moment helemaal niets. Alleen maar een  “voldaan” op het lijstje, voor in mijn Werkervaringsdossier. Ook nog een leuk weetje: we moesten voor Bedrijfskunde dus een bedrijfsanalyse + projectbegroting maken en ik deed dat over het bedrijf waar ik nu werk: PostNL. Het werk dus, dat niet voldoet voor Werkervaring. Het is soms zo krom.

Het zou eerlijker zijn als je de studiepunten van Werkervaring wel in delen zou kunnen verdienen. Zodat ik nu gewoon wat punten had verdient met die 8 voor Bedrijfskunde. En ook wat punten door het afronden van Automatisering (bewijzen dat je Word, Excel en PowerPoint kan gebruiken). En dan nog wat punten voor deelname aan de excursies en de verslagen daarvan en voor alle andere lijstjes die in dat dossier moeten.

Dan had ik namelijk gewoon 50 studiepunten gehad en mocht ik zonder twijfels door naar het tweede studiejaar. Wat nu dus niet gaat lukken. Als ik alle andere vakken ga halen, haal ik 40 punten studiepunten. En dan krijg je dus een negatief BSA. En moet je jezelf gaan verdedigen voor de Examencommissie, alsof je een soort van zware studie-misdadiger bent. Terwijl ik dus alle vakken tot nu toe met positieve resultaten heb behaald, op één herkansing na, die ik volgende week alsnog hoop te behalen.

Natuurlijk is het ook deels mijn eigen schuld. Ik had bijvoorbeeld meteen met een blog moeten beginnen op de dag van de Studiekeuzecheckdag, vorig jaar juni. Met deze blog ben ik simpelweg 11 maanden te laat begonnen dus. En ik had een stage of vrijwilligerswerk moeten zoeken. Maar ik ben te lang bezig geweest met focus op een universitaire studie en met sollicitaties die toch geen nut bleken te hebben, want geen bewezen hbo werk- en denkniveau en geen werkervaring in deze sector.

Goed, met deze blog en de uitnodiging voor een bijeenkomst voor vrijwilligerswerk voor een project van de bibliotheek heb ik in ieder geval vast ijzers in het vuur voor het komende schooljaar Werkervaring. Als ik naar dat tweede studiejaar mag, tenminste. Dus duim maar dat de Examencommissie morgen een beetje aardig voor mij is. En duim dan meteen dat ik mijn tentamen Media & Maatschappij haal, want dat zijn ook weer een paar studiepunten erbij. Dit alles al in de ochtenduren in Amsterdam, dus de wekker staat weer vroeg.

school-year

Ehm ja, maar eerst dus nog:

  • Tentamen Media & Maatschappij
  • Verdediging negatief BSA bij de Examencommissie
  • Assessment voor Werkervaring
  • Herkansing tentamen Organisatiekunde
  • Film afmaken voor Audiovisuele Media
  • Werkervaringsdossier compleet maken

Back to school #2: de tweede brugklas

In de tweede brugklas havo/vwo zat ik op dezelfde school en had ik voor een groot gedeelte dezelfde klas. Er waren een paar leerlingen naar een andere klas of een andere niveau gegaan en daar hadden wij ook een paar andere klasgenoten voor in de plaats gekregen. Helaas zat hier één heel vervelend jongen bij, met wie ik gedurende dit schooljaar wel een paar keer overhoop heb gelegen. Hij was van het type: “Later word ik tandarts. Nee, dat vind ik helemaal geen leuk beroep, maar het verdient heel erg goed en ik wil rijk worden.” Hij had een vriendje die een echte meeloper was en alles deed wat hij zei. Hij was dus van het pesterige type en ik was één van zijn vele slachtoffers.

Ook hadden we eens in de twee weken maar liefst 9 uur les, van 8.30 uur ’s morgens tot 16.40 uur ’s middags. Haha, als ik nu het rooster van sommige collegedagen op het hbo bekijk, moet ik er om lachen. Op de middelbare school had je tenminste nog pauze tussendoor (op het hbo vaak niet). En waren de laatste twee uur handvaardigheid (wel van een erg vreemde docent).

In de week voor Pasen bestond de middelbare school 25 jaar. Dat werd natuurlijk gevierd met een groot feest. Ik herinner me nog dat we voor een foto met alle leerlingen en docenten in de vorm van het getal 25 op het schoolplein moesten staan. Die foto kwam toen in de krant. Maar het beste was het feestontbijt. Wij zaten als klas bij elkaar en onze mentor zat ook bij ons. Omdat het dus de week voor Pasen was, had iedereen een chocoladekip bij zijn bordje staan. Maar ja, er waren ook allerlei soorten broodjes, peperkoek, eierkoek enzo, dus iedereen had echt wel meer dan genoeg op en de meesten lieten die chocololadekip staan of namen het mee naar huis. Mentor E. (gefingeerde letter) had al behoorlijk wat broodjes achter z’n kiezen en ging niet mee naar buiten voor de foto. Toen we terug kwamen van buiten waren ineens alle chocoladekippen rondom zijn zitplaats verdwenen. Ik verdenk hem er nog steeds van dat hij die allemaal naar binnen heeft zitten proppen, tijdens het foto-moment.

Nog iets over mentor E.: hij was van het type die aan het einde van het schooljaar nog steeds niet de goede naam bij het juiste gezicht wist te benoemen bij zijn eigen mentorklas. Hij woonde in het gegoede deel van mijn woonplaats. Jaren later ging ik bij de post werken en ik heb heel lang de post rondgebracht in de gegoede wijk, ook wel de “goudkust” genoemd. Laat de oprit van het riante huis van voormalig mentor E. nou net het nabrengadres van die postwijk zijn. Mentor E. kwam regelmatig een praatje maken met mij, maar had geen flauw idee dat hij ooit mijn mentor was geweest. Ik heb dat ook nooit verteld, want iedere keer als ik hem zag moest ik aan die chocoladekippen denken…

In de tweede klas waren mijn resultaten voor de meeste vakken nog steeds best goed. Maar ik begon wel een probleem te krijgen met de taalvakken. Zolang het alleen lezen of woordjes leren was, ging het prima. Maar ik had grootste moeite met de grammatica van vooral Engels en ook wel van Duits en Frans. Terwijl ik een kei was/ben  in Nederlandse grammatica.

Uiteindelijk werd aan het einde van het schooljaar besloten dat ik atheneum zou gaan doen. Van mijn klas gingen er maar 8 leerlingen naar het atheneum, dus ik zou sowieso een andere klas krijgen in het volgende schooljaar.

Loesje en visie op school